The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Broadcast General Conference Archives
Conferences
oktober 2000
Wees een sterke schakel

Wees een sterke schakel

Ouderling David B. Haight
van het Quorum der Twaalf Apostelen

'Hoewel mijn gezichtsvermogen geleidelijk minder wordt, denk ik dat mijn inzicht juist beter wordt -- mijn inzicht in de lange weg, mijn inzicht in wat voor ons ligt.'

Ouderling David B. Haight

Toen president Gordon B. Hinckley aankondigde dat ik de laatste spreker zou zijn, wist ik zeker dat hij zich afvroeg of ik het naar het spreekgestoelte zou halen. Hij weet dat ik net mijn 94ste verjaardag heb gehad. Dus ik ben in mijn 95ste jaar en hij zou het zich wel moeten afvragen.

Hij weet ook dat mijn gezichtsvermogen niet erg goed is, maar hoewel mijn gezichtsvermogen geleidelijk minder wordt, denk ik dat mijn inzicht juiste beter wordt -- mijn inzicht in de lange weg, mijn inzicht in wat voor ons ligt. En dus, nu u allen hier bent deze ochtend, weet ik zeker dat u met mij zou zeggen dat het een prachtige tijd is om in te leven en om lid van deze kerk te zijn, en hoe geweldig het is om de vrijheid te hebben die we hebben, de vrijheid van vergadering en godsdienstige samenkomst.

Toen Ruby en ik in de Salt Lake-tempel voor het altaar knielden op vier september 1930, en we elkaars hand vasthielden en elkaar aankeken, hadden we weinig besef van wat er voor ons lag. We waren twee jonge mensen. Ik kwam van het platteland van Zuid-Idaho en Ruby uit Sanpete County (Utah). Onze vaders waren overleden, maar we hadden twee geweldige moeders en ze waren bij ons in de tempel. Toen we knielden en verbonden sloten, wist ik dat dat echt was.

Nu we zeventig jaar getrouwd zijn, kan ik u allen zeggen dat het beter wordt, dat het steeds beter wordt, jaar na jaar, met de kostbaarheid en de tederheid en de verwerkelijking van enkele eeuwige zegeningen die voor ons liggen. En dus zou ik tot u allen willen zeggen, en Ruby ook als ze hier zou staan, dat het leven mooi kan zijn en zinvol, maar we moeten het op een eenvoudige manier leiden. We moeten de beginselen van het evangelie naleven. Want het komt op het evangelie aan in ons leven.

Ik heb met mijn gezin door het hele land gewoond. Onze kinderen waren op school de enige leden van de kerk in hun klas. We zijn vaak verhuisd, maar dat droeg bij tot hun ontwikkeling en hun begrip en hielp bij de ontwikkeling van hun eigen getuigenis, doordat zij de wereld leerde kennen, maar ook de zegeningen van het evangelie in ons leven zagen.

Afgelopen zondag waren Ruby en ik aanwezig bij een avondmaalsdienst van een wijk hier in het centrum van Salt Lake City. De dienst was heel interessant, omdat er in die wijk zowel welvarende leden zijn als mensen die in een rehabilitatiecentrum wonen. Vlak voor de getuigenisdienst liep er een jongedame naar de bisschop op het podium met een baby in haar armen, omdat ze de baby wilde laten zegenen. De bisschop stond op, nam de baby van haar over en zegende het kind.

Later, in de getuigenisdienst, liep een kleine zevenjarige jongen met zijn vijfjarige zusje naar het spreekgestoelte. Hij zette een bankje voor zijn vijfjarige zusje neer, waar ze op kon gaan staan en hij hielp haar met haar getuigenis. En als ze een beetje aarzelde, boog hij zich naar haar toe en fluisterde in haar oor, deze kleine zevenjarige broer.

Toen ze klaar was, ging hij op het bankje staan en stond zij naar hem te kijken, en gaf hij zijn getuigenis. Ze had die lieve uitdrukking op haar gezicht toen ze naar hem keek. Hij was haar oudere broer, maar je kon de liefde en band zien bij die twee kleine kinderen. Hij stapte van het bankje af, nam haar bij de hand, en ze liepen terug naar hun plaats.

Tegen het einde van de getuigenisdienst, toen er nog wat tijd voor mij was, vroeg ik de jongedame die haar kind had laten zegenen, of ze naar voren wilde komen, wat ze deed. Terwijl de getuigenisdienst verder ging, vroeg ik de bisschop fluisterend: 'Waar is haar man?'

De bisschop zei: 'Hij zit in de gevangenis.'

Ik vroeg: 'Hoe heet ze?' en hij vertelde me hoe zij heette.

Ze kwam naar voren en stond met haar baby'tje naast mij. Toen we op het spreekgestoelte stonden, keek ik naar die schattige baby, maar een paar dagen oud, en deze moeder, de moeder van die kleine dochter, die haar had gebracht om een zegen te ontvangen van de priesterschap. Toen ik naar de moeder keek en naar die kleine dierbare baby, vroeg ik mij af wat ze zou worden of wat ze zou zijn. Ik sprak tot de aanwezigen en tot deze jonge moeder over de proclamatie die vijf jaar geleden door het Eerste Presidium en het Quorum der Twaalf is bekendgemaakt, een proclamatie over het gezin, en onze verantwoordelijkheid voor onze kinderen, en de verantwoordelijkheid van de kinderen voor hun ouders, en de verantwoordelijkheid van de ouders voor elkaar. Dat prachtige document vat de schriftuurlijke richting samen die we hebben ontvangen, die Gods kinderen tot leiding is geweest vanaf de tijd van Adam en Eva en ons zal blijven leiden tot het einde van de wereld.

Toen we erover praatten en toen ik naar dat mooie baby'tje keek, dacht ik aan vorige zomer. Ruby en ik waren in Idaho voor een kort bezoek en we ontmoetten enkele mensen uit Mountain Home (Idaho), de familie Goodrich. Zuster Goodrich was gekomen om met ons te praten en had haar dochter Chelsea meegenomen. Tijdens het gesprek zei zuster Goodrich dat Chelsea de proclamatie over het gezin uit het hoofd had geleerd.

Ik zei tegen Chelsea die nu vijftien jaar is: 'Chelsea, is dat waar?'

Ze zei: 'Ja.'

Ik zei: 'Hoe lang heeft het je gekost om dat te doen?'

Ze zei: 'Toen we jong waren liet mijn moeder ons thuis bepaalde teksten uit het hoofd leren. We leerden teksten uit de Schriften en avondmaalslofzangen en andere nuttige zaken uit ons hoofd. Dus uit het hoofd leren werd makkelijker voor ons.'

Ik zei: 'Dus je kunt de proclamatie helemaal opzeggen?'

Ze zei: 'Ja, helemaal.'

Ik zei: 'Je hebt dat geleerd toen je twaalf was; je bent nu vijftien. Binnenkort begin je met uitgaan. Vertel me daar eens over. Wat heeft het voor jou betekend?'

Chelsea zei: 'Als ik denk aan de tekst van die proclamatie en meer begin te begrijpen van onze verantwoordelijkheid als gezin, van hoe we leven en hoe we moeten leven, wordt de proclamatie een nieuwe richtlijn voor me. In de omgang met andere mensen en als ik begin met uitgaan, kan ik aan die uitspraken en zinnen in de proclamatie over het gezin denken. Het zal me een maatstaf geven die me zal helpen en leiden. Het zal me de kracht geven die ik nodig heb.'

Korte tijd geleden sprak president Hinckley tot de studenten op de Brigham Young University. Hij zei dat het leven een grote keten van generaties is, schakel na schakel, tot het einde toe. Hij moedigde de studenten aan om geen zwakke schakel maar een sterke schakel in hun familie te zijn.

We hebben vanochtend in de conferentie een heleboel instructies gehoord aangaande familiegeschiedenis en familie, de reden voor aaneenschakeling, en dat we de verantwoordelijkheid hebben om tempelwerk te doen voor tienduizenden mensen die een deel van onze eigen familie zijn en die aan de andere kant wachten om de verordeningen te ontvangen die aan deze kant van de sluier moeten worden verricht, zodat ze kunnen doorgaan met wat er aan de andere kant moet worden gedaan. Dat begrijpen we allemaal zo goed.

Dus wil ik u vanmorgen allen zeggen dat ik hoop dat u een sterk gevoel in uw gezin kunt ontwikkelen -- en in uzelf -- om niet de zwakke schakel in de keten van uw familie en van uw voorvaderen te worden. Ik moedig u ook aan om een sterke schakel te worden voor uw nageslacht. Wees niet de zwakke schakel. Zou dat niet verschrikkelijk zijn? Om te denken aan die lange keten en aan al dat werk dat er gedaan moet worden om zielen te redden en aan het waardevolle werk dat gedaan moet worden, zou het niet droevig zijn als u de zwakke schakel bent die ertoe leidt dat uw nakomelingen geen deel kunnen hebben aan een sterke aaneenschakeling?

Toen de heiligen zich erop voorbereidden Nauvoo te verlaten, en de Nauvoo-tempel nog niet voltooid was, konden maar weinig mensen begiftigd worden. President Brigham Young, als president van het Quorum der Twaalf, was degene die op dat moment het langste apostel was. Hij schreef in zijn dagboek over de angst die de mensen voelden toen ze probeerden om hun wagens gereed te maken om de tocht naar het westen te beginnen, naar dat nieuwe gebied waar ze niets vanaf wisten. Ze volgden hun leiders terwijl ze de weinige bezittingen gereed maakten die ze in de wagens mee konden nemen.

Te midden van al deze voorbereidingen konden sommigen van hen begiftigd worden, en de mensen wilden graag begiftigd worden. Brigham Young hield op met het gewone, dagelijkse werk waar hij mee bezig was. Hij schoof dat aan de kant, zodat hij in de tempel kon blijven en het begiftigingswerk kon leiden dat zo nodig was. Over die ervaring zei hij dat hij verlangde te doen wat de heiligen verlangden. Dat woord, verlangen, is interessant, aangezien het in zijn verslag voorkomt. Hij schrijft over het verlangen dat ze hadden, omdat ze hoopten dat het belangrijke begiftigingswerk kon worden voltooid voordat de mensen naar het westen trokken.

Ik laat u mijn liefde en mijn getuigenis en de wetenschap die ik heb dat dit werk waar is. Ik weet dat God leeft. Ik weet dat Hij van ons houdt. Ik weet dat Hij van ons houdt net zoals wij van onze kinderen en ons nageslacht houden. We hebben nu 65 achterkleinkinderen en natuurlijk zijn er meer onderweg. We houden van hen allemaal en we hopen dat de ketens en de schakels in onze familie sterk zullen zijn en onze kinderen gezegend zullen worden. We zijn trots op hen allemaal en bidden dat ze zullen opgroeien met de sterke kennis en het gevoel dat ik heb aangaande God, dat Hij leeft, dat Hij onze Vader is en dat al dit werk onder zijn leiding staat en van zijn Zoon, die onze Redder is, Jezus de Christus. Dit is de kerk van Jezus Christus, hersteld op aarde in deze laatste dagen. Ik weet dat het waar is.

Ik weet dat we een hedendaagse, levende profeet op aarde hebben en u kunt de prachtige dingen zien die nu in de kerk gebeuren met honderd tempels in bedrijf. Sommigen van u zullen nog leven als er tweehonderd tempels in bedrijf en dan driehonderd tempels in bedrijf zijn en wat het aantal uiteindelijk ook zal worden. Ja, we leven in deze tijd en in deze eeuw waarin prachtige dingen gebeuren. Wanneer we praten over een levende profeet die openbaringen van omhoog ontvangt voor het leiden van dit werk, getuig ik tot u dat degenen van ons die met hem samenwerken en met hem omgaan, tot u kunnen getuigen dat hij Gods profeet op aarde is, die ons leidt in het doen wat goed en juist is.

Mogen uw schakels sterk zijn. Moge u persoonlijk de grote blijdschap en het geluk vinden dat we kunnen hebben door de beginselen van het evangelie na te leven. Ik laat u mijn liefde en getuigenis dat de kerk waar is, in de naam van Jezus Christus. Amen.

 
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy