The Christus statueThe Church of Jesus Christ of Latter-day Saints Search | Feedback | Site Map | Help | Country Sites |
Home Talen Hoofdmenu
Algemene conferentie
oktober 2001
Onze plicht jegens God

Onze plicht jegens God

Ouderling Cecil O. Samuelson
van de Zeventig

'Het priesterschap dragen en je plicht jegens God nakomen is niet alleen een heel ernstige verantwoordelijkheid, maar ook een opmerkelijk voorrecht.'

Elder Cecil O. Samuelson Jr.

Als jongeman was ik onder de indruk van het verhaal in het Oude Testament over Samuël, wiens leven door zijn dankbare moeder, Hanna, aan God was toegewijd. Als jongen ging hij al in de tempel wonen om daar te werken. Eens werd hij 's nachts drie maal door de Heer geroepen, en elke keer antwoordde hij 'Hier ben ik'1, menend dat hij was geroepen door zijn leraar, de hogepriester Eli. Samuël 'kende de Here nog niet; nog nooit was hem een woord des Heren geopenbaard.'2De wijze Eli wist dat en begreep dat de Heer de jonge knaap had geroepen. Daarom leerde hij Samuël hoe hij moest antwoorden, en de volgende keer toen hij door de Heer werd geroepen, antwoordde Samuël: 'Spreek, want uw knecht hoort.'3

Wanneer we het leven van Samuël volgen, kunnen we zien dat hij zijn plicht jegens God is nagekomen. 'Samuël nu groeide op, en de Here was met hem en liet geen van zijn woorden ter aarde vallen.'4Daardoor werd Samuël zelf een groot profeet en leider.

Ik hoop dat jullie, jongemannen van de Aäronische priesterschap in deze tijd, begrijpen dat ook jullie, zoals Samuël, een heilige plicht hebben jegens God. Samuël had een heel goede moeder, Hanna, en een geweldige priesterschapsleider, Eli. De meesten van jullie hebben ook geweldige ouders en geïnspireerde priesterschapsleiders, die voor jullie zorgen en die klaarstaan om jullie en je ouders te helpen bij je streven om je plicht jegens God na te komen.

President Gordon B. Hinckley heeft over jullie en over jullie generatie van jonge mensen gezegd: 'Ik heb (. . .) altijd grote liefde voor de jongemannen en jonge vrouwen van de kerk gehad. (. . .) We hebben jullie erg lief, en bidden voortdurend dat wij in staat zullen zijn jullie te helpen. Jullie leven is vol moeilijke beslissingen, en bovendien vol dromen, hoop en verlangens om datgene te vinden waardoor je gemoedsrust en geluk zult vinden. (. . .)

'Ik beloof je dat God je niet in de steek zal laten als je doet wat Hij wil en je laat leiden door zijn geboden.'5

Laat ik jullie, met deze belofte van de profeet in gedachte, herinneren aan de hulpmiddelen die de kerk jullie biedt om je te helpen je plicht jegens God na te komen, zoals ze zijn genoemd door ouderling Hales en de brief van het Eerste Presidium. De doeleinden van het Aäronisch priesterschap dragen ertoe bij dat jullie:

  • Je bekeren tot het evangelie van Jezus Christus en volgens zijn leringen leven.

  • Getrouw werkzaam zijn in priesterschapsroepingen en de taken vervullen die je hebt uit hoofde van je priesterschapsambt.

  • Zinvol dienstbetoon verrichten.

  • Je voorbereiden op het Melchizedeks priesterschap en de tempelverordeningen en zo leven dat je die kunt ontvangen.

  • Je voorbereiden op een eervolle zending.

  • Zo veel mogelijk leren en je erop voorbereiden om een goede echtgenoot en vader te worden.

  • Vrouwen, meisjes en kinderen respecteren zoals het hoort.

    Door het programma Plicht jegens God kun je deze doeleinden van het Aäronisch priesterschap te bereiken. Om de onderscheiding Plicht jegens God te kunnen krijgen, moet je voldoen aan een aantal doelen van het Aäronisch priesterschap; verder moet je deelnemen aan gezinsactiviteiten, bepaalde quorumactiviteiten en een dienstbetoonproject in het kader van een Plicht jegens God, een persoonlijk verslag bijhouden en persoonlijke doelen bereiken in de volgende vier categorieën:

  • Geestelijke ontwikkeling

  • Lichamelijke ontwikkeling

  • Scholing, karaktervorming en beroepsplanning

  • Burgerschap en sociale ontwikkeling

    Als je aan de scouting kunt deelnemen, zul je wel merken dat veel van de vereisten voor de scouting overeenkomen met wat je moet doen voor de onderscheiding Plicht jegens God. Zowel van Plicht jegens God als van de scoutingactiviteiten leren we dat we voorbereid moeten zijn op 'elk noodzakelijk' terrein.6De onderscheidingen Plicht jegens God en kroonverkenner [of soortgelijke onderscheidingen] vullen elkaar aan.

    Het Eerste Presidium en het Quorum der Twaalf hebben jullie lief en willen jullie sterken in deze steeds moeilijker wordende tijden. Daarom hebben ze een vernieuwde brochure samengesteld:Voor de kracht van de jeugd: onze plicht jegens God vervullen,met aanvullend materiaal voor de jongemannen, jongevrouwen, ouders en leiders.

    Als jullie, jongemannen van de Aäronische priesterschap, ernaar streven de onderscheiding Plicht jegens God te behalen, zoals de jonge vrouwen ook aan hun persoonlijke vooruitgang werken, zullen jullie ook samen met hen als getuigen van God staan. Dat getuigenis komt tot uitdrukking in wat je zegt, maar ook in hoe je leeft en de geboden onderhoudt.

    Je weet dat de onderscheiding Plicht jegens God te ontvangen niet het uiteindelijke doel is, maar dat het erom gaat dat je die eigenschappen verwerft waardoor je je beter kunt richten op je plicht jegens God. Deze eigenschappen zullen je op het juiste spoor houden om de gedragsnormen na te leven en klaar te zijn voor de heilige taken en kansen die vóór je liggen. Door die eigenschappen kun je nu gelukkig, rein en sterk zijn, en je ook voorbereiden op belangrijke gebeurtenissen voor de eeuwigheid, zoals de zegeningen van de heilige tempel ontvangen, op zending gaan en uiteindelijk aan een goede partner worden verzegeld in het huis des Heren.

    Toen Alma de mensen in het land Gideon onderwees, maakte hij het volgende duidelijk in woorden die nog steeds dezelfde betekenis hebben: 'Nu, mijn geliefde broederen, ik heb u deze dingen gezegd, opdat ik een besef uwer plichten jegens God in u mocht opwekken, opdat gij onberispelijk voor Hem moogt wandelen; opdat gij moogt wandelen volgens de heilige orde Gods, naar welke orde gij zijt ontvangen.'7

    Jullie die het priesterschap hebt ontvangen, zullen willen wandelen volgens deze 'heilige orde' waarin je bent geroepen en geordend. Je merkt dat er bij elke zegening die is beloofd, verantwoordelijkheid hoort. Door aan die verantwoordelijkheid te voldoen, krijg je de gelegenheid om anderen te dienen en jezelf geestelijk te ontwikkelen. Dat zijn belangrijke stappen in je ontwikkeling om meer op Jezus te gaan lijken.

    De Heiland, die alles voor ons heeft geleden, heeft moeilijkheden gehad die lijken op sommige problemen waarmee wij te maken krijgen in onze jaren als Aäronisch-priesterschapsdrager.8Je weet nog wel van Jezus' ervaring op de leeftijd waarop de meesten van ons diaken worden. Hij was met zijn familie en anderen naar de tempel gegaan. Toen het tijd werd om naar huis te gaan, was Hij niet bij Maria en Jozef. Ze zullen wel hebben aangenomen dat hij bij andere goede vrienden of familieleden was. Pas toen Hij er nog steeds niet was, werden ze ongerust. Als goede ouders deden Maria en Jozef wat jullie ouders onder dergelijke omstandigheden zouden hebben gedaan: ze gingen Hem zoeken. Ze vonden Jezus in de tempel, en waarschijnlijk zullen alleen ouders en grootouders hun gemengde gevoelens kunnen begrijpen toen Maria en Jozef merkten dat Hij veilig was, maar ook een beetje verbaasd waren door zijn reactie. Heeft een van jullie wel eens zoiets meegemaakt? We kennen allemaal het gesprek dat volgde: 'En toen zij Hem zagen, stonden zij versteld en zijn moeder zeide tot Hem: Kind, waarom hebt Gij ons dit aangedaan? Zie, uw vader en ik zoeken U met smart! En Hij zeide tot hen: Waarom hebt gij naar Mij gezocht? Wist gij niet, dat Ik bezig moet zijn met de dingen mijns Vaders?'9

    Jezus had kunnen zeggen: Weet u niet dat ik mijn plicht jegens God vervul?

    Volgens president Harold B. Lee is de betekenis van Jezus' antwoord te vinden in afdeling 64 van de Leer en Verbonden.10President Lee heeft gezegd: 'Als iemand priesterschapsdrager wordt, dan wordt hij een vertegenwoordiger van de Heer. Hij moet van zijn roeping begrijpen dat hij bezig is met het werk van de Heer. Dat is wat het groot maken van het priesterschap betekent. Stel u voor dat de Meester ieder van u die vraag stelt, zoals die Jongen het Jozef en Maria vroeg: Wist gij niet, dat ik bezig moet zijn met de dingen mijns Vaders? Wat u ook doet volgens de wil de Heren, is de zaak des Heren.'11Daarom is het priesterschap dragen en je plicht jegens God nakomen niet alleen een heel ernstige verantwoordelijkheid, maar ook een opmerkelijk voorrecht.

    Soms kun je het gevoel hebben dat je ouders en leiders reageren zoals Maria en Jozef. Lucas schrijft, na Jezus' antwoord in de vorm van zijn belangrijke vraag over de dingen van zijn Vader: 'En zij begrepen het woord niet, dat Hij tot hen sprak.'12

    Let toch goed op wat Jezus deed! Het is een voorbeeld van wat wij moeten doen als we werkelijk onze plicht jegens God willen vervullen. 'En Hij ging met hen terug en kwam te Nazaret en was hun onderdanig. (. . .) En Jezus nam toe in wijsheid en grootte en genade bij God en mensen.'13

    Je moet bedenken dat je plicht jegens God heel duidelijk verbonden is met je plicht jegens je eigen familieleden, in het bijzonder je ouders. Door niet alleen God onderworpen en onderdanig te zijn zoals het behoort, maar ook onze ouders en priesterschapsleiders, kunnen we onze plicht jegens God werkelijk vervullen. Mogen wij allen zoals Samuël zijn, die tot de Heer zei: 'Spreek, want uw knecht hoort.'14In de naam van Jezus Christus. Amen.

    NOTEN

    1. Zie 1 Samuël 3:4–8.
    2. 1 Samuël 3:7.
    3. 1 Samuël 3:10.
    4. 1 Samuël 3:19.
    5. 'Advies en een gebed van een profeet voor jongeren',Liahona,april 2001, blz. 30.
    6. Zie LV 88:119.
    7. Alma 7:22.
    8. Zie Alma 7:11 en LV 18:11.
    9. Lucas 2:48–49.
    10. Zie LV 64:29.
    11. Harold B. Lee,Stand Ye in Holy Places(1974), blz. 255.
    12. Lucas 2:50.
    13. Lucas 2:51–52.
    14. 1 Samuël 3:10.

  •  
    © 2008 Intellectual Reserve, Inc. All rights reserved.   Rights and use information.  Privacy policy