The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Talen Hoofdmenu
Algemene conferentie
oktober 2000
Uw grootste opgave: moeder
Arrow icon acting as a button to Previous Page Previous      

Uw grootste opgave: moeder

President Gordon B. Hinckley

'Ik ken geen beter antwoord op die smerige praktijken waarmee onze jonge mensen geconfronteerd worden dan de leringen van een moeder, in liefde gegeven, vergezeld van een onmiskenbare waarschuwing.'

President Gordon B. Hinckley

Ik zou er niets op tegen hebben als de bijeenkomst nu werd gesloten. We hebben goed onderricht ontvangen. Ik prijs het presidium wegens hun uitstekende woorden. U mag best weten dat ze zich zorgen hebben gemaakt, dat ze de Heer hebben gebeden en gesmeekt om hen te helpen met hun voorbereiding en presentatie. We zijn u veel verschuldigd, zuster Smoot, zuster Jensen, zuster Dew. U hebt goed werk verricht.

Ik vind het een fijne gelegenheid om u toe te spreken. Er is geen enkele congregatie zoals deze. Wij spreken tot u vanuit de Tabernakel op Temple Square in Salt Lake City. Maar u luistert bijna overal mee. U bent vergaderd in de hele Verenigde Staten en Canada, in heel Europa, en in Mexico, Midden-Amerika en Zuid-Amerika. U bent als één grote groep aanwezig, al bent u in Azië, de Stille Zuidzee of in andere ver weg gelegen landen.

Uw hart is eensgezind. U bent bijeengekomen omdat u de Heer liefhebt. U hebt een getuigenis en bent ervan overtuigd dat Hij echt leeft. U bidt tot de Vader in de naam van Jezus. U begrijpt de kracht van het gebed. U bent echtgenote en moeder. U bent weduwe of alleenstaande moeder die een zware last te dragen heeft. U bent pasgehuwd of ongehuwd. U behoort tot een grote menigte vrouwen van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. U behoort met uw ruim vier miljoen tot deze geweldige organisatie. Niemand kan de enorme kracht ten goede berekenen die u kunt worden. U bent bewaarder van huis en haard. U bent manager van het huishouden. Evenals zuster Dew, draag ik u op om pal te staan en sterk te zijn in uw verdediging van de grote deugden die altijd de ruggengraat van onze sociale vooruitgang zijn geweest. Bent u eensgezind, dan is uw kracht onbeperkt. U kunt alles bereiken wat u wilt. En hoe groot is de behoefte aan u in een wereld met afbrokkelende waarden, waarin de tegenstander zozeer lijkt te heersen.

Ik heb groot respect en veel bewondering voor u, jonge vrouwen, die onlangs bij de vereniging gekomen bent. U hebt grotendeels de storm weerstaan die op u heeft ingebeukt in uw jeugd. U hebt u onbevlekt van de wereld gehouden. U hebt u vrij van de bevlekking van goddeloosheid gehouden. U bent de bloesem van de goede, opgroeiende jeugd van de kerk. U hebt het er tot nu toe rein, mooi en deugdzaam vanaf gebracht. Ik complimenteer u van harte.

Ik prijs u die alleen staat. U hebt veel eenzaamheid doorgemaakt. U hebt zorgen, angsten en wanhopige verlangens gehad. Maar u hebt u daardoor niet gewonnen gegeven. U bent verder gegaan met uw leven en hebt daarbij belangrijke, fijne bijdragen geleverd. God zegene u, geliefde zusters en vriendinnen.

Ik kan u vanavond niet allemaal rechtstreeks toespreken. Ik richt mij op één deel van de vele aanwezigen, en dat zijn de moeders onder u. Ik zou daar ook degenen die nog moeder zullen worden bij kunnen rekenen. Wat hebt u als moeder iets geweldigs gedaan. U hebt kinderen gebaard en verzorgd. U bent een partnerschap met uw Vader in de hemel aangegaan om zijn zoons en dochters de ervaring van het sterfelijk leven te geven. Zij zijn kinderen van Hem, en zij zijn kinderen van u, vlees van uw vlees, voor wie Hij u verantwoordelijk zal houden. U hebt zich over hen verheugd, en in veel gevallen hebt u verdriet om ze gehad. Ze hebben u gelukkig gemaakt zoals niemand anders had gekund. Maar ze hebben u ook verdrietig gemaakt zoals niemand anders had gekund.

Over het algemeen hebt u hun opvoeding opmerkelijk goed gedaan. Ik heb al vaak gezegd dat ik vind dat we de fijnste generatie jonge mensen hebben die de kerk ooit heeft gehad. Ze zijn beter opgeleid, beter gemotiveerd, beter onderlegd in de Schriften, beter in het naleven van het woord van wijsheid, ze betalen hun tiende en ze bidden. Ze proberen het goede te doen. Ze zijn intelligent en bekwaam, rein en fris, aantrekkelijk en slim. Ze zijn bovendien zeer groot in aantal. Er gaan er meer op zending dan ooit tevoren. Er trouwen er meer in de tempel. Zij weten waar het evangelie om draait, en ze proberen het na te leven, en op te zien naar de Heer om zijn leiding en hulp te ontvangen.

Maar het spijt mij dat ik moet zeggen dat zoveel van onze jonge mensen tussen de mazen van het net doorglippen. Ze proberen de ene dwaasheid na de andere uit; ze zijn blijkbaar niet tevreden tot ze naar beneden zijn getrokken in de put waaruit ze zichzelf niet kunnen bevrijden. Sommige van onze eigen kinderen bevinden zich onder hen, en u, moeders, bent degenen die de last draagt van het verdriet dat daaruit voortkomt. Zij zijn uw zoons en dochters. Daarom doe ik u vanavond, in de hoop dat ik u behulpzaam kan zijn, een verzoek.

In sommige gevallen is het misschien te laat, maar in de meeste gevallen is er nog een kans om leiding te geven, te overtuigen, in liefde te onderwijzen, te leiden naar paden die vruchtbaar en productief zijn en die ver weg zijn van die doodlopende straten waar men niets goeds kan vinden.

U hebt niets dierbaarders in deze wereld dan uw kinderen. Als u oud wordt, en uw haar wordt wit en uw lichaam raakt vermoeid, als u geneigd bent om in een schommelstoel te gaan mediteren over uw leven, dan is er niets zo belangrijk als de vraag wat er van uw kinderen geworden is. Het maakt niet uit hoeveel geld u hebt verdiend. Het maakt niet uit hoeveel auto's u hebt gehad. Het maakt niet uit hoe groot het huis is waar u woont. De brandende vraag die telkens weer bij u zal opkomen, is: Hoe goed hebben mijn kinderen het gedaan?

Als het antwoord is dat zij het erg goed hebben gedaan, dan is uw geluk volkomen. Als zij het minder goed gedaan hebben, dan is er geen enkele bevrediging die uw verlies kan compenseren.

En daarom smeek ik u vanavond, lieve zusters. Ga eens rustig de plus- en de minpunten van uw rol als moeder zitten optellen. Het is niet te laat. Als al het andere niet werkt, dan is er het gebed en de beloofde hulp van de Heer om u bij te staan in uw beproevingen. Maar stel het niet uit. Begin nu, of uw kind nu zes of zestien is.

Ik heb gehoord dat een grote bijeenkomst die hier onlangs vlakbij is gehouden, bezocht is door tienduizend jonge mensen. Ik ben ervan overtuigd dat sommige van die jonge mensen van onze kerk waren.

Ik hoor dat de nummers waaruit het amusement die avond bestond, wellustig en slecht waren. Ze waren walgelijk en verlagend. Ze vertegenwoordigden de slechtste aspecten van het leven. Er zat geen schoonheid in. Er was alleen maar verfoeilijkheid en verdorvenheid. Het was smerigheid in zijn ergste vorm.

Die jonge mensen hadden tussen de 35 en 50 dollar entreegeld betaald. In veel gevallen kwam dat geld van hun ouders. En dit soort dingen gebeuren over de hele wereld. Enkele van uw zoons en dochters stellen de promotors van dergelijke smerigheid in staat om welvarend te zijn in hun slechte bezigheden.

Afgelopen zondag had de Deseret News een gedetailleerd hoofdartikel over illegale drugsfeesten die raves genoemd worden. Ze duren van drie tot half acht 's zondagochtends. Daar dansen jonge mannen en vrouwen, in de late tienerjaren of begin twintig, op de metaalachtige klanken van zogenaamde muziek die uit stapels versterkers stroomt. 'Sommigen dragen felgekleurde kralen, anderen zwaaien met gloeiende staven. Sommigen hebben een speen in hun mond, terwijl anderen een schildersmasker dragen.' (Deseret News, 17 september 2000, B1.)

Er wisselen drugs van eigenaar tussen verkopers en kopers voor 20 tot 25 dollar per tablet.

Ik ken geen betere oplossing voor die smerige praktijken waarmee onze jonge mensen geconfronteerd worden dan de leringen van een moeder die ze in liefde een onmiskenbare waarschuwing geeft. Er zullen mislukkingen zijn, ja. Er zullen hartbrekende teleurstellingen zijn. Er zullen drama's zijn, ontmoedigend en hopeloos. Maar in veel gevallen, als het proces vroeg begint en blijvend is, zal er succes zijn, geluk, liefde en veel dankbaarheid. Uw portemonnee opendoen en uw zoon of dochter geld geven voordat u zich naar uw werk haast, is verkeerd. Dat kan alleen maar tot meer kwade praktijken leiden.

In de Spreuken vanouds staat: 'Oefen de knaap volgens de eis van zijn weg, ook wanneer hij oud geworden is, zal hij daarvan niet afwijken' (Spreuken 22:6).

En een ander wijs gezegde luidt: 'De twijg buigt zich in de richting waarin de boom leunt.' (Alexander Pope, Moral Essays, deel 2 van The Works of Aleander Pope, Esq., 'Epistle I: To Sir Richard Temple, Lord Cobham' [1776], blz. 119; regel 150.)

Onderwijs uw kinderen als ze nog erg jong en klein zijn, en houd daar nooit mee op. Zorg dat ze uw voornaamste punt van aandacht zijn zolang ze nog thuis wonen. Ik ben zo vrij om vanavond enkele zaken te noemen die u ze kunt leren. Deze lijst is niet volledig. U kunt er van alles aan toevoegen.

Leer ze om goede vrienden uit te zoeken. Ze krijgen vrienden, of het nu goede of slechte zijn. Die vrienden zullen veel invloed op ze hebben. Het is belangrijk dat ze een tolerante houding aannemen ten opzichte van alle mensen, maar het is nog belangrijker dat ze mensen om zich heen verzamelen die net als wij zijn en die het beste in hen naar voren brengen. Anders kunnen ze besmet raken met de gewoonten van hun vrienden.

Ik heb altijd een verhaal onthouden dat ouderling Robert Harbertson vanaf dit spreekgestoelte in deze Tabernakel verteld heeft. Hij had het over een Indiaanse jongen die een hoge berg beklom. Het was daar koud. Aan zijn voeten lag een ratelslang. De slang had het koud en smeekte de jongeman om hem op te pakken en naar beneden te brengen, waar het warmer was.

De Indiaanse jongen luisterde naar de verleidende woorden van de slang. Hij stemde toe. Hij nam hem in zijn armen en bedekte hem met zijn overhemd. Hij droeg hem de berg af, naar een warmere plek. Hij legde hem voorzichtig in het gras. Toen de slang warm was geworden, hief hij zijn kop op en beet de jongen met zijn giftanden.

De jongen schold op de slang omdat hij hem had aangevallen als dank voor zijn vriendelijke daad. De slang antwoordde: 'Je wist wat ik was toen je me opraapte.'

Waarschuw uw kinderen voor mensen met giftanden die hen zullen verleiden met mooie praatjes, waarop ze hen kwaad zullen doen en hen misschien zelfs zullen vernietigen.

Leer ze om een opleiding op prijs te stellen. 'De heerlijkheid Gods is intelligentie, of met andere woorden, licht en waarheid' (LV 93:36).

De leden van deze kerk hebben van de Heer opdracht gekregen om kennis te verwerven. Dat zal ze nu en in toekomende jaren tot zegen zijn.

Ik heb op een avond gefascineerd op tv het verhaal bekeken van een gezin in het middenwesten van de Verenigde Staten, dat bestond uit de ouders, drie zoons en een dochter.

De vader en moeder besloten toen zij trouwden dat zij alles zouden doen wat zij konden om hun kinderen een zo goed mogelijke opleiding te geven.

Ze woonden in een eenvoudig huis. Ze leefden eenvoudig. Maar ze voedden hun kinderen met kennis. Al die kinderen leverden opmerkelijke prestaties. Ze kregen allemaal een goede opleiding. Eén werd president van een universiteit, terwijl de anderen hoofd van grote ondernemingen werden -- hoe je het ook bekijkt, ze waren allemaal een succes.

Leer ze hun lichaam respecteren. De gewoonte van jonge mensen om hun lichaam te laten tatoeëren en piercen neemt toe. De tijd zal komen dat ze daar spijt van krijgen, maar dan is het te laat. In de Schriften staat ondubbelzinnig:

'Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat de Geest Gods in u woont?'

'Zo iemand Gods tempel schendt, God zal Hem schenden. Want de tempel Gods, en dat zijt gij, is heilig!' (1 Korintiërs 3:16­17.)

Het is droevig en betreurenswaardig dat sommige jonge mannen en jonge vrouwen hun lichaam laten tatoeëren. Wat denken ze aan dat pijnlijke proces te hebben? Is er iets 'kuis, welwillend of deugdzaam' (Geloofsartikelen 1:13) aan het laten doordrenken van je huid met zogenaamde kunst die je de rest van je leven met je mee moet dragen, tot je oud bent, tot je dood? Hun moet gezegd worden ervan af te zien. Ze moeten gewaarschuwd worden het te vermijden. De tijd zal komen dat ze er spijt van krijgen, maar dan is er geen ontsnappen aan de voortdurende herinnering aan hun dwaasheid, afgezien van een volgende kostbare en pijnlijke procedure.

Ik vind dat het ongepast en onaantrekkelijk is, maar tegenwoordig lijkt het heel normaal te zijn, om jonge mannen te zien die ringen in hun oren hebben, en vaak niet één paar, maar meerdere.

Zij hebben geen respect voor hun uiterlijk. Vinden ze het slim of aantrekkelijk om zich zo te versieren?

Ik stel dat het geen versiering is. Het is lelijk maken wat aantrekkelijk was. Niet alleen oren worden gepierced, maar ook andere lichaamsdelen, zelfs de tong. Belachelijk.

Wij -- het Eerste Presidium en de Raad der Twaalf -- hebben het volgende standpunt ingenomen (ik citeer): 'De kerk ontmoedigt het nemen van tatoeages. Ze ontmoedigt tevens het piercen van het lichaam voor andere dan medische doeleinden, hoewel ze geen standpunt inneemt wat betreft een minimaal gebruik van één paar oorringen door vrouwen.'

Leer uw zoons en dochters drugs te mijden als de pest. Het gebruik van die verdovende middelen zal hen vernietigen. Ze kunnen hun lichaam niet op die manier misbruiken, ze kunnen geen gemene, verslavende begeerten in hun lichaam opbouwen zonder zichzelf onnoemelijke schade toe te brengen. De ene gewoonte schept de andere, tot het slachtoffer in veel gevallen tot een staat van volkomen hulpeloosheid vervalt, met een totaal verlies van zelfbeheersing die niet meer kan worden herwonnen.

Onlangs bleek in een tv-programma dat één op de vijf jonge mensen die aan de drugs zijn, daar kennis mee hebben gemaakt door hun ouders. Wat is er toch mis met de mensen? Het gebruik van drugs is een doodlopende straat. Je komt ermee in een toestand waarin je je zelfbeheersing verliest, je zelfrespect verliest, en jezelf vernietigt. Leer uw kinderen om ze te mijden als een ernstige ziekte. Zorg ervoor dat ze die middelen gaan verafschuwen.

Leer ze eerlijkheid. De gevangenissen van de wereld zitten vol mensen die hun slechte activiteiten begonnen zijn met bescheiden vormen van oneerlijkheid. Een klein leugentje leidt zo vaak tot een grotere leugen. Een klein diefstalletje leidt zo vaak tot een grotere diefstal. Al gauw heeft die persoon een web gesponnen waaruit hij niet meer kan ontspannen. De brede weg naar de gevangenis begint als een smal, aantrekkelijk pad.

Leer ze deugdzaamheid. Leer jonge mannen om jonge vrouwen te respecteren als dochters van God die begiftigd zijn met iets kostbaars en moois. Leer uw dochters om jonge mannen te respecteren, jongens die het priesterschap dragen, jongens die boven het smakeloze kwaad van de wereld zouden moeten staan, en dat ook doen.

Leer ze bidden. Geen van ons is wijs genoeg om het helemaal zelf te redden. Wij hebben de hulp, de wijsheid en de leiding van de Almachtige nodig om tot die beslissingen te komen die zo verschrikkelijk belangrijk voor ons zijn. Er is geen vervanging voor het gebed. Er is geen betere hulpbron.

Geliefde moeders, wat ik heb genoemd, is uiteraard niet nieuw. Het is zo oud als Adam en Eva. Maar de genoemde punten zijn zo doeltreffend en zeker als de zonsopgang in de ochtend, en de lijst is niet volledig.

Ook al is er veel te vermijden, men kan toch veel plezier hebben. Men kan erg gelukkig zijn met goede vrienden. Ze hoeven niet preuts te zijn. Ze kunnen plezier hebben, en hebben laten zien dat zij plezier kunnen hebben, en hebben dat ook.

God zegene u, geliefde vriendinnen. Verruil uw geboorterecht als moeder niet voor een hebbedingetje van weinig waarde. Geef uw gezin de meeste aandacht. De baby die u in uw armen houdt, zal net zo snel groeien als de zonsopgang en zonsondergang van de voorbij vliedende dagen. Ik hoop dat u, als dat gebeurt, er niet toe zult worden gebracht om met de woorden van koning Lear uit te roepen: 'Hoeveel scherper dan een slangentand voelt het om een ondankbaar kind te hebben!' (King Lear, eerste akte, vierde toneel, regel 312.) Ik hoop dat u, in plaats daarvan, alle reden zult hebben om trots te zijn op uw kinderen, ze lief te hebben, geloof in ze te hebben, ze te zien opgroeien in rechtschapenheid en deugdzaamheid voor de Heer, ze nuttige en productieve leden van de samenleving te zien worden. Als u daarbij slechts af en toe gefaald hebt, dan kunt u tenminste nog zeggen: ik heb mijn uiterste best gedaan, ik heb het zo goed gedaan als ik kon. Ik heb niets de vervulling van mijn rol als moeder in de weg laten staan. Maar onder dergelijke omstandigheden zal falen zeldzaam zijn.

Om niet de indruk te wekken dat ik alle verantwoordelijkheid op u leg, wil ik zeggen dat ik van plan ben om over twee weken over deze aangelegenheden tot de vaders te spreken tijdens de algemene priesterschapsbijeenkomst.

Mogen de zegeningen van de hemel op u komen, lieve zusters. Moge u niet iets van voorbijgaande waarde inruilen voor het grotere goed van zoons en dochters, jongens en meisjes, jonge mannen en vrouwen voor wier opvoeding u onontkomelijke verantwoording draagt.

Moge de deugd van het leven van uw kinderen uw leven heiligen als u op leeftijd gekomen bent. Moge u ertoe gebracht worden om, net als Johannes, uit te roepen: 'Groter blijdschap ken ik niet, dan dat ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen' (3 Johannes 1:4). Daar bid ik om, in alle oprechtheid, in de heilige naam van Jezus Christus. Amen.

 
Arrow icon acting as a button to Previous Page Previous      
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy