Omhoog kijken is beter

Carl B. Cook

van de Zeventig


Als we, evenals president Monson, geloof oefenen en tot God opkijken voor hulp, zullen we niet overweldigd raken door de lasten in ons leven.

Aan het eind van een bijzonder vermoeiende dag na bijna een week als algemeen autoriteit had ik een overvolle tas en hield deze vraag mij bezig: ‘Hoe krijg ik dit ooit voor elkaar?’ Ik verliet het kantoor van de Zeventig en stapte in de lift van het kantoorgebouw van de kerk. Toen de lift naar beneden ging, stond ik met gebogen hoofd en staarde naar de vloer.

De deur ging open en iemand stapte naar binnen, maar ik keek niet op. Terwijl de deur weer dichtging, hoorde ik iemand vragen: ‘Wat zie je daar beneden?’ Ik herkende die stem — het was president Thomas S. Monson.

Snel keek ik omhoog en antwoordde: ‘O, niets.’ (Ik weet zeker dat dit slimme antwoord het vertrouwen in mijn capaciteiten vergrootte!)

Maar hij had mijn verslagen blik en mijn zware tas gezien. Hij glimlachte en terwijl hij omhoog wees adviseerde hij mij liefdevol: ‘Omhoog kijken is beter.’ Terwijl we samen een verdieping verder naar beneden gingen, vertelde hij opgewekt dat hij op weg was naar de tempel. Toen hij afscheid nam, raakten zijn woorden opnieuw mijn hart: ‘Denk eraan, omhoog kijken is beter.’

We gingen uit elkaar en er schoot mij een tekst in gedachten: ‘Gelooft in God; gelooft dat Hij bestaat (…) gelooft dat Hij alle wijsheid en macht bezit, zowel in de hemel als op aarde.’1 Terwijl ik nadacht over de macht van onze hemelse Vader en Jezus Christus vond ik de troost die ik vergeefs op de vloer van die lift had gezocht.

Sindsdien heb ik over deze ervaring en de rol van profeten nagedacht. Ik was belast en had mijn hoofd gebogen. Terwijl de profeet sprak, keek ik hem aan. Hij verlegde mijn blik zodat ik naar God opkeek, bij wie ik genezen en versterkt kon worden door de verzoening van Christus. Dat doen profeten voor ons. Ze leiden ons tot God.2

Ik getuig dat president Monson niet alleen een profeet, ziener en openbaarder is, maar dat hij ook een geweldig voorbeeld is in het beginsel van omhoog kijken. Als er iemand is die zich belast zou mogen voelen wegens zijn zware taken, dan is hij het wel. In plaats daarvan oefent hij veel geloof en is vol optimisme, wijsheid en liefde voor anderen. Zijn houding is er een van ‘ik kan het doen’ en ‘ik zal het doen’. Hij vertrouwt op de Heer en rekent op zijn kracht, en de Heer zegent hem.

Door mijn ervaringen heb ik geleerd dat, als we geloof oefenen en tot God opkijken voor hulp, we evenals president Monson niet overweldigd zullen raken door de lasten in ons leven. We zullen ons niet incapabel voelen om te doen waartoe we geroepen zijn of wat we moeten doen. We zullen kracht krijgen en er zal vrede en vreugde in ons leven komen.3 We zullen tot het besef komen dat het meeste waar we ons zorgen over maken niet van eeuwig belang is. En als het dat wel is, zal de Heer ons helpen. Maar we moeten het geloof hebben om omhoog te kijken en de moed om zijn aanwijzingen te volgen.

Waarom is het moeilijk om voortdurend omhoog te kijken? Misschien ontbreekt het ons aan het geloof dat zoiets simpels een oplossing voor onze problemen kan zijn. Toen de kinderen van Israël door giftige slangen gebeten werden, kreeg Mozes het gebod om een koperen slang op een paal te zetten. De koperen slang was een symbool voor Christus. Wie op aanwijzing van de profeet opkeken naar de slang, werden genezen.4 Maar vele anderen keken niet op en gingen verloren.5

Alma was van mening dat de reden dat de Israëlieten niet naar de slang opkeken, was dat zij niet geloofden dat ze daardoor genezen zouden worden. Alma’s woorden zijn nu nog van betekenis:

‘O mijn broeders, indien gij kondt worden genezen louter door uw ogen op te slaan om te worden genezen, zoudt gij dan niet snel kijken, of zoudt gij liever uw hart in ongeloof verstokken en traag zijn (…) ?

‘Zo ja, dan wee u; maar zo neen, slaat dan uw ogen op en begint te geloven in de Zoon van God, dat Hij zal komen om zijn volk te verlossen, en dat Hij zal lijden en sterven om [onze] zonden te verzoenen; en dat Hij wederom uit de doden zal opstaan.’6

De aanmoediging van president Monson om omhoog te kijken, is een gelijkenis voor denken aan Christus. Als we aan Hem denken en op zijn macht vertrouwen, ontvangen we kracht door zijn verzoening. Hierdoor kunnen we verlichting ontvangen van onze zorgen, lasten en lijden. Hierdoor kunnen we vergeving ontvangen en genezen van de pijn van onze zonden. Hierdoor kunnen we geloof en kracht ontvangen om alle dingen te verdragen.7

Onlangs woonden mijn vrouw en ik een vrouwenconferentie in Zuid-Afrika bij. Toen we hadden geluisterd naar een paar inspirerende toespraken over de verzoening toepassen in ons leven, vroeg de ZHV-presidente of we allemaal naar buiten wilden komen. We kregen allemaal een heliumballon. Ze legde uit dat de ballon alle lasten, beproevingen en moeilijkheden in ons leven voorstelde. Ze telde tot drie en toen lieten we onze ballonnen, onze ‘lasten’, los. Terwijl we omhoog keken en onze ballonnen zagen wegzweven, hoorden we ‘ahhh’. Die eenvoudige handeling, het loslaten van onze ballon, herinnerde ons ook weer mooi aan de onbeschrijflijke vreugde die ons deel wordt als we omhoog kijken en aan Christus denken.

In tegenstelling tot het loslaten van een heliumballon is geestelijk omhoog kijken geen eenmalige gebeurtenis. In het avondmaalsgebed horen we dat we Hem altijd indachtig moeten zijn en zijn geboden moeten onderhouden, opdat we zijn Geest iedere dag bij ons mogen hebben om ons te leiden.8

Toen de kinderen van Israël door de wildernis doolden, leidde de Heer hun elke dag als zij tot Hem opkeken voor aanwijzingen. In Exodus lezen we: ‘De Here ging voor hen uit, des daags in een wolkkolom om hen te leiden op de weg, en des nachts in een vuurkolom om hun voor te lichten.’9 Zijn leiding was constant, en ik getuig nederig dat de Heer hetzelfde voor ons kan doen.

Dus hoe leidt Hij ons nu? Door profeten, apostelen en priesterschapsleiders en door gevoelens die we krijgen als we ons hart en onze ziel in gebed voor onze hemelse Vader hebben uitgestort. Hij leidt ons als we de dingen van de wereld achter ons laten, ons bekeren en veranderen. Hij leidt ons als we zijn geboden onderhouden en proberen meer op Hem te lijken. En Hij leidt ons door de Heilige Geest.10

Om die leiding op onze levensweg te krijgen en voortdurend het gezelschap van de Heilige Geest te genieten, moeten we oren hebben die horen en ogen die zien, beide omhoog gericht.11 We moeten handelen naar de aanwijzingen die we ontvangen. We moeten omhoog kijken en een stapje omhoog doen. En als we dat doen, voelen we ons prettiger, want God wil graag dat we gelukkig zijn.

Wij zijn kinderen van onze hemelse Vader. Hij wil in ons leven aanwezig zijn, ons zegenen en helpen. Hij zal onze wonden genezen, onze tranen drogen en ons op ons pad terug naar Hem helpen. Als we naar Hem opkijken, leidt Hij ons.

De Heer is mijn Licht; waarom dan gevreesd?
Nabij mij, heel dicht, is Hij door zijn Geest. (…)
Hij is mijn vreugd en gezang.
Hij leidt (…) steeds mijn gang.12

Ik getuig dat zonden vergeven worden en lasten verlicht als we opzien tot Christus. ‘Laten wij Hem indachtig zijn (…) en het hoofd niet laten hangen’13, want zoals president Monson zei: ‘Omhoog kijken is beter.’

Ik getuig dat Jezus onze Heiland en Verlosser is. In de naam van Jezus Christus. Amen.

Show References

  1.  

    1.  Mosiah 4:9.

  2.  

    2. Zie 2 Nephi 25:23, 26.

  3.  

    3. Zie Mosiah 24:15.

  4.  

    4. Zie Numeri 21:8–9.

  5.  

    5. Zie 1 Nephi 17:41.

  6.  

    6.  Alma 33:21–22; zie ook de verzen 19–20.

  7.  

    7. Zie Alma 36:3, 17–21; 3 Nephi 9:13.

  8.  

    8. Zie Leer en Verbonden 20:77.

  9.  

    9.  Exodus 13:21.

  10.  

    10. Zie 2 Nephi 9:52; 31:13; Leer en Verbonden 121:46.

  11.  

    11. Zie Spreuken 20:12.

  12.  

    12. ‘De Heer is mijn Licht’, lofzang 57.

  13.  

    13.  2 Nephi 10:20.