The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Gospel Library General Conference
Conferences
April 2000
Als getuigenis in de hele wereld
 NextArrow icon acting as a button to Next Page  

Als getuigenis in de hele wereld

President Gordon B. Hinckley

Dit formidabele gebouw (. . .) vanwaar de stemmen van de profeten als getuigenis in de hele wereld zullen doorklinken, dat Jezus Christus de Heiland van het mensdom is.

President Gordon B. Hinckley

Geliefde broeders en zusters, wat vormt u een prachtige aanblik, deze enorme groep heiligen der laatste dagen in deze prachtige, nieuwe zaal.

Het orgel is nog niet klaar, en er zijn nog wat bouwkundige details te verzorgen. Maar gelukkig is het werk wel zover gevorderd dat we het gebouw voor deze conferentie kunnen gebruiken. Toen ik er ongeveer een jaar geleden over sprak, zei ik dat we het misschien niet meteen helemaal zouden kunnen vullen. Er zijn drie keer zoveel zitplaatsen als in de Tabernakel. Maar toch hebben we nu al te weinig ruimte, want alle stoelen zijn bezet.

Tijdens de vier algemene bijeenkomsten en de priesterschapsbijeenkomst kunnen we in totaal ongeveer honderdduizend mensen een plaats bieden. We hebben echter 370 duizend aanvragen voor kaartjes gehad. Velen die hier niet meer in kunnen, krijgen een plaats in de Tabernakel en de Assembly Hall. Maar ondanks dat zullen toch heel veel mensen teleurgesteld zijn. Wij bieden onze verontschuldigingen aan. Wij vragen uw vergeving. Wij zijn niet bij machte daar wat aan te doen. Er willen zoveel mensen naar deze eerste conferentie in de nieuwe zaal. Helaas is dat onmogelijk. Ik was nogal geschokt toen ik hoorde dat de mensen van mijn eigen wijk, hier heel dichtbij, mensen die ik liefheb, geen kaartjes hebben gekregen.

Maar we zijn dankbaar dat de heiligen der laatste dagen zo enthousiast over deze nieuwe vergaderzaal zijn. Ik hoop dat dit enthousiasme blijvend is, en dat we in de toekomst bij elke conferentie een volle zaal zullen hebben.

Dit is de nieuwste in een serie vergaderplaatsen die ons volk gebouwd heeft. Toen ze in deze vallei arriveerden, bouwden ze eerst een bowery. Die bood bescherming tegen de zon, maar verschafte geen warmte en erg weinig comfort. Toen bouwden ze de oude Tabernakel. Die werd gevolgd door de nieuwe Tabernakel, die nu al meer dan 130 jaar zo goed dienst heeft gedaan.

Nu, in deze historische tijd, bij de geboorte van een nieuwe eeuw en het begin van een nieuw millennium, hebben we dit nieuwe, fantastische conferentiecentrum gebouwd.

Elke onderneming in het verleden was een avontuur, vooral de Tabernakel. Die was uniek van ontwerp. Niemand had ooit zo'n gebouw gebouwd. Hij is nog steeds uniek. Het is een geweldig gebouw geweest, en dat zal het blijven. Het blijft leven, want ik geloof dat een gebouw eigenlijk een eigen leven leidt. Het zal ons nog lang blijven dienen.

De bouw van dit gebouw is een stoutmoedige onderneming geweest. We hebben ons er zorgen over gemaakt. We hebben erover gebeden. We hebben geluisterd naar de ingevingen die de Geest ons erover gaf. En alleen toen we de bevestigende stem van de Heer voelden, besloten we om ermee door te gaan.

Tijdens de algemene aprilconferentie van 1996 heb ik gezegd: 'Het spijt mij dat zovelen die met ons in de Tabernakel bijeen willen komen vanochtend, er niet in kunnen. Er zijn veel mensen op het terrein buiten. Dit unieke en opmerkelijke gebouw, dat gebouwd is door onze pionier-voorouders, en is toegewijd aan de aanbidding van de Heer, kan met gemak zesduizend mensen herbergen. Sommigen van u die op die harde houten banken zitten, zouden dat woord gemak echter in twijfel kunnen trekken.

'Mijn hart gaat uit naar allen die binnen wilden, maar geen plaats konden krijgen. Ongeveer een jaar geleden heb ik de broeders gesuggereerd dat de tijd misschien is gekomen om te kijken hoe realistisch het is om een ander gebouw voor onze aanbidding te bouwen, een veel groter gebouw dat misschien wel drie of vier keer het aantal zitplaatsen van dit gebouw zou hebben.' (De Ster, juli 1996, blz. 61.)

Dat visioen van een nieuw gebouw zag ik heel duidelijk voor me. Er werden verschillende architectonische stijlen bestudeerd. Uiteindelijk werd er een gekozen. Het ontwerp omvatte een enorme zaal met 21 duizend zitplaatsen, en een theater met nog eens duizend zitplaatsen. Er zouden geen dragende pilaren zijn die het zicht op de spreker zouden benemen. Er zouden bomen en stromend water op het dak komen.

Op 24 juli 1997 werd de eerste spade gestoken, op de honderdvijftigste verjaardag van de aankomst van de pioniers in deze vallei. Dat was een historische gebeurtenis.

We wisten dit toen nog niet, maar in 1853 heeft Brigham Young met betrekking tot tempels gezegd: 'De tijd zal komen dat (. . .) we (. . .) op het dak bomen zullen planten en visvijvers aanleggen.' (Deseret News Weekly, 30 april 1853.)

In 1924 heeft ouderling James E. Talmage van de Twaalf geschreven: 'Ik heb al lang de mogelijkheid gezien dat er ten noorden van de Tabernakel een groot paviljoen gebouwd zal worden met misschien wel twintigduizend zitplaatsen, of twee keer dat aantal, met versterkers die het mogelijk maken om alle toespraken te horen die vanaf het podium in de Tabernakel gehouden worden, en bovendien een systeem om ze uit te zenden, met in de kerkgebouwen of andere vergaderplaatsen in het hele berggebied ontvangers.' (Dagboek van James E. Talmage, 29 augustus 1924, Special Collections and Manuscripts, Harold B. Lee Library, Brigham Young University, Provo, Utah.)

In 1940 lieten het Eerste Presidium en de Twaalf hun architect een ontwerp maken voor een gebouw met negentienduizend zitplaatsen, dat op deze plek zou komen. Dat was zestig jaar geleden. Ze dachten erover na, bespraken het, maar lieten het idee uiteindelijk vallen.

Die uitspraken en daden waren wonderbaarlijk profetisch. Wij wisten er niets van. Ze zijn allemaal onder onze aandacht gekomen sinds we aan de bouw begonnen zijn.

We hebben geen tempel gebouwd met bomen en visvijvers op het dak. Maar op dit heilige gebouw hebben we veel bomen en stromend water. Brigham Young kan dit gebouw zo dichtbij de tempel al voorzien hebben. Wij hebben nu waar broeder Talmage aan dacht, en nog veel, veel meer. Deze bijeenkomsten worden niet alleen gehoord door allen die in het conferentiecentrum zitten, maar ze worden via de radio, tv en kabel doorgegeven, en worden per satelliet uitgezonden naar Europa, Mexico en Zuid-Amerika. Wij bereiken een veel groter gebied dan het berggebied waarover broeder Talmage het had. Wij bereiken een gebied ver over de grenzen van de Verenigde Staten en Canada. Wij bereiken in feite de hele wereld.

Dit is echt een schitterend gebouw. Ik ken geen enkel soortgelijk gebouw dat in eerste instantie als plek van aanbidding gebouwd is, dat zo groot is en zoveel zitplaatsen heeft. Het heeft een prachtig ontwerp, het is mooi afgewerkt en gemeubileerd en is uiterst nuttig. Het is van gewapend beton gebouwd, naar de hoogste seismische normen voor dit gebied. Het beton is afgewerkt met graniet uit dezelfde groeve als het gesteente van de tempel. Beide gebouwen vertonen dezelfde vlekken in het graniet.

Het interieur is prachtig, en wonderbaarlijk indrukwekkend. Het is gigantisch, en is zo gebouwd dat niets het zicht op de spreker beneemt. De tapijten, de marmeren vloeren, de gedecoreerde muren, het mooie hang- en sluitwerk en het prachtige hout stralen alle nut uit, maar zijn tegelijk bijzonder fraai.

Het zal een geweldige uitbreiding van deze stad blijken te zijn. Er zullen hier niet alleen algemene conferenties worden gehouden, en enkele andere godsdienstoefeningen, maar het zal ook dienen als cultureel centrum voor de allerbeste artistieke presentaties. Wij hopen dat hier ook mensen zullen komen die niet van ons geloof zijn, dat ze de ambiance van deze prachtige plek zullen ervaren, en dankbaar zullen zijn dat hij bestaat. We danken allen die zo hard hebben gewerkt om zo ver te komen: de architecten met wie wij zo vaak vergaderd hebben; de hoofdaannemers, die met z'n drieën hebben samengewerkt; de onderaannemers; en de honderden vaklieden die hier hebben gewerkt; de hoofdopziener, de bouwinspecteurs van de gemeente, en allen die een bijdrage hebben geleverd aan dit project. Zij hebben gezamenlijk een herculische taak volbracht om ervoor te zorgen dat wij hier vanmorgen bijeen konden komen. Ik ben blij dat velen van hen hier aanwezig zijn.

En nu, broeders en zusters, wil ik u iets vertellen over een specifiek onderdeel van dit prachtige gebouw. Als ik een beetje persoonlijk en misschien zelfs sentimenteel word, dan hoop ik dat u mij dat zult vergeven.

Ik ben gek op bomen. Toen ik nog jong was, woonden we 's zomers op een boerderij, een fruitkwekerij. Elk jaar plantten we in dit seizoen bomen. Volgens mij is er sinds ik getrouwd ben nooit een voorjaar voorbijgegaan, behalve de twee of drie jaar dat we hier niet waren, of ik heb bomen geplant -- ten minste een of twee fruitbomen, schaduwgevende bomen, sierbomen, verschillende soorten sparren, en dennenbomen tussen de coniferen. Ik ben gek op bomen.

Ongeveer 36 jaar geleden heb ik een zwarte walnotenboom geplant. Dat was op een vrij volle plek, waar hij recht opgaand groeide, in de richting van het zonlicht. Een jaar geleden ging hij om de een of andere reden dood. Maar notenhout is kostbaar hout voor meubilair. Ik belde broeder Ben Banks van de Zeventig, die voordat hij voltijds voor de kerk ging werken in hardhout had gehandeld. Hij kwam met zijn twee zonen, de een is bisschop en de ander is pas ontheven als bisschop, en zij leiden nu zijn zaak, naar de boom kijken. Voor zover zij konden zien, was het degelijk, goed en prachtig hout. Een van hen suggereerde dat er een prachtig spreekgestoelte voor deze zaal uit kon worden gemaakt. Dat idee sprak me erg aan. De boom werd omgehakt en vervolgens in twee stukken gedeeld. Toen volgde het lange droogproces -- eerst op natuurlijke wijze, en daarna in een oven. De houtblokken werden in platen gezaagd in Salem (Utah). Daarna werden ze naar het houtbewerkingsbedrijf Fetzer gebracht, waar vaklieden dit fantastische spreekgestoelte ontwierpen en bouwden met dat hout.

Het eindproduct is prachtig. Ik wilde dat u het allemaal van dichtbij kon bekijken. Het is een staaltje van uitzonderlijk vakmanschap, en nu sta ik hier tot u te spreken vanaf de boom die ik in mijn achtertuin geplant heb, waar mijn kinderen gespeeld hebben en ook opgegroeid zijn.

Het is een emotionele kwestie voor me. Ik heb nog een of twee zwarte walnotenbomen geplant. Ik ben er al lang niet meer als ze volgroeid zijn. Maar als die tijd komt, en dit prachtige spreekgestoelte versleten is, misschien is een ervan dan goed genoeg om als vervanging te dienen. Ik wil ouderling Banks en zijn zoons, Ben en Bradley, en de vaklieden die dit ontworpen en gebouwd hebben, mijn grote dank betuigen omdat zij het mogelijk hebben gemaakt om dit formidabele gebouw een persoonlijk tintje te geven, dit gebouw vanwaar de stemmen van de profeten als getuigenis in de hele wereld zullen doorklinken, dat Jezus Christus de Heiland van het mensdom is.

Ik wil aan allen die dit heilige gebouw mogelijk hebben gemaakt, en u allen die hier bijeen bent voor deze historische gebeurtenis, mijn dank en waardering uitspreken, mijn liefde en dankbaarheid voor deze dag en voor dit heilige en prachtige huis van aanbidding. In de naam van Jezus Christus. Amen.

 
 NextArrow icon acting as a button to Next Page  
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy