Zion is de reinen van hart
Elaine S. Dalton
Algemeen jongevrouwenpresidente
CES-haardvuuravond voor jongvolwassenen • 13 september 2009 • Brigham Young University
Ik vind het een voorrecht om vanavond voor jullie te staan. Ik wil iedereen in het koor bedanken voor de prachtige muziek. Hartelijk dank voor de fijne geest. En bedankt voor dat prachtige gebed. Het stemt me gelukkig en nederig om hier te zijn, en ik bid dat ieder van jullie zal weten hoeveel de Heer jullie liefheeft. Ik wil dat jullie weten hoeveel ik jullie liefheb.
Ik ben blij dat mijn man, Steve, en andere leden van onze familie hier ook zijn. Ik houd van mijn man. Hij en ik hebben allebei aan de Brigham Young University gestudeerd en hier hebben we de beslissing genomen om te trouwen. Ik vind het interessant dat ik op onze trouwdag voor jullie sta. Gefeliciteerd, schat! Weet je, we zijn nu net zo lang getrouwd als het duurde om de Salt Laketempel te bouwen! Of zo lang als de Israëlieten door de wildernis doolden! En de resultaten daarvan zitten hier op de voorste rij. Onze kinderen zijn onze schatten. Ik houd van ze. Ik vind het heerlijk om hun moeder te zijn. Ik heb ze in het evangelie zien groeien en onderricht zien krijgen vanaf de spreekgestoeltes in de kerk. En ik ben dankbaar dat ze ervoor gekozen hebben om naar de raad van profeten, zieners en openbaarders te luisteren.
Ik heb de jongeren van de kerk in het evangelie zien groeien. Ik heb een unieke en speciale band met de jongevrouwen, omdat ik al jarenlang lid ben van het algemeen jongevrouwenpresidium. We hebben eigenlijk samen jullie jaren in de jongevrouwen doorgebracht. We hebben samen onze jongevrouwenmedaillons verdiend. We hebben iedere week samen de woorden van het jongevrouwenthema opgezegd: ‘Wij zijn dochters (…) Wij staan (…) Wij geloven (…) , wij worden voorbereid.’1 Ik zie jullie als mijn jongevrouwen. En jongemannen, ik heb gezien dat velen van jullie het priesterschap hebben ontvangen en tot ambten daarin zijn geordend. Ik heb gezien dat jullie je verbonden en het priesterschap hebben geëerd en over de hele wereld op zending zijn gegaan. Ik ben zovelen van jullie in je zendingsgebied tegengekomen. Jullie zijn mijn helden! Jullie hebben zoveel kracht, moed en een verlangen naar rechtschapenheid.
De Heer zal je helpen met belangrijke beslissingen
Als heiligen der laatste dagen zijn jullie allemaal aan een reis begonnen, en je bevindt je in de belangrijkste fase van je leven. Dit is de tijd waarin je eeuwige gewoonten vormt en eeuwige beslissingen neemt. Jullie zijn de toekomst van de kerk en van het land waar je woont. Jullie zijn ‘met het oog op deze tijd’ bewaard (Ester 4:14). Jullie zullen mogelijkheden krijgen die je verwachtingen ver te boven gaan, en je zult net als ik gezegend worden met beslissende momenten die deze fase van beslissingen zullen beïnvloeden.
Hier, tijdens een devotional als deze aan de BYU, is het allemaal voor mij begonnen. Ik was al een tijdje uit aan het gaan met een jonge man. Op een avond begon hij over het huwelijk te praten en hij was erg volhardend! Die nacht sliep ik niet goed door wat hij had gezegd, en ik wist dat ik een beslissing moest nemen. Ik bad dat de Heer me zou laten weten wat ik moest doen, maar ik kreeg niet meteen antwoord. De volgende ochtend gingen we samen naar een devotional. Toen we daar zaten, luisterde ik verbaasd naar de spreker, ouderling A. Theodore Tuttle, die begon te spreken over het nemen van belangrijke beslissingen. Het leek wel of hij rechtstreeks tot mij sprak en of hij de verlangens van mijn hart kende. Zijn woorden drongen tot diep in mijn ziel door. Hij beschreef het proces van het nemen van beslissingen aan de hand van Leer en Verbonden 9. Iedereen leek te weten wat daar stond, behalve ik. Jullie weten ook allemaal wat er staat, maar voor mij was het die dag zuivere openbaring, en ik leerde toen een manier om antwoord op mijn gebeden te ontvangen. Hij las:
‘Zie, u hebt het niet begrepen; u hebt verondersteld dat Ik het u zou geven, terwijl u niet verder dacht dan alleen Mij te vragen.
‘Maar zie, Ik zeg u dat u het in uw gedachten moet uitvorsen; daarna moet u Mij vragen of het juist is, en indien het juist is, zal Ik uw boezem in u doen branden; bijgevolg zult u voelen dat het juist is.
‘Maar indien het niet juist is, zult u zulke gevoelens niet hebben, maar zult u een verdoving van gedachten hebben die u hetgeen verkeerd is zal doen vergeten’ (LV 9:7–9).
Hoewel die woorden oorspronkelijk tot Oliver Cowdery waren gericht, waren ze op dat moment persoonlijk voor mij. Ze waren een direct antwoord op de vraag die ik de avond daarvoor in gebed had gesteld. Ouderling Tuttle sprak toen over het maken van een lijst met positieve en negatieve aspecten, waarna we een voorlopige beslissing nemen en die beslissing in gebed aan de Heer voorleggen.2
Ik wist dat ik in actie moest komen! Ik kon niet blijven doen wat ik deed. Ik moest een beslissing nemen. Ik wist het en ik wist dat God wist dat ik het wist. Nadat ik een voorlopige beslissing had genomen, kon ik niet zeggen dat mijn antwoord mijn boezem in mij deed branden. Maar ik kreeg wel een goed en rustig gevoel. Ik voelde me niet meer verward of bezorgd. Ik voelde me rustig. Ik wist wat ik moest doen en ik was blij. En dus zette ik het door, en die volhardende jongeman is hier vanavond bij me. Ik ben dankbaar voor zijn goedheid, volharding en geduld.
Was het altijd gemakkelijk nadat ik dat antwoord had gekregen? Nee. Mijn man zegt nu nog dat hij je nog de sleepsporen kan laten zien op de stoep buiten de Salt Laketempel, waar ik een beetje bang werd en dacht dat ik wilde wachten. Maar ik leerde: als je na gebed je geloof oefent, zal de Heer je helpen bij het nemen van belangrijke beslissingen op belangrijke momenten. Hij zal je gebeden horen en door middel van de Heilige Geest beantwoorden. Je staat er niet alleen voor. Jullie hebben de gave gekregen om leiding van de Heilige Geest te ontvangen. In Leer en Verbonden 8 belooft de Heer ieder van ons: ‘Ik zal in uw gedachten en in uw hart tot u spreken’ (LV 8:2). Dat is mij gebeurd en dat zal jullie ook gebeuren.
Ik geef mijn getuigenis dat de Heer onze gebeden hoort en beantwoordt, en dat Hij ons zal leiden. Maar dan moeten wij zijn wil doen en zijn geboden onderhouden. Op die manier ontvangen we persoonlijke openbaring. En daarom bid ik vanavond dat de Geest van de Heer bij jullie zal zijn terwijl je luistert naar de boodschap die ik heb voorbereid — dat die glashelder zal zijn. Ik bid dat deze boodschap in je hart gegrift zal worden en iets persoonlijks voor je zal worden. Ik bid dat de Heilige Geest tot je zal getuigen hoe belangrijk deze eenvoudige boodschap is, zodat je die kunt gebruiken bij de belangrijke beslissingen die je op belangrijke momenten in je leven zult nemen.
Ga de wereld voor in een terugkeer naar deugd
Mijn boodschap is vanavond een luide en duidelijke oproep voor jullie, de jongvolwassenen van dit uitverkoren geslacht, om de wereld voor te gaan in een terugkeer naar deugd. Wat is deugd? Waarom is het belangrijk? En hoe kunnen wij samen deze edele en heilige taak volbrengen?
Ik wil beginnen met een eenvoudig verhaal van Agnes Caldwell, een meisje uit de pionierstijd. Agnes vertelt wat haar in 1856 overkwam als lid van de handkarcompagnie Willie. Ze was toen pas negen jaar oud. Ze vertelt: ‘Hoewel ik toen nog erg jong was, kan ik nog steeds mijn ogen sluiten en alles als een film voor me zien. Het eindeloze lopen zal altijd in mijn gedachten blijven. Ik was vaak zo moe dat ik heel kinderlijk aan de handkar ging hangen, waar ik heel zachtjes vanaf geduwd werd. Dan bleef ik langs de weg liggen huilen. En als ik besefte dat iedereen me voorbij was gegaan, sprong ik weer op en rende ik extra hard om ze in te halen.’
Ze vertelt verder: ‘Vlak voordat we over de bergen gingen, kwamen er mensen om ons te helpen. Dat was een opluchting. De zwakke en oudere mensen mochten in huifkarren rijden en de gezonde mensen liepen verder. Toen de huifkarren op weg gingen, probeerden enkele kinderen de huifkarren bij te houden, in de hoop dat ze mochten meerijden. Dat hoopte ik in ieder geval. Een voor een vielen ze af, totdat ik de enige was, vastbesloten om mee te rijden. Na de langste afstand van mijn leven te hebben gerend, vroeg de voerman (…) aan me: “Wil je soms meerijden, meisje?” Ik antwoordde zo netjes mogelijk: “Ja, meneer.” Toen greep hij mijn hand beet en liet de paarden harder lopen, waardoor ik harder moest rennen. En mijn benen waren al zo moe. En zo gingen we naar mijn gevoel wel kilometers verder. Ik vond toen dat hij de gemeenste man op aarde was. (…) Toen ik echt niet meer verder kon, stopte hij. Hij nam een deken, sloeg die om me heen en legde me op de bodem van de huifkar, warm en zacht. Nu had ik de tijd om van gedachten te veranderen. En dat deed ik. Ik wist dat hij me van bevriezing had gered voordat hij me in de huifkar tilde.’3
‘Agnes Caldwell en haar familie kwamen op 9 november 1856 in de Salt Lake Valley aan. Ze vestigden zich in Brigham City (Utah), waar Agnes Chester Southworth ontmoette en met hem trouwde. Ze kregen dertien kinderen [en] richtten samen met andere kerkleden een kolonie op in Cardston (Alberta, Canada).4 Als de voerman van die huifkar Agnes in de wagen had gelaten zonder haar eerst te laten rennen, was ze zeker aan de bittere kou bezweken. En als Agnes de moed had opgegeven en was achtergebleven, was haar verhaal heel anders afgelopen. Maar voor Agnes was het een uiterst belangrijk moment, en hoewel de beslissing om te rennen eigenlijk niet logisch leek, rende ze toch. Ze rende naar Zion — in de voetstappen van de profeet Brigham Young, luisterend naar de stem van de Heer, die had gezegd: ‘Laten zij ontwaken en opstaan en naar voren komen en niet talmen, want Ik, de Heer, gebied het’ (LV 117:2).
Ze rende voor haar leven! Dat was moeilijk en ze bood weerstand. Maar door te rennen, kon ze voldoende lichaamswarmte voortbrengen om haar warm te houden en tijdens de rit in de wagen niet te bevriezen. Jullie zijn allemaal onderweg naar Zion en net als op Agnes zijn de woorden van de Heer ook op jullie van toepassing: ‘Laten zij ontwaken en opstaan en naar voren komen en niet talmen’ (LV 117:2), want Zion is niet alleen een plek — Zion is ‘de reinen van hart’ (LV 97:12). En reinheid van hart moet jullie doel zijn om die uiteindelijk bestemming te kunnen bereiken! Nog nooit eerder is er een generatie als die van jullie geweest. Jullie zijn beter voorbereid en beter toegerust. Jullie hebben wat er nodig is en het is nu tijd om voor je leven te rennen — naar Zion te rennen!
President Thomas S. Monson en zijn voorgangers hebben ons de juiste weg gewezen. De weg is duidelijk aangegeven en ons tempo is regelmatig en stevig. Net als van Agnes wordt er van jullie verwacht dat je de vlakten oversteekt. Je hoeft dan misschien niet al je aardse bezittingen op te geven, maar tijdens je reis naar Zion wordt er wel van je vereist dat je al je zonden opgeeft, dat je Hem leert kennen — de ware en levende Christus. Er kan zelfs van je verwacht worden dat je rent totdat je uitgeput bent. Maar als je dat doet, zal de warmte van de liefde van de Heer je behouden voor het grote werk dat in het verschiet ligt.
Er wordt van je verwacht dat je hetzelfde doet als wat de Heer verwachtte toen Hij zijn kerk De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen noemde. In Leer en Verbonden 115 lezen we: ‘Staat op en laat uw licht schijnen, opdat het een standaard voor de natiën zal zijn’ (vs. 5). De kleine Agnes Caldwell rende richting Zion. En daardoor waren zij en anderen een voorbeeld voor de naties en voor deze generatie. Haar reis naar Zion had vooral te maken met haar geloof en getuigenis. Haar reis had te maken met Joseph Smith en Moroni en Oliver Cowdery en Nephi en Mozes en Jozua en zelfs Thomas S. Monson. En het had en heeft alles te maken met jou en met mij. Agnes rende omdat ze een getuigenis had. Haar moeder wist dat het evangelie waar was en onderwees haar dochter erin. Zij offerden alles op om naar Zion te komen en daar een tempel voor onze God te bouwen. Zij wisten dat Joseph Smith een profeet van God was en dat het Boek van Mormon waar was. Zij wisten dat de zegeningen die zij in de heilige tempel konden ontvangen noodzakelijk waren om het plan te vervullen. En ze wisten, zoals Moroni herhaaldelijk tegen Joseph Smith had gezegd, dat ‘indien het niet zo ware, de ganse aarde bij zijn komst volslagen [zou] worden verwoest’ (Geschiedenis van Joseph Smith 1:39).
Zion was toen, en is nu, het doel. Het is de reden van het herstelde evangelie van Jezus Christus. En nu is het tijd, zoals Mormon en Moroni zeiden, om ‘getrouw in Christus’ te zijn (Moroni 9:25) en om ‘iedere goede gave aan te grijpen en de kwade gave niet aan te roeren, noch het onreine’ (Moroni 10:30). En: ‘Ontwaak en verhef u uit het stof (…), opdat de verbonden van de eeuwige Vader, die Hij met u, o huis Israëls, heeft gesloten, zullen worden vervuld’ (Moroni 10:31). Dit is de tijd voor een terugkeer naar deugd!
Een terugkeer naar deugd is een terugkeer naar reinheid
Deugd is reinheid. Deugd begint in het hart en het verstand. Deugd is ‘een gedachten- en gedragspatroon dat op hoge zedelijke normen is gebaseerd.’5 De kern van deugd is kuisheid — seksuele reinheid. Deugd en kuisheid zijn onafscheidelijk met elkaar verbonden. De een kan niet zonder de ander. Een terugkeer naar deugd is een terugkeer naar reinheid. Sommige mensen hebben gezegd dat deugd inhoudt dat je aardig of eerlijk of integer bent. Maar de kern van een deugdzaam leven is kuisheid, en iemand kan niet eerlijk of integer zijn zonder seksueel rein te zijn. Dat is onmogelijk. Niemand kan lichtzinnig omgaan met de goddelijke geest en het waardevolle lichaam — de eeuwige ziel — van een ander en ook maar enige vorm van deugdzaamheid bezitten. Wie dat doet, brengt de keuzevrijheid in gevaar waar we in het voorsterfelijk leven zo hard voor hebben gevochten. Er wordt wel gezegd dat deugdzaamheid alleen voor vrouwen geldt, maar dat is niet waar. Het Latijnse woord voor deugd is virtus, wat ‘kracht’ betekent. Een hedendaagse betekenis van deugd is een ‘doeltreffende macht of kracht, vooral het vermogen om te genezen of te versterken.’6 Dus deugd geldt niet alleen voor vrouwen, maar voor iedereen.
Toen de vrouw in Jeruzalem haar hand uitstak en het kleed van de Heiland aanraakte, wist ze dat ze genezen zou worden. Waarom? Omdat ze zijn reinheid en kracht herkende. De Heiland heeft zelf gezegd: ‘Ik heb kracht van Mij voelen uitgaan’ (Lucas 8:46; cursivering toegevoegd; zie ook Marcus 5:30; Lucas 6:19). De soort kracht die Hij bedoelde, was deugd en priesterschapsmacht, waar mannen in de kerk mee gezegend worden als ze rein zijn en ‘deugd en heiligheid voor [de Heer] betrachten’ (LV 38:24).
Vlak na de algemene conferentie van april vorig jaar heb ik met mijn twee nieuwe raadgeefsters, Mary Cook en Ann Dibb, op een koude dag Ensign Peak beklommen, en hebben we een goudkleurige Peruviaanse sjaal ontvouwd — een vaandel voor een terugkeer naar deugd. Boven op die berg, toen we over de vallei uitkeken en de prachtige Salt Laketempel zagen, wisten we dat een terugkeer naar deugd een terugkeer naar zedelijke reinheid betekende. Deugd is de gouden sleutel die de deur van de tempel opent. Zoals ouderling Russell M. Nelson ons heeft geleerd is de tempel in feite de reden voor alles wat wij doen in de kerk: ‘Iedere activiteit, iedere les, alles wat we in de kerk doen, is gericht op de Heer en zijn heilig huis.’7 Brigham Young wist dat, en daar op Ensign Peak wisten wij dat.
Toen we ons vaandel voor de wereld ontvouwden, wisten we dat een terugkeer naar deugd niet alleen belangrijk is, maar essentieel. Wij moeten aan de vereisten voldoen om naar de heilige tempel van de Heer te gaan en heilige verbonden te sluiten en na te leven, en het werk te doen waar we ons op hebben voorbereid en waartoe we zijn geordend. Niets onreins mag zijn huis binnengaan. Net als de voerman van die huifkar Agnes Caldwell voor bevriezing behoedde, hebben wij de kans en het voorrecht om verlossers op de berg Zion te worden — om iets voor anderen te doen wat ze niet zelf kunnen doen. Dat kan alleen als we waardig zijn om heilige verbonden te sluiten en na te leven en als we de verordeningen van de tempel ontvangen.
‘Een uitverkoren geslacht’
Ieder van jullie heeft een groot werk te doen. Wat je doet en wat je beslist, is erg belangrijk, omdat jij belangrijk bent. Jullie zijn ‘uitverkoren geesten die bewaard waren om in de volheid der tijden op aarde te komen en deel te nemen aan het leggen van de grondslag voor het grootse werk der laatste dagen, waaronder het bouwen van de tempels en het daarin verrichten van de verordeningen’ (LV 138:53–54).
Het is geen wonder dat de kracht van Satans aanvallen toeneemt. Hij wint als jullie afgeleid, belemmerd of uitgesloten worden van tempelgang en het werk waartoe je bent voorbereid en bestemd. Het is duidelijk dat jullie rein moeten zijn en waardig om de influisteringen van de Geest te ontvangen die je nodig hebt voor de beslissingen die je nu neemt. Het is ook duidelijk dat jullie waardig moeten blijven om naar de heilige tempel van de Heer te gaan.
Alle offers en al het werk van de voorgaande generaties hebben tot dit moment geleid. De pioniers hebben alles opgeofferd, zelfs hun leven, zodat wij deze tijd mochten meemaken. Want weet je, je komst naar de aarde was geen toeval. Alles maakt deel uit van het plan dat we in het voorsterfelijk bestaan hebben aanvaard. Jullie bevinden je op een opmerkelijke plek in de geschiedenis van de wereld. Er is van jullie gezegd dat je een ‘essentiële generatie’ bent.8 Petrus heeft over jullie gezegd: ‘Gij echter zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie’ (1 Petrus 2:9). Nooit tevoren is er zo veel verwacht. Nooit tevoren is er zo veel gegeven profeten, Schriften, priesterschap, verordeningen en verbonden, tempels, het Boek van Mormon en het volle evangelie. Jullie zijn voorbereid, geroepen en gekozen. Dit is jullie tijd. Volgens mij zullen de bijdragen van jullie generatie in vet gedrukt worden in iedere terugblik op deze onrustige tijd waarin we leven.
Om de taken te volbrengen waartoe je bent geordend, moet je geloof stevig op onze Heiland, Jezus Christus, zijn gebaseerd. Je moet bedenken dat geloof niet alleen een beginsel van kracht is, maar ook van handelen. Je moet handelen naar het geloof dat je al bezit. In de voorsterfelijke wereld hebben jullie blijk gegeven van je ‘buitengewone geloof en goede werken’ (Alma 13:3). Alma zegt dat eenieder van jullie ‘sedert de grondlegging der wereld’ was ‘geroepen en voorbereid, volgens de voorkennis Gods’ (Alma 13:3). Jongemannen, jullie waren voorbereid om het priesterschap te ontvangen, waardoor je in staat zou worden gesteld om hier op aarde de macht van God te gebruiken. Jonge vrouwen, jullie kregen de edele gave en verantwoordelijkheid om anderen te koesteren en moeder van andere uitverkoren geesten te worden. Jullie hebben de machten der goddelijkheid gekregen om sterfelijke levens te scheppen. Deugdzame mensen zijn toegewijd aan de heiligheid van het leven. Zij respecteren Gods raad wat betreft de manier waarop het leven tot stand komt en wordt beschermd en gekoesterd. Er is geen grotere kracht dan de kracht van deugdzaamheid, en er is geen grotere gerustheid dan de gerustheid van een deugdzaam leven.
In de voorsterfelijke wereld hebben jullie aan een oorlog deelgenomen. Jullie vochten met je geloof en getuigenis om het plan van God de Vader te accepteren en te steunen. Jullie wisten dat het goed was en jullie wisten dat de Heiland zou doen wat Hij zei dat Hij zou doen. Want jullie kenden Hem! Er waren geen neutrale geesten bij de oorlog in de hemel en er kunnen nu ook geen neutrale posities zijn, nu er keuzes tussen goed en kwaad moeten worden gemaakt. De Heer heeft zelf gezegd: ‘Wie met Mij niet is, die is tegen Mij’ (Matteüs 12:30). Jullie stonden aan zijn zij! Jullie waren enthousiast over je opdracht. Jullie wisten wat er van je verwacht zou worden. Jullie wisten hoe moeilijk het zou zijn, en toch hadden jullie het vertrouwen dat je niet alleen je goddelijke zending kon vervullen, maar dat je ook echt iets kon betekenen. Een profeet heeft over jullie en jullie generatie gezegd:
‘Al bijna zesduizend jaar heeft God jullie bij Zich gehouden om in de laatste tijd voor de wederkomst van de Heer op aarde te komen. (…) God heeft voor die laatste periode enkele van zijn sterkste kinderen bewaard en zij zullen zijn koninkrijk helpen triomferen. En daarvoor hebben we jullie nodig, want jullie maken deel uit van de generatie die erop voorbereid moet worden God te ontmoeten.
‘Door alle eeuwen heen hebben de profeten naar onze bedeling gekeken. Miljarden mensen die zijn overleden, of die nog geboren moeten worden, kijken naar ons. Laat er geen misverstand over bestaan — jullie zijn een uitverkoren generatie.’9
Een terugkeer naar deugd kan een natie redden
Toen Petrus zijn brief aan de eerste heiligen schreef, zei hij dat ze ‘deugd’ aan hun geloof moesten toevoegen (2 Petrus 1:5). Geloof zonder deugd zou snel wegkwijnen en afsterven, want zonder deugd is er geen reinheid. Zonder deugd is er geen kracht. Zonder deugd is er geen spiritualiteit. Het is duidelijk dat je, als je echt begrijpt wie je bent, zuiver moet zijn, want reinheid gaat aan geestelijke kracht vooraf.10 De kracht waar ik het over heb, is niet de soort macht die we in de wereld zien. Die kracht heeft niets te maken met roem, stand, uiterlijk, faam of rijkdom. De macht en de kracht die ik bedoel heeft alles te maken met deugdzaamheid: waarmee kuisheid en seksuele reinheid worden bedoeld.
We leven in een wereld die zich erom bekommert dat dingen schoon en zuiver zijn: schone lucht, een schoon milieu, schoon water en voedsel. Hier en daar worden wetten uitgevaardigd tegen luchtvervuiling. Een regering kan geld vrijmaken voor milieubeschermende maatregelen om ervoor te zorgen dat we geen verontreinigde stoffen in de lucht, ons water en ons voedsel krijgen. En toch accepteert de samenleving de morele vervuiling in de vorm van pornografie op reclameborden, op televisie, in amusement, op internet en in andere media. We tolereren de verdorvenheid die door suggestieve teksten, muziek en taalgebruik in onze gedachten komen. In sommige opzichten zijn we een organische generatie die zuiverheid en kwaliteit vereist, terwijl we onze zedelijke aard verontreinigen. Volgens mij is het gebrek aan deugdzaamheid in onze samenleving de oorzaak van veel maatschappelijke, financiële en overheidsproblemen. Ik ben van mening dat het verval van geloof en gezin en de financiële onrust terug te voeren zijn tot een gebrek aan deugdzaamheid in onze samenleving. En ik geloof dat een terugkeer naar deugd een hele natie kan redden.
We vragen om maatschappelijke verbeteringen, maar we hebben eigenlijk behoefte aan zedelijke verbetering — een terugkeer naar deugd. En als wij, die zoveel hebben ontvangen, waaronder het herstelde evangelie van Jezus Christus, de wereld niet het voorbeeld van deugd geven, wie dan wel? Jullie waren de leiders in de voorsterfelijke wereld en stonden pal voor alles wat nu in de samenleving bedreigd wordt. Jullie, die zich voorbereiden om in elke sector van de samenleving invloed te hebben, de jongvolwassenen van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, kunnen en moeten het voortouw in deze terugkeer nemen.
Tijdens de kritische dagen van de Tweede Wereldoorlog prikkelde Winston Churchill de geallieerden toen hij zei: ‘U vraagt wat uw doel is? Dat kan ik met één woord beantwoorden: de overwinning. De overwinning ten koste van alles, de overwinning ondanks alle verschrikking; de overwinning, hoe lang en hoe moeilijk de weg ook mag zijn; want zonder overwinning is er geen voortbestaan.’11 Jonge mannen en jonge vrouwen, vanavond herhaal ik die oproep omdat jullie in een oorlog verwikkeld zijn, en ik heb voor jullie mijn eigen versie van de woorden van Winston Churchill: U vraagt wat ons doel is? Dat kan ik met één woord beantwoorden: deugd. Deugd ten koste van alles, deugd ondanks alle verschrikking; deugd, hoe lang en hoe moeilijk de weg tot bekering ook mag zijn; want zonder deugd is er geen overwinning.
In het Boek van Mormon staan Helaman en zijn jonge soldaten bekend om hun deugdzaamheid en hun vertrouwen in het getuigenis van hun moeders. Zij waren ‘te allen tijde getrouw (…) in alle dingen die hun werden toevertrouwd’ (Alma 53:20). Zij leefden hun verbonden na en vochten om ervoor te zorgen dat hun ouders ook hun verbonden konden naleven. De overwinning was hun doel en deugdzaamheid was hun kracht.
Mormon schreef aan zijn zoon Moroni over de ontaarde samenleving waarin hij leefde. Hij zei dat zij zo ontaard en immoreel waren geworden dat ze geen waarde meer hechtten aan ‘hetgeen het liefst en het kostbaarst boven alles was (…) kuisheid en deugd’ (Moroni 9:9). Kan het zijn dat we in onze samenleving dat punt hebben bereikt? In een vroeger tijdperk werden zij die de wet van kuisheid hadden overtreden, gemarkeerd met een rode letter. Nu lijkt het wel of die letter door de kuise mensen gedragen wordt.
Waar zal jullie generatie om bekend staan? Zullen jullie bekend staan als een tolerante generatie, consumentengeneratie, generatie X of generatie Y? Of zullen jullie bekend staan als de generatie die was verleid tot een virtueel leven in plaats van een deugdzaam leven? Of zullen jullie bekendstaan om jullie reinheid en deugdzaamheid, en om je moed en kracht om de rest van de wereld tot een terugkeer naar deugdzaamheid te leiden — een terugkeer zo indrukwekkend dat de reinheid van jullie leven en de kracht van je overtuiging de koers van de samenleving en de wereld wijzigen?
Jullie bereiden je voor op de terugkeer van de Heiland. Je moet zonde verafschuwen. Je moet jezelf nu voorbereiden om meer in aanmerking te komen voor het koninkrijk.12 Er is geprofeteerd dat in de toekomende tijd mensen uit alle naties zullen zeggen: ‘Komt, laten wij opgaan naar de berg des Heren, (…) en Hij zal ons leren aangaande zijn wegen, en wij zullen in zijn paden wandelen; want uit Zion zal de wet uitgaan’ (2 Nephi 12:3). Zijn jullie de generatie die deze beklimming gaat leiden?
Wees verdedigers van de deugd
Om dat te kunnen doen, moeten we verdedigers van deugd zijn. Jongevrouwen, verdedig je eigen deugd. Deugd is zoals Moroni heeft beschreven: ‘het liefst en het kostbaarst boven alles’ (Moroni 9:9). En dat zijn jullie ook. Jullie zijn dochters van God. Jullie hebben het heilige vermogen om leven voort te brengen en de moeder van uitverkoren en reine geesten van onze hemelse Vader te worden. Dat is een van de grootste gaven die God zijn dierbare dochters heeft gegeven. Bescherm die gave door de normen na te leven, je fatsoenlijk te kleden en te gedragen en door deugdzaam te blijven. Bescherm je gave door reinheid in gedachten en daad. Geef niemand de kans om lichtzinnig met jouw gaven van God om te gaan. Als je dat doet, zullen jullie, jullie gezin, en de komende generaties gesterkt en gezegend worden.
Jongemannen, jullie zijn ook verdedigers van deugdzaamheid. Jullie dragen het priesterschap — de bevoegdheid om in Gods naam te zegenen en te handelen. De Heer heeft tegen alle priesterschapsdragers gezegd dat zij ‘deugd en heiligheid voor mijn aangezicht’ moeten betrachten (LV 38:24). Bescherm je eigen deugdzaamheid, door je gedachten, waar je naar kijkt, wat je zegt en wat je doet. Laat jouw persoonlijke kracht niet verminderen door pornografie. Blijf rein zodat je de kracht van het priesterschap kunt uitoefenen waarmee God je heeft gezegend. Moroni vatte de oude profetische lering aangaande deugdzaamheid samen toen hij zei: ‘Weest wijs in de dagen van uw proeftijd; ontdoet u van alle onreinheid; vraagt niet om iets om het in uw hartstochten door te brengen, doch vraagt met onwrikbare vastberadenheid dat gij voor geen enkele verzoeking zult zwichten, maar de ware en levende God zult dienen’ (Mormon 9:28).
Enkele jaren geleden was ik de dag voor Thanksgiving ’s morgens vroeg met een groep vrouwen aan het hardlopen. We noemden het onze Thanksgivingloop. Onder het rennen, riepen we naar elkaar waar we dankbaar voor waren. Net toen ik gezegd had dat ik dankbaar was voor een sterk, gezond lichaam, gleed ik uit op wat zwart ijs dat op de weg lag. Toen ik probeerde op te staan, merkte ik dat ik zwaar geblesseerd was. Ik wist dat ik mijn been vlak boven de enkel had gebroken. Ik ga nu niet vertellen hoe ik dat wist, anders val ik misschien flauw. Mijn man zei dat als ik een voetbalspeler was geweest, ze mijn blessure wellicht tijdens de samenvattingen hadden laten zien.
Terwijl ik daar in de schaduw van het ochtendlicht op de weg op hulp lag te wachten, kwam er een auto hard op mij af rijden. De auto kwam met piepende remmen tot stilstand en er sprong een man uit. Hij zei dat hij aanvankelijk meende dat ik een vuilniszak was en dat hij bijna was doorgereden. Ik vroef of hij lid van de kerk was en hij antwoordde bevestigend. Ik vroeg hem of hij me een zegen kon geven omdat de pijn zo hevig was dat ik niet wist hoe lang ik dat uithield. Hij was even stil en zei toen: ‘Dat kan ik niet. U kunt dat beter aan uw man vragen.’ Toen stapte hij in zijn auto en reed weg.
Toen ik in het ziekenhuis aankwam, werd ik naar een hokje in de EHBO gebracht waar ik moest wachten tot ik naar de operatiekamer zou worden gebracht. Toen ze het gordijn van het hokje wegschoven, zag ik mijn man en mijn vijf zoons. Toen zij om mij heen gingen staan en hun handen op mijn hoofd legden, voelde ik hun reinheid, macht en kracht. Jongemannen van de priesterschap, blijf rein zodat je in staat zult zijn om altijd en overal je priesterschap te gebruiken. Die dag werd ik gezegend door de bevoegdheid van hun priesterschap dat zij deugdzaam en heilig uitoefenden.
Blijf deugdzaam in een giftige wereld
Ik geloof echt dat een deugdzame jonge vrouw of jonge man die door de Geest geleid wordt, de wereld kan verbeteren! Maar voordat we de wereld kunnen veranderen, moeten we onszelf veranderen. President Boyd K. Packer heeft gezegd dat we ‘in een omgeving leven die giftig wordt, giftig voor de geest.’13 Dus wat kunnen we nu al doen om deugdzaam te blijven in een giftige wereld?
Ten eerste: bekeer je.Ik ben me heel goed bewust dat sommigen van jullie je niet erg deugdzaam voelen of fouten hebben begaan. Daarom is een terugkeer naar deugd zo belangrijk. Je moet weten dat je kunt terugkeren. Je kunt veranderen.
Als ik tijdens een marathon zou ontdekken dat ik de verkeerde kant op ging, zou ik dan door blijven lopen? Ik zou onmiddellijk omkeren! Waarom? Omdat ik kostbare tijd en waardevolle energie en kracht zou hebben verbruikt, en het door de extra afstand en tijd veel moeilijker zou zijn om de marathon uit te lopen. Ik zou niet langer de verkeerde koers blijven volgen, want hoe lang ik dat ook zou doen, ik zou nooit de eindstreep bereiken. En toch horen veel mensen die een zedelijke overtreding hebben begaan een stemmetje dat zegt: ‘Je hebt het verknald. Je kunt niet veranderen. Niemand zal het te weten komen.’ Tot jullie zou ik zeggen: geloof dat niet. ‘Satan wil je het gevoel geven dat je je niet kunt bekeren, maar dat is absoluut niet waar.’14 Je kunt altijd terug vanwege de verzoening van de Heiland. Tot iedereen die een fout heeft begaan, heeft president Monson gezegd: ‘Als een van u is gestruikeld, is er altijd hulp om weer rein te worden. Uw bisschop of gemeentepresident wil maar al te graag helpen en zal vol begrip en medeleven alles doen wat in zijn vermogen ligt om u te helpen met uw bekeringsproces, zodat u weer in rechtschapenheid voor de Heer kunt staan.’15
Sommigen van jullie zijn mishandeld en het slachtoffer van het zondige gedrag van een ander. Volgens de woorden van Mormon zijn jullie ‘beroofd van hetgeen het liefst en het kostbaarst boven alles [is] (…) kuisheid en deugd’ (Moroni 9:9). Weet alsjeblieft dat door de verzoening van de Heiland genezing mogelijk is. Jullie valt niets te verwijten, want je hebt niet gezondigd en bekering is niet noodzakelijk. De Heiland heeft niet alleen voor onze zonden en onvolmaaktheden geleden, Hij heeft ook onze pijnen op Zich genomen (zie Alma 7:11). Door zijn oneindige verzoening zal Hij je genezen en je gemoedsrust geven. Wend je tot Hem. Door de verzoening van de Heiland, zal God de Vader je gebeden verhoren. Hij zal je antwoord geven door de Heilige Geest en door anderen die Hij op je pad plaatst.
Ik ben zo dankbaar voor deze leer en voor het beginsel van bekering. Als we die niet hadden, zou niemand ooit rein in ons hemelse thuis kunnen terugkeren, om in de tegenwoordigheid van God de Vader en onze Heiland, Jezus Christus, te leven. Ik ben dankbaar voor de herstelling van de priesterschapsmacht in deze laatste dagen op aarde, waardoor wij de hulp kunnen krijgen die we nodig hebben om naar deugd terug te keren. Wanneer we aan het avondmaal deelnemen worden we door die macht in staat gesteld om ‘onbesmet van de wereld’ (LV 59:9) te blijven. Als we iedere week ons doopverbond vernieuwen, beloven we dat we zijn geboden zullen onderhouden, dat we zijn naam op ons zullen nemen en dat we Hem altijd indachtig zullen zijn. En Hij belooft op zijn beurt dat wij zijn Geest altijd bij ons mogen hebben. (Zie LV 20:77, 79.) In een wereld die zo verleidelijk en aantrekkelijk is, is het noodzakelijk dat wij de leiding van de Heilige Geest ontvangen, herkennen en toepassen. Door deze waardevolle gave zal de Heilige Geest ons ‘alle dingen tonen die [wij behoren] te doen’ (2 Nephi 32:5). Dat is een absolute belofte omdat de Heilige Geest lid van de Godheid is. Enkele van zijn taken omvatten onderwijzen, getuigen, troosten en waarschuwen. Deze waardevolle gave zuivert en heiligt. Daarom zijn de Heilige Geest en deugd nauw met elkaar verbonden. Wij kunnen ‘door vuur en door de Heilige Geest’ gezuiverd worden (2 Nephi 31:17). Als dat gebeurt, zullen ‘wij niet meer geneigd zijn om kwaad te doen, maar wél om voortdurend goed te doen’ (Mosiah 5:2).
Ten tweede, kies je vrienden met zorg uit. In de huidige technologische samenleving besteden we misschien wel meer tijd aan niet-menselijke vrienden dan aan onze leeftijdgenoten. Hoewel we wellicht heel zorgvuldig onze menselijke vrienden uitkiezen, staan we vaak niet stil bij de andere vrienden die we ons laten beïnvloeden. Verschillende soorten media kunnen een krachtige, sociale invloed hebben. We hebben allemaal drie waardevolle gaven voor dit aardse bestaan ontvangen. Ons lichaam, keuzevrijheid en tijd. Satan overwint opnieuw als hij ons ertoe kan verleiden om onze tijd aan vage of onproductieve, of wat nog erger is, aan onzedelijke activiteiten te besteden, en als hij ons er vervolgens van overtuigt dat als we het binnenskamers doen, ons gedrag verder geen gevolgen zal hebben. ‘Als er iets deugdzaam, liefelijk, of eerzaam of prijzenswaardig is, dan streven wij dat na’ (Geloofsartikelen 1:13).
Sluit dus vriendschap met deugdzame mensen, niet met virtuele. Vergeet niet: ‘Deugd bemint deugd; licht hecht zich aan licht’ (LV 88:40). Deze tekst gaat over vriendschap. In jullie zoeken naar vriendschap en een huwelijkspartner, kun je niet gewoon een lijst maken van alle eigenschappen waarnaar je op zoek bent in een ander of een eeuwige partner. Je moet zélf een weerspiegeling van je lijst zijn, altijd en overal.
Ten derde—begin met een streng trainingsprogramma. Als je voor een marathon traint, heb je een streng trainingsprogramma nodig om die lange afstand te kunnen lopen. Datzelfde geldt voor ons leven. We lopen de wedstrijd van ons leven en daar is een streng trainingsprogramma voor nodig. De succesvolle componenten van dat programma omvatten de dingen die we iedere dag consequent doen om het gezelschap van de Geest in ons dagelijks leven te hebben. Die componenten zijn voor iedereen anders, maar omvatten in ieder geval dagelijks gebed. Onze Vader in de hemel hoort onze gebeden en zal ze beantwoorden. Ik getuig dat dit waar is. Het is aan ons om te zorgen dat we op een plek zijn waar we de antwoorden kunnen horen en herkennen.
Een streng trainingsprogramma omvat ook het dagelijks bestuderen van het Boek van Mormon. Joseph Smith heeft gezegd dat ‘de mens dichter bij God komt door zich aan de leringen erin te houden, dan door welk ander boek ook.’16 Door het Boek van Mormon zal je geloof in Jezus Christus toenemen, en door je geloof zul je in staat zijn om verleidingen te weerstaan. Dat boek is voor jullie en jullie generatie. En als je erin leest, al is het maar vijf minuten per dag, zal je leven veranderen. Ik weet dat dit waar is omdat ik en duizenden anderen het gedaan hebben. Denk eens aan de verandering in vijf jaar als iedereen van ons vanavond zou toezeggen om daar nu mee te beginnen, iedere dag slechts vijf minuten.
En ten laatste: glimlach! Als je glimlacht, hoop ik dat je zult bedenken wie je bent. Jullie zijn zoons en dochters van onze hemelse Vader. Hij kent jullie. Hij weet hoe jullie heten. Hij vertrouwt jullie en heeft jullie lief. Dus glimlach! Dit is slechts de basistraining, maar je moet het echt elke dag doen.
Zet door — laat je niet ontmoedigen!
Ik wil nog graag één idee aan deze lijst toevoegen: ’Streef voorwaarts met volmaakt stralende hoop’ (2 Nephi 31:20). Raak niet ontmoedigd! Je zult af en toe moeilijkheden krijgen, en het zal niet altijd gemakkelijk zijn.
Naarmate ik de Schriften bestudeerd heb, is het me steeds duidelijker geworden dat de Heer zijn uitverkoren volk steeds opnieuw uit hun behaaglijkheidszone haalt en ze onderwijst in wat echt belangrijk is. Een voorbeeld. Op het eerste deel van de reis van de Jaredieten kwamen ze op een strand terecht waar ze vier jaar bleven. Toen waren ze echt in een behaaglijkheidszone! Ze voelden zich in feite zo behaaglijk dat ze vergaten de Heer aan te roepen. Maar de Heer had iets anders in gedachten. Hij kastijdde de broeder van Jared drie uur lang. Hij vertelde hem zelfs van tevoren dat het volgende deel van hun reis moeilijk zou zijn — dat hij in de diepten van de zee verzwolgen en door de wind voortgedreven zou worden. Maar Hij stelde hem ook gerust met de volgende woorden: ‘Ik bereid u op deze dingen voor’ (Ether 2:25). De Heer zal je voorbereiden, Hij zal een weg voor je bereiden!
Soms denk ik dat we de grote zegeningen en kennis onderschatten die we kunnen ontvangen als we bereid zijn om uit onze behaaglijkheidszone te komen. Misschien dat Nephi daarom zei:
‘Daarom, wee hem die zich gerust voelt in Zion!
‘Wee hem die roept: Alles wel!
‘Ja, wee hem die luistert naar de voorschriften van de mensen, en de macht Gods en de gave van de Heilige Geest verloochent!’ (2 Nephi 28:24–26.)
Er wordt gezegd dat wij een generatie van toeschouwers en critici worden. Ik wil graag een van mijn lievelingscitaten voorlezen. Het hangt op mijn spiegel. Het luidt: ‘Het gaat niet om de criticus, niet om de man die erop wijst dat de sterke man struikelt, of dat de doener het beter had kunnen doen. De man die zich in het strijdperk begeeft, verdient de eer, van wie het gezicht is ontsierd door stof, zweet en bloed; die ernaar streeft om heldhaftig te zijn; die zich vergist; die steeds weer tekort komt, omdat er zonder vergissingen en tekortkomingen geen prestaties worden verricht. Maar wie er daadwerkelijk naar streeft om goede werken te verrichten, wie enthousiast en toegewijd is, wie zich aan een goede zaak overgeeft, wie zich realiseert dat hij in het beste geval een goede prestatie kan leveren, en in het slechtste geval, als hij faalt, in ieder geval faalt terwijl hij zijn uiterste best heeft gedaan, en dat hij zich nooit begeeft onder de koude en angstige zielen die geen overwinning en geen nederlaag kennen!’17
Wees niet alleen een toeschouwer of criticus. Dat was je ook niet in de voorsterfelijke wereld. Toen was je ook niet neutraal. Je stond pal. Geef de stemmen die om tolerantie roepen niet de kans om jou of jouw mening niet te tolereren. Dit is het strijdperk waarin alles wat je toen verdedigd en gekozen hebt, nu plaatsvindt. Raak niet vermoeid, afgeleid of uitgesloten! Wees bereid om uit je behaaglijkheidszone te komen en ‘voorwaarts [te] streven, met volmaakt stralende hoop’ (2 Nephi 31:20).
Ontvouw je banier van deugd
Over de hele wereld verklaren jonge vrouwen in de kerk dat ze rein en kuis zullen blijven. Er zijn jonge vrouwen en jonge mannen geweest die bergen hebben beklommen en hun eigen vaandels hebben ontvouwd als teken van hun toewijding om naar deugd terug te keren en rein te blijven. Willen jullie je bij hen aansluiten? Denk eens na over je eigen vaandel. Wat zou je op je vaandel zetten als het je enige of laatste boodschap aan de wereld zou zijn? Hoe zou je vaandel eruitzien?
Op een ander moment en een andere plek is er nog een vaandel ontvouwd. Dat werd gedaan door een moedig man, Moroni, die toegewijd was aan de rechtschapen zaak. De samenleving waarin hij leefde, was in beroering. Door het verlangen naar macht, rijkdom en status kregen enkele van de sterkste en meest vastberaden mensen, zoals het Boek van Mormon het beschrijft, ‘geleidelijk vergif’ toegediend (Alma 47:18). Met andere woorden, zij die aanvankelijk vastbesloten waren om niets van hun principes op te geven, werden langzaam maar zeker overgehaald om dat toch te doen. Alexander Pope heeft in een gedicht onder woorden gebracht wat ‘geleidelijk vergif toedienen’ betekent:
Onzedelijkheid is een monster zo angstaanjagend,
Zien we het, we worden op slag haatdragend;
Maar zien we het te vaak, en raken we gewend aan wat het behelst,
Dan wordt het eerst verdragen, daarna betreurd, en vervolgens omhelsd.18
In die sfeer ontvouwde Moroni zijn vaandel — het vaandel der vrijheid — ter verdediging van gezinnen, vrouwen en kinderen, godsdienst en God. Hij was niet neutraal. Hij was niet passief. Hij was niet tolerant. Hij had gelijk! Hij ging moedig voorwaarts. In de Schriften wordt Moroni beschreven met woorden die ook velen van jullie zouden kunnen beschrijven: ‘Als alle mensen waren geweest, en waren, en altijd zouden zijn zoals Moroni, zie, dan zouden zelfs de machten der hel voor eeuwig hebben gewankeld; ja, de duivel zou nooit macht hebben over het hart der mensenkinderen’ (Alma 48:17; zie ook Alma 46:12–13, 18, 21).
Jullie zijn het vaandel! Jullie reine en deugdzame leven is het vaandel waardoor de naties der aarde hun ogen zullen opslaan — naar de tempel. Als jullie deugdzaam blijven, zul je door de Heilige Geest geleid worden en zul je door je deugdzaamheid in aanmerking komen om vaak naar de tempel te gaan. Als je geen aanbeveling hebt, is het nu tijd om ervoor in aanmerking te komen. Dit is jullie werk. De tempel zal een kracht en een bescherming voor je zijn in een wereld die steeds donkerder wordt, en zal een vaandel worden, niet alleen voor jullie, maar ook voor de naties. Een terugkeer naar deugd is een terugkeer naar de tempel, en een terugkeer naar de tempel is een terugkeer naar de Heiland.
Deugd levert de zegeningen van de eeuwigheid op
41 jaar geleden knielde ik aan een altaar in de Salt Laketempel neer en sloot ik een verbond met de geweldige man die op het podium naast me zit. Die beslissing heeft veel voor mij betekend in de tientallen jaren die erop volgden. Wat ik jullie eigenlijk probeer te vertellen is: ga naar de tempel! Laat je niet afleiden! Vergeet niet wie je bent! En laat niets je weerhouden van de zegeningen die je in het heilige huis van de Heer kunt ontvangen.
Ik voel me geïnspireerd om enkele woorden uit Leer en Verbonden 121:45–46 voor te lezen. Ze zijn voor mensen die zijn geroepen en gekozen, en die moedig volharden. Ze zijn voor jullie in deze moeilijke tijd hetzelfde als voor Joseph Smith en de heiligen in die moeilijke begintijd van de kerk. ‘Laat deugd onophoudelijk uw gedachten sieren; dan zal uw vertrouwen in de tegenwoordigheid van God sterk worden [en dan zal] de Heilige Geest uw constante metgezel zijn.’
Als we deugdzaam zijn, is ons beloofd dat we eens vol vertrouwen bij Hem zullen zijn — heilig, en net als Hij. Ons is priesterschapsmacht beloofd, de macht der goddelijkheid, omdat we deugdzaam zijn! Ons is het voortdurende gezelschap beloofd van de Heilige Geest, die getuigt, leiding geeft, waarschuwt, troost en heiligt. En ten laatste is ons beloofd dat we het eeuwige leven zullen hebben, de grootste van alle gaven Gods. We zullen als goden zijn en een goddelijk leven leiden als we deugdzaam zijn. We zullen zijn zoals Hij — net zo rein en zuiver als Hij.
De reis naar Zion — de reinen van hart — zal al jouw en mijn inzet vereisen. Ik bid dat ieder van ons het verlangen en de kracht zal hebben om onze behaaglijkheidszone te verlaten ter voorbereiding op de loop van ons leven en dat wij, net als Agnes Caldwell, de hand van de Meester grijpen. Zijn belofte geldt voor ieder van ons: ‘Ik zal voor uw aangezicht uit gaan. Ik zal aan uw rechter- en aan uw linkerhand zijn, en mijn Geest zal in uw hart zijn, en mijn engelen zullen rondom u zijn om u te schragen’ (LV 84:88). Ik getuig dat onze Vader in de hemel en zijn Zoon, Jezus Christus, leven en dat Zij ons zullen voorbereiden op het grote werk dat in de heilige tempels van onze Heer wordt gedaan, niet alleen ter voorbereiding op de wederkomst van de Heiland, maar ook op onze eeuwige verhoging. En dat zeg ik in de naam van Jezus Christus. Amen.
Noten
1. ‘Jongevrouwenthema’, Persoonlijke vooruitgang (boekje, 2001), p. 5.
2. Zie A. Theodore Tuttle, Becoming Goodly Parents, Brigham Young University Speeches of the Year (12 december 1967).
3. Agnes Caldwell Southworth, aangehaald door Susan Arrington Madsen in I Walked to Zion: True Stories of Young Pioneers on the Mormon Trail (1994), pp. 57–59.
4. Susan Arrington Madsen, I Walked to Zion, p. 59.
5. Predik mijn evangelie (2004), p. 118.
6. Naar Webster’s New World College Dictionary, 4e editie (2002), ‘virtue’, p. 1597.
7. Russell M. Nelson, Conference Report, april 2001, p. 40; of Ensign, mei 2001, p. 32.
8. Zie Sheri L. Dew, ‘You Are a Pivotal Generation’ (toespraak gehouden tijdens een devotional aan BYU–Hawaï op 17 februari 2009).
9. Ezra Taft Benson, ‘In His Steps’, 1979 Devotional Speeches of the Year (1980), p. 59.
10. Zie M. Russell Ballard, Conference Report, oktober 1990, pp. 45–49; of Ensign, november 1990, pp. 35–38.
11. Winston Churchill (rede voor het Britse Lagerhuis, 13 mei 1940), www.americanrhetoric.com/speeches/winstonchurchillbloodtoiltearssweat.htm.
12. ‘Heer, geef mij meer reinheid’, lofzang 94.
13. Boyd K. Packer, ‘Faith in the Lord Jesus Christ and His Atonement’ (toespraak gehouden tijdens een instructiebijeenkomst voor nieuwe zendingspresidenten, 27 juni 2009), p. 5.
14. Voor de kracht van de jeugd (brochure, 2001),p. 30.
15. Thomas S. Monson, Liahona, mei 2008, pp. 65–66.
16. Joseph Smith, History of the Church, deel 4, p. 461.
17. Theodore Roosevelt, ‘Citizen in a Republic’ (toespraak gehouden aan de Sorbonne te Parijs op 23 april 1910), Presidential Addresses and State Papers and European Addresses, 8 december 1908 tot 7 juni 1910, deel 8 van Presidential Addresses and State Papers, editie Homeward Bound (1910), p. 2191.
18. Alexander Pope, An Essay on Man (1732), epistel 2, regels 217–220, gepucliceerd in The Complete Poetical Works of Pope, onder redactie van Henry W. Boynton (1931), p. 144.
© 2009 by Intellectual Reserve, Inc. Alle rechten voorbehouden. Origineel vrijgegeven: 10/08. Ter vertaling vrijgegeven: 10/08. Titel van het origineel: Zion Is the Pure in Heart. Dutch. PD50013476 120