Ouderling M. Russell Ballard
van het Quorum der Twaalf Apostelen
Wij dienen de geopenbaarde waarheden die we in ons bezit hebben, te bestuderen en te waarderen. Wij behoren het evangelie grootmoedig en vriendelijk aan alle kinderen van onze Vader te verkondigen.
Een van de opmerkelijkste gebeurtenissen in de geschiedenis van de mensheid vond plaats in de lente van 1820 toen Joseph Smith jr. een bos bij het ouderlijk huis inging om God om leiding, licht en waarheid, te vragen. Nadat hij in nederig, oprecht gebed was neergeknield, zag hij, naar eigen zeggen, 'recht boven mijn hoofd een kolom van licht, sterker glanzend dan de zon, die geleidelijk neerdaalde tot ze op mij viel. ( . . . )
'Toen het licht op mij rustte, zag ik twee Personen boven mij in de lucht staan, Wier glans en heerlijkheid alle beschrijving te boven gaan. Een Hunner sprak tot mij, mij bij de naam noemende, en zei, op de Ander wijzend: Deze is Mijn geliefde Zoon hoor Hem!'1
Op dat moment veranderde de wereld ingrijpend. De hemelen, die lang hadden gezwegen, doorbraken het stilzwijgen en stortten geopenbaard licht en waarheid uit, wat uiteindelijk de oprichting van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen tot gevolg had.
Het waren ongelooflijke tijden, waarin de profeet Joseph Smith door de geest van openbaring werd gedreven. Vaak waren er anderen bij aanwezig als hij openbaringen ontving, en zij gaven getuigenis van de Geest en de uiterlijke kenmerken die daarmee gepaard gingen. Kenmerkend daarbij was dat velen spraken over de glans of schittering die Joseph omgaf. Toen bijvoorbeeld afdeling 76 van de Leer en Verbonden werd geopenbaard, leek Joseph, zo schreef Philo Dibble, 'omgeven te zijn door een glorieuze witte glans, en zijn gezicht straalde met grote helderheid.'2 En Brigham Young heeft getuigd dat 'wie [Joseph] goed kenden, wisten wanneer de geest van openbaring op hem rustte, want zijn gelaat had dan een uitdrukking die hemzelf ook vreemd was. Hij predikte onder invloed van de geest van openbaring in de raadsvergaderingen, en wie hem goed kenden, herkenden dat onmiddellijk, want dan was er sprake van een bijzondere helderheid en oprechtheid in zijn gezicht.'3
Sommigen die getuige waren van die wonderlijke ontvangst van openbaringen, waren verrast hoe soepel die ontvangen werden, en hoe weinig eraan geredigeerd hoefde te worden, afgezien van kleine correcties, zoals spelling en interpunctie. Parley P. Pratt heeft gezegd: 'Elke zin werd langzaam en duidelijk uitgesproken, gevolgd door een pauze, die lang genoeg was om iemand de zin in gewoon handschrift te laten opschrijven ( . . . ). Er was nooit enige weifeling, herziening, of teruglezing om de draad weer te kunnen oppakken; noch was enige openbaring onderhevig aan revisie, invoeging of correctie. Voor zover ik gezien heb, werden er naderhand geen veranderingen aangebracht; en ik was erbij toen hij verschillende openbaringen van meerdere bladzijden dicteerde.'4
Het is interessant dat degenen met wie Joseph nauw omging, het meest verbaasd waren over deze manier van werken. Zij wisten meer dan enig ander dat zijn opleiding en bekwaamheden beperkt waren. Daarom hadden zij meer dan wie ook inzicht in de wonderbaarlijke werkwijze van God met zijn profeet.
Het getuigenis van Josephs vrouw, Emma, komt overeen met dat van Parley P. Pratt, in die zin dat ze zich bleef verbazen over de manier waarop de openbaringen werden ontvangen. Jaren na de dood van de profeet heeft ze gezegd: 'Voor mij is het duidelijk dat niemand de tekst van de manuscripten had kunnen dicteren tenzij hij geïnspireerd was; want toen ik als schrijver voor hem werkte, dicteerde [Joseph] urenlang; en als we na de maaltijd genuttigd te hebben, terugkeerden, of na een onderbreking, ging hij direct verder waar hij was opgehouden, zonder het manuscript gezien te hebben of mij eruit te hebben laten voorlezen.'5
Mijn geliefde broeders en zusters, waarderen wij het geweldige wonder van openbaring? Door middel van openbaring hebben we het Boek van Mormon, de Leer en Verbonden en de Parel van grote waarde ontvangen, die de woorden van God voor ons bevatten. O, hoe wonderbaar zijn de openbaringen die we van de Heer hebben gekregen! Ik heb vaak gezegd dat Joseph ofwel het instrument van de Heer is geweest, waardoor de herstelling van het volledige evangelie van Jezus Christus tot stand is gekomen, of niet. Een tussenweg is niet mogelijk. Ik verhef mijn stem tot de hele wereld en getuig zonder voorbehoud of twijfel dat Joseph Smith deze bedeling door goddelijke openbaring heeft ontsloten en de herstelling is begonnen van de ware kerk van Jezus Christus.
Een van de prachtigste openbaringen die ooit aan de mens gegeven zijn, is afdeling 76 van de Leer en Verbonden, vaak 'Het visioen' genoemd. Dit visioen is wellicht een van de krachtigste en belangrijkste geestelijke ervaringen geweest van de profeet Joseph. Toen hij en Sidney Rigdon baden om een begrip van de opstanding van de rechtvaardigen en de onrechtvaardigen ontvouwde zich aan hen dit visioen of liever gezegd een serie van zes visioenen. Joseph en Sidney spraken letterlijk ongeveer anderhalf uur met de Heer, waarin de Heiland hun liet zien wat later door Joseph omschreven zou worden als 'de eeuwigheid door God ontvouwd in een visioen, van wat is geweest, wat nu is, en wat nog komen zal.'6 Toen het aanving, zagen de twee mannen de heerlijkheid van de Zoon van God aan de rechterhand van de Vader, waarop zij zich bewogen voelden om uit te roepen: 'En nu, na de vele getuigenissen, die van Hem zijn gegeven, is dit het getuigenis, het allerlaatste, dat wij van Hem geven: Dat Hij leeft!
'Want wij zagen Hem namelijk ter rechterhand Gods; en wij hoorden de stem, die getuigenis gaf, dat Hij de Eniggeborene des Vaders is ( . . . ).'7
In volgorde zagen Joseph en Sidney daarna Lucifer in de voorsterfelijke wereld, waar hij vanwege opstandigheid uit de tegenwoordigheid van God werd gestoten. Vervolgens zagen ze de zonen des verderfs en wat er van hen wordt in de eeuwige werelden. Daarna zagen ze visioenen van de celestiale, terrestriale en telestiale koninkrijken, en ze kwamen te weten waaraan men moet voldoen om elk van die koninkrijken te kunnen ingaan, en wat de verschillen in heerlijkheid tussen elk koninkrijk zijn. Zij leerden dat wie zich kwalificeren voor de celestiale heerlijkheid 'voor eeuwig wonen in de tegenwoordigheid van God en zijn Christus'.8
Wat een wonderlijke ervaring voor de profeet Joseph en Sidney. Meer dan een uur vergunde God hun een blik in ons voorsterfelijk leven, aardse leven en hiernamaals. Als gevolg van die openbaring werd het begrip van de mens van het plan van onze hemelse Vader ten aanzien van ons eeuwige geluk en onze vrede aanmerkelijk verruimd. Natuurlijk moet worden opgemerkt dat Joseph de aanwijzing kreeg niet alles wat hij zag in het visioen, op te schrijven. De toenmalige heiligen waren niet klaar om alles wat aan Joseph was gegeven, te ontvangen. Maar als we kijken naar de latere leringen van de profeet, dan lijkt het erop dat hij fragmenten van deze grote openbaring meenam in zijn leringen hier wat, daar wat naarmate de heiligen groeiden in hun geestelijke begrip.
Daarom legt de Heer voortdurend nadruk op scholing in het bijzonder geestelijke scholing. We kunnen niet in onwetendheid gered worden9, maar de Heer kan alleen licht en waarheid aan ons openbaren naarmate we gereed zijn om die te ontvangen. En daarom is het ons aller plicht om er alles aan te doen ons geestelijk begrip te verruimen door de Schriften en de woorden van de levende profeten te onderzoeken. Als we de openbaringen lezen en onderzoeken, kan de Geest de waarheid van wat we leren in ons hart bevestigen; op die manier spreekt de stem van de Heer tot ieder van ons.10 Wanneer wij de leringen van het evangelie overdenken en die toepassen in ons dagelijks leven, bereiden we ons voor op het ontvangen van meer licht en waarheid. Vandaag hoop ik dat we voorbereid zijn en erop gebrand om de boodschap van president Gordon B. Hinckley te begrijpen, want hij en de andere apostelen zullen ons leren hoe we staande kunnen blijven in deze moeilijke tijden.
In de Schriften staat de belofte: '( . . . ) gij hebt nog niet begrepen welke grote zegeningen de Vader ( . . . ) voor u heeft bereid ( . . . ) gij kunt nu niet alle dingen verdragen; niettemin, weest goedsmoeds, want Ik zal u voortleiden. Het koninkrijk is het uwe, en de zegeningen er van zijn de uwe, en de rijkdommen der eeuwigheid zijn de uwe.'11
Ik ben heel dankbaar voor de openbaringen die mijn begrip hebben vergroot van mijn hemelse Vader, zijn geliefde Zoon, Jezus Christus, en hun evangelieplan. Die kennis is mij en mijn gezin tot zegen geweest. Een paar jaar geleden zaten we samen in de Kirtland-tempel en probeerden ons voor te stellen hoe het voor de profeet Joseph en Oliver Cowdery moet zijn geweest om in openbaring 'de vlammende troon Gods [te aanschouwen], waarop de Vader en de Zoon gezeten waren'12 of om 'de Here voor ons op het hekwerk van de kansel' te zien staan en Hem te horen zeggen: '( . . . ) uw zonden zijn u vergeven; gij zijt rein voor Mij; heft daarom uw hoofd op, en verheugt u.'13
Kunt u zich voorstellen hoe Joseph en Oliver zich gevoeld moeten hebben toen Mozes, Elias en Elia aan hen verschenen en sleutels, bedelingen en verzegelbevoegdheden overdroegen zoals tweeduizend jaar eerder ook was gebeurd op de berg der verheerlijking.
Ik geloof niet dat iemand die licht en waarheid wenst, de openbaring kan lezen die president Joseph F. Smith in oktober 1918 ontving, zonder de geest en kracht van geopenbaarde waarheid te voelen. Afdeling 138 van de Leer en Verbonden staat vol met de leer van de eeuwige aard van de mens en het doel van het grote werk van deze kerk. President Smith heeft gezegd: '( . . . ) de ogen van mijn begrip [werden] geopend en de Geest des Heren rustte op mij en ik zag de heerscharen der doden, groot en klein.'
'En op één plaats was de ontelbare schare geesten der rechtvaardigen verzameld. Zij waren getrouw geweest in het getuigenis van Jezus, toen zij in de sterfelijkheid verbleven. ( . . . )
'Zij allen hadden het sterfelijk leven verlaten, met de vaste hoop op een glorierijke opstanding door de genade van God de Vader en zijn eniggeboren Zoon, Jezus Christus.
'Ik zag dat zij waren vervuld van vreugde en blijdschap, en zich met elkaar verheugden, omdat de dag van hun bevrijding nabij was. ( . . . )
'Terwijl deze grote menigte wachtte en met elkaar sprak en zich verheugde op het uur van hun bevrijding van de ketenen des doods, verscheen de Zoon Gods ( . . . )
'En daar predikte Hij hun het eeuwig evangelie, de leer van de opstanding en 's mensen verlossing van de val en op voorwaarde van bekering van hun eigen zonden. ( . . . )
'En de heiligen verheugden zich in hun verlossing en bogen de knie en beleden dat de Zoon Gods hun Verlosser was, hun Bevrijder van de dood en van de ketenen der hel.'
'Hun gelaat scheen helder, en de stralen uit de tegenwoordigheid des Heren rustten op hen, en zij zongen zijn heilige naam lof. ( . . . )
'Zo werd het evangelie gepredikt aan hen die in overtreding waren gestorven, zonder kennis van de waarheid, of in hun zonden, omdat zij de profeten hadden verworpen.
'Zij werden onderwezen in het geloof in God, de bekering van zonde, de plaatsvervangende doop ter vergeving van zonden, de gave des heiligen Geestes door handoplegging, en in alle andere beginselen van het evangelie die zij moesten kennen ( . . . )
'En zo werd er bekendgemaakt onder de doden, groot en klein, zowel de onrechtvaardigen als de getrouwen, dat de verlossing tot stand was gebracht door het offer van de Zoon Gods aan het kruis.'14
President Smith zag de werken van de profeten, zowel vanouds als hedendaags, 'een afspiegeling van het grote werk dat in de bedeling van de volheid der tijden in de tempels moet worden gedaan, voor de verlossing der doden en de verzegeling van de kinderen aan hun ouders, opdat de ganse aarde bij zijn komst niet met een ban getroffen en volslagen verwoest zou worden.'15
Hij 'zag de getrouwe ouderlingen van deze bedeling, wanneer zij het sterfelijke leven verlaten, hun werk voortzetten door het evangelie van bekering en verlossing door het offer van de eniggeboren Zoon van God, te prediken onder hen die zich in de grote wereld van de geesten der doden in duisternis bevinden en door zonde gebonden zijn.
'De doden die zich bekeren zullen worden verlost, door gehoorzaamheid aan de verordeningen van het huis Gods, en wanneer zij de prijs voor hun overtredingen hebben betaald en zijn gereinigd, dan zullen zij loon naar werken ontvangen, want zij zijn erfgenaam van de zaligheid.'16
De wonderbare openbaringen van God aan zijn getrouwe profeten bieden ons groot licht en eeuwige kennis. We behoren dankbaar te zijn voor het begrip dat ons deel is geworden dankzij alle openbaringen die in deze laatste, grote bedeling zijn gegeven. Waar ik ook naartoe reis in de wereld zijn getrouwe leden van de kerk, die evenals ik weten dat De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen waar is, omdat dat ons geopenbaard is door de macht van de Geest. Ieder die dat oprecht voor zichzelf wil weten, kan deze waarheden bevestigd krijgen door dezelfde macht van de Geest.
Mijn broeders en zusters, wij dienen de geopenbaarde waarheden die we in ons bezit hebben, te bestuderen en te waarderen. Wij behoren het evangelie grootmoedig en vriendelijk aan alle kinderen van onze Vader te verkondigen, zodat iedere ziel in het licht en de waarheid kan wandelen van het herstelde evangelie van Jezus Christus. Moge de Heer ieder van ons zegenen met een groter begrip en getuigenis, en mogen wij openstaan en ontvankelijk zijn voor de geest van openbaring, die op de profeten vanouds heeft gerust, en die in de toekomst op onze profeten zal rusten. Dat is mijn nederig gebed in de naam van Jezus Christus. Amen.
NOTEN
1. Geschiedenis van Joseph Smith 1:1617.
2. 'Early Scenes in Church History', Four Faith Promoting Classics, Salt Lake City: Bookcraft, 1968, blz. 81.
3. Journal of Discourses deel 9, blz. 89.
4. Parley P. Pratt, Autobiography of Parley Parker Pratt, Salt Lake City: Deseret Book Co., 1950, blz. 48.
5. 'Last Testimony of Sister Emma', The Saints' Herald, 1 oktober 1879, blz. 289.
6. Times and Seasons, 1 februari 1843, blz. 82.
7. Leer en Verbonden 76:2223.
8. Leer en Verbonden 76:62.
9. Zie Leer en Verbonden 131:6.
10. Zie Leer en Verbonden 18:34, 36.
11. Leer en Verbonden 78:1718.
12. Leer en Verbonden 137:3.
13. Leer en Verbonden 110:2, 5.
14. Leer en Verbonden 138:1112, 1415, 1819, 2324, 3235.
15. Leer en Verbonden 138:48.
16. Leer en Verbonden 138:5759.