The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Gospel Library General Conference
Conferences
oktober 2000
Dit geweldige jaar 2000

Dit geweldige jaar 2000

President Gordon B. Hinckley

'Dit werk heeft een vitaliteit zoals we nog nooit gezien hebben.'

President Gordon B. Hinckley

Broeders en zusters, wat biedt u een inspirerende aanblik. Kijk ik in de gezichten van de talrijke aanwezigen, en besef ik dat er over de hele wereld nog veel meer bijeen zijn, dan word ik overmand door een enorm gevoel van liefde voor u allen. Wat bent u toch geweldig. Ik bid dat de Heilige Geest mij zal leiden in mijn woorden.

Voordat wij vanochtend het gebouw betraden, hebben we de gevelsteen voor de hoeksteen van dit fijne, nieuwe gebouw gevoegd. Dat markeerde de voltooiing van dit gebouw.

We houden vast aan het symbolisme van de hoeksteen, ter gedachtenis aan de Zoon van God, omdat deze kerk op zijn leven en bediening is gebaseerd. Hij, en alleen Hij, is de Hoeksteen. Op Hem is een sterk fundament gebouwd van apostelen en profeten, en daarboven het 'bouwwerk, goed ineensluitend' (Efeziërs 2:21) dat De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen vormt.

Laat dus, zoals ik de groep die vanmorgen de hoeksteenceremonie bijwoonde er al aan herinnerde, dit symbool erkend worden als een voorstelling van de Verlosser van de wereld, de Zoon van God, de Heer Jezus Christus, wiens naam deze kerk draagt.

Ik ben erg dankbaar dat dit gebouw nu klaar is. We hebben het al voor de aprilconferentie gebruikt, en bij een andere gelegenheid afgelopen juni. Het was echter niet helemaal voltooid. We verklaren het nu voor voltooid, en hebben nu een permanente gebruiksvergunning.

Dit jaar 2000 is een opmerkelijk jaar geweest voor de kerk. Wij zijn over de hele wereld op alle terreinen gegroeid. We hebben nu meer dan elf miljoen leden. Dat is echt een mijlpaal.

Ik was er toen de kerk in 1947 het honderdjarige jubileum van de aankomst van de pioniers vierde. Bij die gelegenheid werd het This is the place-monument ingewijd. Er was een grote viering, met een schouwspel in de Tabernakel, dat de wereldwijde zending van de kerk voorstelde. Het thema dat als een rode draad overal doorheen liep, was dat de kerk in haar groei een miljoen leden had gekregen. Ongeveer de helft van hen woonde toen in Utah. Nu woont nog slechts zo'n vijftien procent hier, en toch hebben we hier meer leden dan ooit tevoren. De gedachte dat we nu meer dan elf miljoen leden hebben, is ontzagwekkend en geweldig, want het belooft wat voor de toekomst.

We zijn de hele wereld in gegaan, overal waar we werden toegelaten. We hebben in het evangelie onderwezen, dat in deze bedeling van de volheid der tijden is geopenbaard. We gaan nu naar gebieden waarvan je de naam in 1947 zelden hoorde. Ons zendingswerk heeft zich op wonderbaarlijke wijze uitgebreid.

Ik denk dat ik in de meeste gebieden ben geweest waar de kerk gevestigd is. Ik ben overal fijne mensen tegengekomen. Het zijn heiligen der laatste dagen in de ware zin van het woord. Zij streven ernaar de geboden na te leven.

Bij mijn ontmoetingen en gesprekken met hen, ben ik achter de ware betekenis van deze woorden van Paulus gekomen:

'[God] heeft uit één enkele het gehele menselijke geslacht gemaakt om op de ganse oppervlakte der aarde te wonen en Hij heeft de hun toegemeten tijden en de grenzen van hun woonplaatsen bepaald, opdat zij God zouden zoeken, of zij Hem al tastende vinden mochten, hoewel Hij niet ver is van eenieder van ons.

'Want in Hem leven wij, bewegen wij ons en zijn wij (. . .) ook van zijn geslacht' (Handelingen 17:26­28).

Wij zijn een enorme, kosmopolitische gemeenschap geworden, een groot gezin van broeders en zusters in de Heer. De beweging van deze enorme aantallen mannen en vrouwen, jongens en meisjes, allen heiligen van de Allerhoogste, zingt bij het doormarcheren:

'Mijn ogen hebben de heerlijkheid van de komst van de Heer gezien;
Hij perst het sap uit, daar waar de druiven der gramschap liggen.
Hij heeft de noodlottige bliksem van zijn snelle zwaard de vrije loop gelaten;
Zijn waarheid marcheert voort.'
(Naar 'Battle Hymn of the Republic,' Hymns, nr. 60.)

Dit werk heeft een vitaliteit zoals we nog nooit gezien hebben.

Op het gebied van onderwijs hebben we overal waar de kerk heen is gegaan de programma's van seminarie en instituut gevestigd. Het heeft een permanente, goede invloed op het leven van de cursisten over de hele wereld. In het instituut kunnen jonge cursisten van studentenleeftijd prettig met elkaar omgaan, kunnen ze leren, sociale ervaring opdoen, en misschien zelfs een man of vrouw binnen het eigen geloof vinden.

In de afgelopen maanden hebben wij aangekondigd dat Ricks College, een grote pionier op het gebied van het onderwijs, dat tot nu toe slechts een tweejarige leergang bood, uitgebreid zal worden tot een instituut voor een vierjarige leergang, en dat het BYU--Idaho zal gaan heten. Dat doet geen enkele afbreuk aan de naam van de man naar wie de school was genoemd. Het vergroot de onderwijsmogelijkheden voor veel jonge mannen en vrouwen. Het maakt een geweldig onderwijsinstituut nog beter. De kerk zet zich in om de gelegenheden voor het volgen van niet-kerkelijk onderwijs op een onderwijsinstelling van de kerk te vergroten, daar waar geloof in de levende God en in zijn goddelijke Zoon, onze Heer, wordt bijgebracht.

Een andere bijzonder opmerkelijke ontwikkeling waarop in dit tweeduizendste jaar de nadruk wordt gelegd, is de bouw van tempels. Het was een wonder. Afgelopen zondag hebben we in Boston (Massachusetts) de honderdste tempel van de kerk ingewijd en in bedrijf gesteld.

Ik werd in juli 1981 lid van het Eerste Presidium als raadgever van president Kimball. Sindsdien zijn 81 van die honderd tempels ingewijd. Voor die tijd waren slechts negentien daarvan in bedrijf.

53 nieuwe tempels, meer dan de helft van de honderd die nu in bedrijf zijn, zijn ingewijd sinds mijn ordening als president van de kerk, vijf jaar geleden. Ik noem dit alleen maar om u te herinneren aan de versnelling van deze opvallende groei.

Toen ik tijdens de conferentie aankondigde dat ik vóór het eind van het jaar 2000 honderd tempels in bedrijf wilde hebben, vroeg ik me af of dat mogelijk was. Ik kan niet genoeg dank betuigen aan de velen die zo lang en zo hard hebben gewerkt om dit wonder tot stand te brengen. Enkele van die nieuwe tempels zijn kleiner. Maar elke verordening die in de Salt Lake-tempel verricht kan worden, die de grootste in de kerk is, kan in die kleinere tempels verricht worden. Zij zijn uitsluitend aan het werk van de verordeningen toegewijd. Het zijn prachtige gebouwen, die in alle opzichten goed gebouwd zijn. Hierdoor zijn vele duizenden mensen in staat gesteld om een veel makkelijker reis naar het huis des Heren te maken.

Wij zullen ze blijven bouwen. Voor het eind van het jaar zullen we er nog drie inwijden. We zullen ze ook in de toekomst blijven bouwen, misschien niet op de grote schaal van het afgelopen jaar, maar we zullen altijd deze heilige huizen blijven bouwen om te voorzien in de noden van de mensen.

Wij zijn onze mensen bijzonder dankbaar. Ik hoop en geloof dat de Heer tevreden is.

En nu wijden wij vandaag, als nog zo'n opmerkelijke prestatie in dit tweeduizendste jaar, dit prachtige Conferentiecentrum in. Het is een uniek en opmerkelijk gebouw. Aanvankelijk, toen de ideeën en plannen op tafel kwamen, was het niet onze bedoeling om het grootste huis van eredienst op aarde te bouwen. Wij wilden alleen maar voorzien in de behoeften van onze mensen.

De Tabernakel, die ons meer dan een eeuw zo goed gediend heeft, was gewoon niet toereikend meer om in onze behoeften te voorzien.

De bouw van dit centrum was een enorme, serieuze onderneming. Uiteraard waren wij ons bewust van de elektronische middelen waarmee we de boodschap die vanaf het spreekgestoelte werd uitgesproken, kunnen verspreiden. Maar we waren ook op de hoogte van het verlangen van zovelen om in dezelfde ruimte te zitten als de spreker, zoals vanochtend het geval is. Zoals ik al zei toen ik de beslissing aankondigde om dit door te zetten: 'De bouw van dit gebouw is een stoutmoedige onderneming geweest. We hebben ons er zorgen over gemaakt. (. . .) We hebben geluisterd naar de ingevingen die de Geest ons erover gaf [na erover gebeden te hebben]. En alleen toen we de bevestigende stem van de Heer voelden, besloten we om ermee door te gaan.' ('Als getuigenis in de hele wereld', Liahona, juli 2000, blz. 4.)

De aankondiging van onze beslissing werd tijdens de algemene aprilconferentie van 1996 gedaan. Bij die gelegenheid zei ik:

'Het spijt mij dat velen die met ons in de Tabernakel vergaderd hadden willen zijn, geen plaats hebben gevonden. Er bevinden zich nog velen buiten. (. . .)

'Ik heb te doen met de mensen die vergeefs hebben geprobeerd binnen te komen. Ongeveer een jaar geleden heb ik de algemene autoriteiten in overweging gegeven dat wellicht de tijd gekomen was om nog een gewijde vergaderplaats te bouwen, een veel grotere, met plaats voor drie tot vier keer zoveel mensen.' ('Deze heerlijke paasmorgen', De Ster, juli 1996, blz. 61.)

Iets meer dan een jaar later werd de eerste spade gestoken. Dat gebeurde op 24 juli 1997, het 150ste jubileum van de aankomst van onze voorouders in deze vallei.

Aan het eind van de eerstespadesteking sprak president Packer het slotgebed uit. In dat gebed vroeg hij de Heer om mijn leven lang genoeg te behouden opdat ik aanwezig kon zijn bij de inwijding van het nieuwe gebouw. Ik ben dankbaar dat dit verzoek duidelijk is ingewilligd.

Vandaag wijden we het in als een huis voor de aanbidding van God, de eeuwige Vader, en zijn eniggeboren Zoon, de Heer Jezus Christus. Wij hopen en bidden dat vanaf dit spreekgestoelte getuigenissen en verklaringen van leerstelling en geloof in de levende God, en van dankbaarheid voor het grote zoenoffer van onze Heiland, de wereld in zullen blijven gaan.

Wij zullen het tevens inwijden als een huis waarin artistieke uitvoeringen die waardig van aard zijn, gebracht zullen worden.

Hier zal dit fantastische Tabernakelkoor lofzangen zingen. Hier zullen andere muziekgezelschappen amusement brengen voor grote aantallen bezoekers. Hier zullen schouwspelen gebracht worden waarin op fraaie en artistieke wijze de geschiedenis van deze beweging en vele andere zaken afgebeeld zullen worden.

Dit gebouw is gemaakt van de beste materialen, door de beste ambachtslieden. Wij allen zijn de mensen veel verschuldigd die een bijdrage hebben geleverd aan dit magnifieke centrum voor de conferenties van de kerk, en andere doeleinden.

Wij verwachten dat ook andere groeperingen aanvragen zullen indienen voor het gebruik van dit gebouw. We zullen het beschikbaar stellen, onder voorwaarde dat het gebruik in harmonie zal zijn met de doeleinden waarvoor het vandaag ingewijd wordt.

Het is geen museumstuk, ook al is de architectuur prachtig. Het is een plek die gebruikt dient te worden ter ere van de Almachtige en voor het bereiken van zijn eeuwige doeleinden.

Ik ben erg dankbaar dat we het hebben. Ik ben erg dankbaar dat het voltooid is. Er moet nog wat werk worden verricht aan het afstellen van het orgel, wat nog enige tijd zal duren. Ik breng de uitstekende artikelen daarover in het oktobernummer van de Ensign onder uw aandacht.

Als ik denk aan dit prachtige gebouw, nabij de tempel, dan schiet mij de grote, profetische uitspraak van Jesaja te binnen:

'En het zal geschieden in het laatste der dagen; dan zal de berg van het huis des Heren vaststaan als de hoogste der bergen, en hij zal verheven zijn boven de heuvelen. En alle volkeren zullen derwaarts heenstromen en vele natiën zullen optrekken en zeggen: Komt, laten wij opgaan naar de berg des Heren, naar het huis van de God Jakobs, opdat Hij ons lere aangaande zijn wegen en opdat wij zijn paden bewandelen. Want uit Sion zal de wet uitgaan en des Heren woord uit Jeruzalem.

'Huis van Jakob, komt, laten wij wandelen in het licht des Heren' (Jesaja 2:2­5).

Ik geloof dat die profetie van toepassing is op de historische, prachtige Salt Lake-tempel. Maar ik geloof ook dat hij verband houdt met dit magnifieke gebouw. Want vanaf dit spreekgestoelte zal de wet van God voortgaan, samen met het woord en het getuigenis van de Heer.

Moge God ons, als volk, zegenen. Wij hebben in dit geweldige tweeduizendste jaar een nieuw tempo gevonden. Mogen wij volgen in het voetspoor van de grote Jehova, de God van Abraham, Isaak en Jakob. Mogen wij wandelen in het licht van Hem die de Messias van de wereld was, de Zoon van God, die van Zichzelf gezegd heeft: 'Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij' (Johannes 14:6), dat is mijn nederig gebed, in de naam van Jezus Christus. Amen.

AANWIJZINGEN VOOR DE HOSANNAKREET

Broeders en zusters, zo dadelijk zal ik het inwijdingsgebed uitspreken en u bent allen uitgenodigd om daaraan deel te nemen. Ook nodigen wij u uit om als u dat wenst onmiddellijk na het inwijdingsgebed te gaan staan en met ons deel te nemen aan de hosannakreet. Deze heilige groet aan de Vader en de Zoon wordt gebracht bij de inwijding van elke tempel. Hij is ook gebruikt bij enkele andere historische gebeurtenissen, zoals het leggen van de deksteen op de Salt Lake-tempel, en de viering van het honderdjarig bestaan van de kerk tijdens de algemene conferentie van 1930. We zijn van mening dat het gepast is deze kreet hier te geven, bij de inwijding van dit geweldige gebouw, waarvan we er waarschijnlijk nooit meer een tweede zullen laten neerzetten. Mocht men er in de media melding van maken dan hopen we dat men inziet dat dit een heilige zaak voor ons is. Wij verzoeken het met achting en respect te behandelen.

Ik zal de hosannakreet nu voordoen. Iedereen pakt een schone, witte zakdoek, houdt een punt vast, en wuift ermee, onderwijl in koor zeggend: 'Hosanna, hosanna, hosanna, God en het Lam', drie keer herhaald, gevolgd door 'Amen, amen en amen.'

Nogmaals, wie mee willen doen kunnen onmiddellijk na het inwijdingsgebed gaan staan en de Hosannakreet geven. Wie liever wil blijven zitten, is daar vrij in. Als u geen witte zakdoek bij u hebt, kunt u ook gewoon met uw hand wuiven. Zij die zich elders bevinden, kunnen deelnemen aan de kreet als hun omstandigheden gepast zijn.

Na de hosannakreet zal het Tabernakelkoor, zonder aankondiging, de hosannalofzang zingen, door Evan Stephens geschreven voor de inwijding van de Salt Lake-tempel in 1893. Op het teken van de dirigent nemen de aanwezigen deel aan het zingen van 'Gods Geest brandt in 't harte', dat door W. W. Phelps geschreven is, en dat gezongen is bij de inwijding van de Kirtland-tempel, in 1836.

Vervolgens wordt het slotgebed uitgesproken door ouderling W. Don Ladd van de Zeventig, en wordt de conferentie geschorst tot twee uur 's middags, plaatselijke tijd.

Geliefde broeders en zusters, als u nu het hoofd buigt en uw ogen sluit, spreek ik het inwijdingsgebed uit.

INWIJDINGSGEBED

O God, onze eeuwige Vader, met dankbaar hart komen wij in gebed tot U op deze historische sabbatmorgen om dit magnifieke Conferentiecentrum in te wijden.

Het is voor uw eer en heerlijkheid gebouwd. Het is een van de vele in een serie prachtige gebouwen die toegewijd zijn aan het bereiken van uw doeleinden en het voortrollen van uw werk. Het staat naast de heilige tempel die onze voorouders gebouwd hebben in een periode van ruim veertig jaar. Het kijkt uit op de historische Tabernakel, die uw volk meer dan een eeuw lang zo goed gediend heeft. Dichtbij is ook de Assembly Hall, die voor veel verschillende doeleinden gebruikt is.

Niet ver weg staan het kantoorgebouw van de kerk, het bestuursgebouw en het Joseph Smith Memorial Building. Ook nabij zijn het historische Lion House en Beehive House. In de andere richting het Museum voor kerkgeschiedenis en kunst en de bibliotheek voor familiegeschiedenis.

Dit fijne, nieuwe gebouw kijkt op al die gebouwen uit en vult ze aan in hun variëteit, nut en schoonheid. Samen zijn zij een getuigenis van de kracht en vitaliteit van uw werk, de hoofdzetel van uw kerk, en de bron waaruit de waarheid voortrolt om de aarde te vullen.

Wij danken u voor de vele toegewijde en uiterst vaardige mensen die lang en hard hebben gewerkt aan de voltooiing. Mogen zij trots zijn op hun prestatie.

In een bijeenkomst van deze grote algemene conferentie van uw kerk, die uitgezonden wordt naar mensen over de hele aarde, buigen wij eerbiedig ons hoofd voor U.

Met het gezag van het heilig priesterschap dat van U afkomstig is, en in de naam van uw eniggeboren Zoon, de Heer Jezus Christus, wijden wij dit gebouw in en stellen het in uw dienst, dit Conferentiecentrum van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Wij wijden het toe aan U, onze Vader en onze God, en aan uw geliefde Zoon, onze Verlosser, wiens naam uw kerk draagt.

Wij wijden het in als vergaderplek voor uw volk, waar zij bijeen kunnen komen om het woord van de Heer te horen, gesproken door uw dienstknechten, de profeten, zieners en openbaarders, en getuigen voor de wereld dat de Heer Jezus Christus leeft, wiens naam de enige is die is gegeven waardoor de mens verlost kan worden.

Wij wijden het in, van het fundament waarop het rust, tot de top van de toren. Wij wijden dit magnifieke gebouw in, dat uniek van ontwerp is, dat gebouwd is om plaats te bieden aan de duizenden die er door de jaren heen bijeen zullen komen om U te aanbidden, en om er fijn, opbouwend amusement te vinden.

Vanaf dit spreekgestoelte kan uw naam met eerbied en liefde worden uitgesproken. Moge de naam van uw Zoon voortdurend in heilige verklaringen herdacht worden. Moge het getuigenis van uw werk hiervandaan weerklinken in de hele wereld. Moge er rechtschapenheid verkondigd en kwaad gehekeld worden. Mogen er woorden van geloof stoutmoedig en vol overtuiging uitgesproken worden. Mogen proclamaties en leerstellige verklaringen weerklinken tot alle volken.

Moge dit gebouw, al schudt de aarde, stevig en veilig blijven staan, in uw waakzame zorg. Moge geen kwade stem ooit in dit gebouw afbreuk doen aan U, uw Zoon, uw herstelde kerk, of haar profeten en leiders die haar door de jaren heen gepresideerd hebben. Bescherm het tegen de stormen van de natuur en de ontheiligende hand van de vandaal en de vernieler. Bescherm het tegen conflicten en terrorisme. Mogen allen die hier komen, wat hun godsdienstige overtuiging ook is, dit gebouw met respect en bewondering bekijken.

Moge dit grote gebouw een plek van waardig amusement zijn, het thuis van kunsten die opbouwend zijn en die de cultuur van de mensen ontwikkelen. Moge er nooit iets gepresenteerd worden dat niet waardig is, en dat niet de schoonheid weerspiegelt van uw goddelijke aard.

Wij wijden dit fijne orgel in, de prachtige gangen en andere ruimten, de parkeerplaats, en alle andere delen en faciliteiten van dit gebouw. Moge het een object van schoonheid zijn voor de kijker, zowel van binnen als van buiten. Moge het een huis zijn voor velerlei gebruik, een huis van cultuur, een huis van kunst, een huis van eredienst, een huis van geloof, een huis van God.

Moge het uiting geven aan de verklaring van uw volk dat 'als er iets deugdelijk, liefelijk, eervol of prijzenswaardig is, dan streven wij dat na'.

En nu, Vader, nu wij dit Confe- rentiecentrum inwijden, wijden wij ook het aangrenzende theater in. Het is een prachtig bouwwerk, ontworpen als plek om bijeen te komen, om plaats te bieden aan de uitvoerende kunsten, en voor verschillende doeleinden, alle waardig en met het doel om schoonheid en edelheid te ontwikkelen. Bescherm en zegen het, zoals wij gebeden hebben voor het Conferentiecentrum.

Op deze dag wijden wij ook de parkeerruimte in die gebouwd is onder Main Street, en alle verbeteringen die zijn aangebracht aan de ruimte vóór het huis des Heren, de tempel van onze God.

Moge dit terrein gezien worden als een plek van vrede, een oase in deze bruisende stad. Moge het een plek zijn waar de vermoeide kan zitten peinzen over de zaken van God en de schoonheid van de natuur. Hij is versierd met bomen en struiken, bloemen en water, gecombineerd tot een eiland van stille schoonheid te midden van deze grote, bloeiende gemeenschap. Moge het verlangen van de leden van uw kerk om dit terrein te verbeteren en te verfraaien, gewaardeerd worden door allen die hierheen komen.

Wij bidden dat positieve uitspraken de overhand mogen hebben, en dat ze mogen toenemen tot er universele aanvaarding en waardering is voor wat er tot stand is gebracht. Wij smeken uw zegeningen af over deze gemeenschap en deze staat. Dit is het gebied waar uw volk asiel zocht wegens de verdrukking die zij hadden geleden. Nu is dit een grote, kosmopolitische gemeenschap geworden waarin veel mensen uit het hele land en de hele wereld vergaderd zijn. Mogen allen die hier wonen en allen die hier komen een gemeenschapsmilieu zien dat uniek en aantrekkelijk is. Mogen wij, van uw kerk, gastvrij en vriendelijk zijn. Mogen wij de normen en gebruiken aanhouden waarom wij bekendstaan, en anderen het recht toekennen om te aanbidden wie, 'waar of wat zij ook [willen] vereren' (Geloofsartikelen 1:11).

Zegen ons dat wij iedereen als goede buren de helpende hand toesteken. Mogen wij de handen opheffen en de zwakke knieën sterken van ieder die in nood is. Mogen wij allen samenleven in vrede, met onderling respect en waardering.

Almachtige God, wij zijn u dankbaar voor uw wonderbaarlijke zegeningen. Aanvaard onze dank. Vervul uw beloften vanouds aan hen die hun tiende en gaven bijdragen, die dit alles mogelijk hebben gemaakt. Doe de vensters van de hemel open en stort zegeningen over hen uit.

Wij hebben U en uw goddelijke Zoon lief. Wij streven ernaar uw wil te doen. Wij prijzen uw heilige naam. Wij verheffen onze stem in lofzangen van aanbidding. Wij getuigen van U en van uw Verlosser, uw ongeëvenaarde Zoon. Majestueus zijn uw wegen, heerlijk het tapijt van uw eeuwige plan voor allen die U gehoorzamen.

Wilt Gij ons met uw goedgunstigheid toelachen, dat bidden wij in de heilige naam van onze Heer, Jezus Christus. Amen.

 
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy