The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Talen Hoofdmenu
Algemene conferentie
april 2001
Zendelingechtparen: een oproep tot dienen

Zendelingechtparen: een oproep tot dienen

Ouderling Robert D. Hales
van het Quorum der Twaalf Apostelen

'Het is voor een oudere zuster of echtpaar wel gepast om hun priesterschapsleiders te laten weten dat ze op zending willen en kunnen gaan. Ik dring er bij u op aan om dat te doen.'

Ouderling Robert D. Hales

Ik voel vandaag een diepe noodzaak om tot u over een dringende behoefte in de kerk te spreken. Mijn hoop is vooral dat, terwijl ik spreek, de Heilige Geest uw hart mag raken en dat hier en daar een echtgenoot of echtgenote zijn of haar partner zachtjes aan zal stoten, en het begin van iets bijzonders tot stand wordt gebracht. Ik heb het over onze dringende behoefte aan meer rijpe echtparen in het zendingsveld. Wij willen onze waardering uitspreken voor alle dappere echtparen die nu op zending zijn, zijn geweest en nog zullen gaan.

In afdeling 93 van de Leer en Verbonden berispt de Heer de presiderende broeders van de kerk met de woorden: 'Ik heb u geboden uw kinderen in licht en waarheid groot te brengen.

'En nu geeft Ik u een gebod: Indien gij wilt worden bevrijd, moet gij uw eigen huis in orde brengen' (LV 93:40, 43).

Wat is de beste manier om onze kinderen -- en kleinkinderen -- licht en waarheid bij te brengen? Wat is de belangrijkste manier waarop we ons gezin en onze familie in orde moeten brengen? Is het denkbaar dat ons voorbeeld in geestelijke aangelegenheden luider spreekt dan onze woorden? Gezinsgebed, schriftstudie en gezinsavond zijn allemaal van levensbelang. Maar er is nog een aspect -- dat aspect is dienen. Als we bereid zijn onze geliefden achter te laten om in het zendingsveld te dienen, zegenen we hen met een erfgoed dat generaties lang leerzaam en inspirerend voor hen zal zijn.

Ik vind het opmerkelijk dat de Heer de broeders, onmiddellijk nadat Hij hen had opgedragen om hun kinderen in licht en waarheid te onderwijzen en hun huis in orde te brengen, op zending riep. 'Nu zeg Ik tot u, mijn vrienden: Laat mijn dienstknecht Sidney Rigdon zijn reis aanvaarden en haast maken, en eveneens (. . .) het evangelie der zaligheid verkondigen (. . .)' (LV 93:51).

Doordat wij in het zendingsveld dienen, zullen onze kinderen en kleinkinderen gezegend worden op een manier die onmogelijk zou zijn geweest als we thuis waren gebleven. Praat maar eens met echtparen die op zending zijn geweest. Zij zullen u vertellen hoe de zegeningen werden uitgestort: minder actieve kinderen werden actief, familieleden lieten zich dopen, en getuigenissen zijn versterkt door hun dienstbaarheid.

Een zendelingechtpaar liet hun boerderij achter onder de hoede van hun zoon. In het volgende nogal droge jaar kon hij twee keer hooi oogsten, terwijl de buren maar één oogst hadden. De buren vroegen aan hun zoon hoe het kwam dat hij zoveel meer had dan zij. De jongeman antwoordde: 'Je moet je ouders op zending sturen.'

Als de zegeningen voor zendelingechtparen en hun familie zo overvloedig zijn, waarom zijn er dan slechts een paar duizend in plaats van de tienduizenden die we nodig hebben? Ik denk dat er een paar zaken in de weg staan: angst, zorg om de familie, financiën en het vinden van de juiste zendingsplek.

Ten eerste: angst. Angst voor het onbekende of angst dat we niet de vereiste schriftuurlijke of taalvaardigheden hebben, kan ons doen aarzelen om op zending te gaan. Maar de Heer heeft gezegd: 'Wanneer gij zijt voorbereid, zult gij niet vrezen' (LV 38:30). Uw leven is uw voorbereiding. U heeft waardevolle ervaring opgedaan. U heeft een gezin grootgebracht en in de kerk gediend. Ga gewoon en wees uzelf. De Heer heeft beloofd dat engelen u voor zullen gaan. (Zie LV 103:19–20.) De Heilige Geest zal u op een heel natuurlijke wijze vertellen wat u moet zeggen en wanneer, als u de jonge zendelingen versterkt, tot onderzoekers en nieuwe leden getuigt, leidingvaardigheid overdraagt en minder actieve leden vriendschap en begeleiding biedt zodat ze weer geheel actief kunnen worden. U bent het getuigenis en u zult de mensen met wie u contact krijgt, raken. Echtparen gaan gewoonlijk niet langs de deuren. Evenmin leren zij lessen uit het hoofd of leven ze volgens hetzelfde schema als de jonge zendelingen. Wees gewoon uzelf, doe uw uiterste best en de Heer zal u zegenen.

In gebieden waar de kerk nog in de kinderschoenen staat, zorgen zendelingechtparen dankzij hun vaardigheid in begeleiden en leidinggeven voor stabiliteit. Dit zag ik heel duidelijk toen ik zendingspresident in Engeland was. Ik stuurde een echtpaar dat in een bezoekerscentrum gewerkt had, ter ondersteuning naar een kleine, moeizaam lopende gemeente. Ze zagen er een beetje tegen op om de 'veilige haven' van het bezoekerscentrum te verlaten. Maar in geloof gingen ze aan de slag. Binnen zes maanden was het aantal bezoekers in de avondmaalsdienst gestegen van vijftien á twintig naar meer dan honderd, en dit dankzij de begeleiding door dit echtpaar in samenwerking met de priesterschap. Tot op heden praten zij en hun kinderen over die tijd als de meest fantastische ervaring in hun leven.

Een ander echtpaar werkte onlangs in een dorpje ten zuiden van Santiago (Chili). Ze kenden geen Spaans en hadden nogal wat bedenkingen tegen een verblijf in een vreemd land zo ver van het gemak van hun eigen huis. Maar zij stortten zich met volle overgave in het werk, hielden van de mensen en dienden hen. Binnen de kortste keren groeide de gemeente van twaalf naar vijfenzeventig leden. Toen de dag aanbrak dat ze weer naar huis gingen, huurde de gemeente een bus zodat ze allemaal naar het vliegveld, vier uur rijden daar vandaan, konden gaan om hun bijzondere vrienden uit te zwaaien.

Het werk dat echtparen verrichten, is essentieel in het werk van de Heer. Echtparen kunnen een grote bijdrage leveren. Er zijn opmerkelijke resultaten die alleen echtparen tot stand kunnen brengen.

Ten tweede: zorg om de familie. De Heiland deed een beroep op vissers en verzocht ze: 'Komt achter mij' (Matteüs 4:19). Hij smeekte ze om hun dagelijkse omstandigheden achter te laten en vissers van mensen te worden. Wat we aan zendelingechtparen vragen is minder dan vijf procent van de tijd die ze hier op aarde doorbrengen. In een eeuwig perspectief betekent een zending dat we slechts een ogenblik weg zijn uit onze dagelijkse omgeving, van onze familie en van het plezier met oude vrienden.

De Heer zal uw familie op bijzondere wijze zegenen wanneer u op zending bent. 'Ik, de Here, [geef] hun een belofte, dat Ik voor hun gezinnen zal zorgen' (LV 118:3). Echtparen zijn soms bezorgd dat ze door hun afwezigheid niet bij huwelijken, geboorten, reünieën en andere familie evenementen kunnen zijn. Wij hebben vastgesteld dat de invloed van een zending op de familie meer waard is dan duizend speeches. De familieleden worden enorm gesterkt door voor hun ouders en grootouders te bidden en hun brieven te lezen waarin zij hun getuigenis geven en vertellen van de bijdrage die zij in het zendingsveld leveren.

Een zoon schreef een lieve brief naar zijn ouders in het zendingsveld: 'Jullie dienstbaarheid is een voorbeeld voor onze kinderen. Als gevolg daarvan zijn ze gewilliger om in hun roeping in de kerk te dienen. We ontwikkelen allemaal meer naastenliefde doordat we brieven uitwisselen en pakjes sturen. Als we brieven met nieuws van jullie ontvangen, versterkt dat ons getuigenis. Hoewel jullie gepensioneerd zijn en volgens wereldse normen gelukkig zouden moeten zijn, hebben jullie ons door op zending te gaan een nieuwe vorm van geluk getoond. Jullie hebben geluk gevonden dat voor geld niet te koop is. Wij hebben geobserveerd hoe jullie medische en andere obstakels overwonnen hebben, en hoe jullie gezegend zijn voor jullie gewilligheid om bij jullie kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen weg en op zending te gaan. We houden zielsveel van jullie!'

Een ander echtpaar schrijft: 'Een van onze kleinzoons schreef ons in Thailand en vertelde dat hij nog niet zeker geweten had of hij op zending wilde gaan, maar dat wij een voorbeeld voor hem waren en nu wist hij het zeker. Hij is nu op zending.'

Mijn eigen vader en moeder zijn op zending geweest in Engeland. Toen ik hen op zekere dag in hun flatje bezocht, zag ik hoe mijn moeder met een dikke shawl om haar schouders geslagen shillings in het verwarmingsapparaat gooide. Ik vroeg: 'Waarom ben je op zending gegaan?' Mijn moeder antwoordde eenvoudigweg: 'Omdat ik elf kleinzoons heb. Ik wil dat zij weten dat opa en oma op zending zijn gegaan.'

In 1830 deed de Heer een beroep op Thomas B. Marsh om zijn gezin te verlaten en op zending te gaan. Broeder Marsh zag het niet erg zitten om op dat moment bij zijn gezin weg te gaan. Maar de Heer zei op tedere wijze in een openbaring tegen hem: 'Ik [zal] u en uw gezin zegenen, ja, uw kleine kinderen, (. . .). Verhef uw hart en verheug u, want het uur van uw zending is gekomen (. . .). Daarom zal uw gezin kunnen leven. (. . .) Verlaat hen slechts voor een korte tijd en verkondig mijn woord, en ik zal een plaats voor hen bereiden' (LV 31:2–3, 5–6). Het zou kunnen dat dit precies de zegeningen zijn die uw kinderen, kleinkinderen, achterkleinkinderen en toekomstige nageslacht het hardste nodig hebben.

Ten derde: financiën. Sommige echtparen die graag op zending zouden gaan, kunnen niet vanwege hun leeftijd, gezondheid, financiën of familieomstandigheden. Misschien zouden zij die niet zelf kunnen gaan, een ander echtpaar kunnen steunen.

Zendingswerk gaat altijd gepaard met offers. Als er offers gebracht moeten worden, zullen de zegeningen des te overvloediger zijn. Kinderen, moedig uw ouders aan om op zending te gaan en verleen ze zo nodig financiële ondersteuning. Misschien moet u het een tijdje zonder babysit stellen, maar de eeuwige zegeningen voor u en uw gezin zullen dat kortstondige offer ruimschoots goed maken.

Tot de jongere echtparen die nog kinderen thuis hebben, wil ik zeggen: besluit nu om later op zending te gaan. Plan en bereid u voor zodat u er straks financieel, lichamelijk en geestelijk toe in staat zult zijn. Zorg dat het voorbeeld van een zending behoort tot het erfgoed dat u uw nageslacht nalaat.

In ons leven zijn twee unieke perioden waarin we de wet van toewijding waarlijk kunnen naleven en onszelf voltijds in dienst van de Heer kunnen stellen. De eerste is wanneer we als jonge man of vrouw een voltijdse zending vervullen. De andere is de unieke periode die komt nadat u aan de vereisten om uw brood te verdienen hebt voldaan. Die laatste zouden we de 'patriarchale jaren' kunnen noemen, waarin u uit rijke levenservaring kunt putten, als echtpaar gaan, en u volledig als dienstknecht en dienstmaagd van de Heer toewijden.

De zegeningen die voortvloeien uit een zending samen met uw eeuwige metgezel zijn onbetaalbaar en alleen zij die het zelf hebben meegemaakt, kunnen dat begrijpen. Mijn vrouw en ik hebben dat voorrecht genoten. Iedere dag is dan een bijzondere dag met dagelijkse beloningen die op het moment en de wijze van de Heer tot persoonlijke groei en ontwikkeling leiden. De bevrediging die hieruit voortkomt, zal uzelf, uw huwelijk en uw familie voor eeuwig tot zegen zijn.

Ten slotte: het vinden van de juiste zendingsplek. Het aantal wijzen waarop zendelingechtparen werkzaam kunnen zijn, is vrijwel onbeperkt. De mogelijkheden variëren van werk in het zendingskantoor en leiderstraining tot familiegeschiedenis, tempelwerk en humanitair werk -- praktisch iedere vaardigheid en elk talent waarmee de Heer u heeft gezegend, kan worden gebruikt.

Ga samen aan tafel zitten en inventariseer uw gezondheid, financiële middelen en uw persoonlijke gaven en talenten. Als dat allemaal in orde is, gaat u naar uw bisschop en zegt: 'Wij zijn klaar om te gaan.' Misschien denkt u dat het niet gepast is om het initiatief te nemen en uw bisschop of gemeentepresident te vertellen dat u op zending wilt gaan. Maar het is voor een oudere zuster of echtpaar wel gepast om hun priesterschapsleiders te laten weten dat ze op zending willen en kunnen gaan. Ik dring er bij u op aan om dat te doen.

Bisschoppen, u moet niet aarzelen om met echtparen een gesprek te voeren over een aanbeveling om een zending te vervullen en ze daartoe aan te moedigen.

Ouderling Clarence R. Bishop, hoofd van het Mormon Handcart bezoekerscentrum, is vijf keer op zending geweest. De eerste keer was als jonge man. De andere vier zendingen volgden nadat geïnspireerde priesterschapsleiders daarover met hem begonnen. Hij zegt dat hij misschien geen van die vier zendingen vervuld had als zijn bisschop hem daar niet toe aangespoord had.

Sommige rijpe echtparen en alleenstaande zusters zijn geroepen om leerlingen, leerkrachten en regeringsfunctionarissen in Thailand in de Engelse taal te onderwijzen. Deze gepensioneerde leraren en onderwijsdeskundigen hebben veel goeds gedaan in het onderwijzen in de Engelse taal aan leerlingen, in het trainen van leerkrachten en het vertegenwoordigen van de kerk in Thailand door vrijwillig de gaven en talenten die zij door jarenlange ervaring hebben ontwikkeld, aan te wenden. 'Jerry en Karen Johnson zijn in Hongkong op zending geweest om in Engels als tweede taal te onderwijzen. Op een goede dag, tegen het einde van hun zending, kwam er een klein meisje uit groep vier, op wie zuster Johnson erg gesteld was, naar haar toe, strekte haar armen uit alsof ze vloog en vroeg: 'Meiguo?', wat 'Amerika?' betekent. Zuster Johnson keek haar aan en zei: 'Ja, we gaan terug naar Amerika.' Het meisje begroef haar hoofd in de boezem van zuster Johnson en huilde tranen met tuiten. 'Ik hield haar stevig vast en huilde met haar mee', zei zuster Johnson. Toen kwamen er nog vijftig leerlingen bij ons staan, en we huilden allemaal. Onze zending heeft ons in een wervelwind van liefde geplaatst die ons als het ware volledig omhult.'

Toen Jezus de Twaalf op zending stuurde, gaf Hij hun het volgende gebod: 'Om niet hebt gij het ontvangen, geeft het om niet' (Matteüs 10:8). Waar veel gegeven is, wordt veel verwacht. U heeft in uw leven veel ontvangen. Ga nu voort en geef veel in dienst van uw Heer. Heb geloof; de Heer weet waar u nodig bent. Er is zo veel werk, broeders en zusters, en er zijn zo weinig arbeiders.

'Wanneer gij in de dienst van uw naasten zijt, [zijt] gij louter in de dienst van uw God (. . .)' (Mosiah 2:17).Ik weet dat dit zijn werk is. Ga uit en dien Hem!

Dat u en uw familieleden de zegeningen van een zending mogen genieten is mijn gebed in de naam van Jezus Christus. Amen.

 
© 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy