Ouderling Harold G. Hillam
van het Presidium der Zeventig
Ik bid dat jullie eerbied voor heilige zaken zullen ontwikkelen, respect voor oudere mensen en de wil om de geboden te onderhouden. Ik bid dat jullie de Heiland willen leren kennen.
Tijdens de laatste algemene conferentie werd mijn aandacht op iets relatief onbelangrijks gevestigd. Een stropdas! Toen het kinderkoor aan het zingen was, werd een van de tv-camera's op een jongetje in het koor gericht. Hij dacht dat hij zichzelf op een van de monitors zag, maar wist het waarschijnlijk niet helemaal zeker. Dus deed hij het volgende: door zijn stropdas bijna onmerkbaar heen en weer te bewegen, wist hij het zeker -- ja -- hij was het werkelijk!
Door deze eenvoudige handeling kwamen er veel gedachten bij mij op. Toen ik naar die jongens en meisjes keek, dacht ik: deze kinderen vertegenwoordigen miljoenen jongens en meisjes over de hele wereld. Hoe zal deze geweldige kerk eruit zien als zij de leeftijd van de leiders hier hebben bereikt, en wat voor rol zullen ze in de opmerkelijke toekomst van de kerk spelen? Welke kinderen zullen in de wijk of ring werkzaam zijn? Zal er nu een toekomstig lid van de Twaalf naar de conferentie luisteren, of hier zelfs aanwezig zijn? Welke jongeman zal eenmaal als president van de kerk werkzaam zijn, als er miljoenen leden zijn bijgekomen?
Toen deze gedachten door mijn hoofd speelden, besefte ik dat jullie als jongeren nog veel moeten leren. Jullie zullen je moeten voorbereiden op die enorme taken in een tijd dat de tegenstander in de wereld ongehinderd tegenstand kan bieden aan alles wat goed en fatsoenlijk is. Jullie moeten nog veel leren, maar ik wil graag drie punten met jullie behandelen die volgens mij uitermate belangrijk zijn.
Ten eerste moeten jullie respect ontwikkelen voor alles wat heilig is en voor andere mensen, in het bijzonder volwassenen.
De Heer instrueerde Mozes uitgebreid in heilige zaken en op heilige plaatsen. Toen Mozes naar de brandende braamstruik liep die niet door vuur verteerd werd, gebood de Heer: 'Kom niet dichterbij: doe uw schoenen van uw voeten, want de plaats, waarop gij staat, is heilige grond' (Exodus 3:5). Ook wij hebben de kans om naar heilige plaatsen te gaan. Tempels, kerkgebouwen en jullie thuis behoren eerbied af te dwingen omdat ze heilig zijn.
Het is belangrijk dat jullie alles wat volgens de Heer heilig is, herkennen en waarderen. Vooral de heilige aard van jullie lichaam is erg belangrijk. De apostel Paulus noemde ons lichaam een tempel die we van God hebben gekregen (zie 1 Korintiërs 6:19). Wat erg als jullie je bepaalde kansen in het leven ontzeggen door opzettelijk je lichaam te ontsieren of je verstand door drugs te verdoven. Haal geen onzedelijke handelingen met je lichaam uit. Kleed je fatsoenlijk, en doe niet mee aan de slonzige mode. Als je de moed hebt om je bescheiden te kleden en modegrillen te vermijden, zul je merken dat zelfrespect een metgezel van gehoorzaamheid is, en dat de Heer je zal helpen.
Uit ons gedrag en onze kleding blijkt ons respect voor onze omgeving en onszelf. Daar wil ik graag een voorbeeld van geven. Een van de natuurlijke gevolgen van het zendingswerk is de verandering die nieuwe leden ondergaan, vooral jongetjes, jongemannen en vaders. Als ze naar de kerk gaan, willen ze er net zo uitzien als de zendelingen. Dat geeft duidelijk aan hoe belangrijk het is om er als lid van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen uit te zien.
De woorden van de profeten in de Schriften en in de hedendaagse openbaringen zijn ook heilig. Zij zijn het woord van de Heer aan ons. Behandel ze met respect, door er aandachtig naar te luisteren en ze in je leven toe te passen.
Jongelui, ik wil jullie aanmoedigen om altijd eerbiedig en beleefd te zijn jegens je ouders en andere mensen, in het bijzonder degenen die ouder zijn dan jullie. Mijn vader heeft me geleerd dat iedereen binnen en buiten de kerk een titel heeft, zoals mijnheer, mevrouw, broeder, zuster, bisschop, ouderling of president, en dat men ze met respect aanspreekt. Toen ik zes jaar was, bekrachtigde mijn vader dit beginsel toen ik me vreselijk vergiste en onze plaatselijke kruidenier bij zijn voornaam noemde. Toen we de winkel uitliepen, zei mijn vader resoluut dat ik geen respect had getoond voor een ouder iemand. Ik ben die ervaring nooit vergeten; zelfs nu, zestig jaar later, weet ik de naam van de kruidenier nog. Ik weet zelfs zijn voornaam nog.
Ten tweede is het belangrijk dat we er zelf voor moeten kiezen om de geboden te leren en te onderhouden. Voordat je je aan de geboden kunt houden, moet je weten wat ze inhouden. Je leert de geboden door de lessen die je krijgt. Daarom zijn de gezinsavond, de lessen op zondag en het seminarie zo belangrijk. Door gebed, schriftstudie en persoonlijke openbaring leer je de geboden door middel van de Geest kennen.
Je moet je gedachten zó rein houden dat je de zachte influisteringen van de Geest kunt herkennen en er gehoor aan kunt geven. Kies zorgvuldig uit wat voor informatie je in je denken toelaat. Vermijd het rommelige lawaai van de wereld. De televisie, films en vooral Internet kunnen je een adembenemend uitzicht op de wereld geven. Je kunt er opbouwende, goede en inspirerende informatie vinden. Maar onjuist gebruik van deze technologieën kan ertoe leiden dat onbetamelijke gedachten de overhand krijgen, zodat je de zachte influisteringen van de Geest niet kunt horen. Als je iedere dag in overeenstemming met de Geest leeft, net als de jonge profeet Samuël, kun je de Heer te zeggen: 'Spreek, want uw knecht hoort' (1 Samuël 3:10).
Ten derde is het belangrijk dat we liefde voor de Heiland ontwikkelen. Kennis over de Heiland is een natuurlijk onderdeel van jullie godsdienstige opleiding. De Heiland kennen vereist gehoorzaamheid, gebed, de nabijheid van de Geest, en openbaring.
Ik richt mij nu even tot de leerkrachten: tot u ouders, priesterschapsleiders, bisschoppen, ringpresidenten en leerkrachten in het jeugdwerk, de jongevrouwen, de jongemannen en de zondagsschool. De Heer heeft tegen iedereen gezegd dat 'de waarde van zielen groot is in Gods ogen' (LV 18:10). Wij hebben allemaal tot taak deze fijne jongemannen en jongevrouwen onderwijs en leiding te geven, en een voorbeeld voor hen te zijn. Zoals in een bekend liedje staat: 'Hoe zullen ze het weten, tenzij wij het ze vertellen?' En daar kunnen we misschien aan toevoegen: 'Hoe zullen ze het weten, tenzij wij het ze laten zien?' (Children's Songbook, blz. 182185.)
Iedere leider en iedere leerkracht, waar ook ter wereld, heeft de taak om door middel van de Geest in het evangelie te onderwijzen. De jongens en meisjes die u lesgeeft, hebben de kans om uitstekende ouders en toekomstige leiders van de kerk te worden. Ik hoop dat u zich hen in hun toekomstige taken kunt voorstellen. Ergens geeft een leerkracht les aan een jongeman die op een dag als profeet van God hier op het podium zal zitten. Wat een prachtige gelegenheid.
En nu wil ik me tot mijn jonge vriend met de stropdas richten, ja, je bent het echt. Jij en miljoenen anderen zullen -- als jullie je goed voorbereiden -- de getrouwe moeders en vaders in de kerk worden en de toekomstige leiders van de Heer. Jullie zullen de leerkrachten en leiders zijn die de kerk over de hele wereld verder zullen vestigen. Waarschijnlijk zul je af en toe in de spiegel moeten kijken en jezelf aan de grote zending moeten herinneren die voor je ligt. En misschien wil je dan wel even met je stropdas heen en weer zwaaien, om jezelf aan je belangrijke zending in de toekomst te herinneren. Ik hoop dat jullie je taken eerlijk en goed zullen vervullen.
Ik bid dat jullie eerbied voor heilige zaken zullen ontwikkelen, respect voor oudere mensen en de wil om de geboden te onderhouden. Ik bid dat jullie de Heiland willen leren kennen en zijn verzoening steeds beter zullen begrijpen. Ik vraag de Heer om jullie te helpen, en om jullie getuigenis te voegen bij die van de hedendaagse profeten en apostelen, die hebben gezegd: 'Wij getuigen, als zijn naar behoren geordende apostelen, dat Jezus de levende Christus is, de onsterfelijke Zoon van God. Hij is de grote Koning Immanuël, die Zich nu aan de rechterhand van zijn Vader bevindt. Hij is het licht, het leven en de hoop van de wereld. Zijn weg is het pad dat leidt tot geluk in dit leven en tot het eeuwige leven in de wereld hierna. God zij dank voor de weergaloze gave van zijn goddelijke Zoon.' ('De levende Christus -- het getuigenis van de apostelen.') Daarvan getuig ik in de naam van Jezus Christus. Amen.