Standhouden op heilige plaatsen

Ouderling Robert D. Hales

van het Quorum der Twaalf Apostelen


We houden ons gehoorzaam en gedreven vast aan de leer van onze God en staan op heilige plaatsen, want zijn leer is heilig en zal niet veranderen.

Broeders, het is een eer om in het gezelschap van dragers van het koninklijke priesterschap van God te zijn. We leven in de laatste dagen, in ‘zware tijden’.1 Als dragers van het priesterschap hebben we de plicht om stand te houden met een schild van geloof tegen de vurige pijlen van de boze. Wij zijn een voorbeeld voor de wereld, wij beschermen de onvervreemdbare rechten en vrijheden die God ons heeft gegeven. Wij verdedigen ons thuis en ons gezin.

Ik speelde mijn eerste schoolhonkbalwedstrijd in een andere stad toen ik in de eerste klas van het voortgezet onderwijs zat. Mijn vader begreep wel dat ik op de lange busreis terug taal had gehoord en gedrag had gezien die niet strookten met de normen van het evangelie. Daar hij kunstschilder van beroep was, ging hij zitten en tekende een ridder — een krijger die kastelen en koninkrijken verdedigt.

Door wat hij tekende en wat hij uit de Schriften voorlas, leerde ik hoe ik een getrouwe priesterschapsdrager kon zijn, die het koninkrijk van God beschermt en verdedigt. De woorden van de apostel Paulus waren mijn leidraad:

‘Neem daarom de hele wapenrusting van God aan, opdat u weerstand kunt bieden op de dag van het kwaad, en na alles gedaan te hebben, stand kunt houden.

Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid,

‘en de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede.

‘Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen.

‘En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord.’2

Broeders, als we in het priesterschap getrouw zijn, zullen wij deze wapenrusting als gave van God ontvangen. We hebben die wapenrusting nodig!

Jongemannen, jullie vaders en grootvaders hebben nooit voor de verleidingen gestaan waar jullie geregeld voor komen te staan. Jullie leven in de laatste dagen. Als je vader in zijn tijd kwaad wilde doen, moest hij ernaar zoeken. Nu is het wel anders! Tegenwoordig vindt het kwaad jullie! Houd daar rekening mee! Satan verlangt jullie te bezitten en ‘de zonde [ligt] aan de deur’.3 Hoe gaan jullie weerstand bieden aan zijn agressieve krijgskunsten? Doe de hele wapenrusting van God aan.

Laat ik je nog een les uit mijn leven leren:

In januari 1982 sprak ik in een devotional op de campus van de BYU in Provo (Utah, VS). Ik vroeg de studenten zich voor te stellen dat de kerk aan de ene kant van het podium was, hierzo, en de wereld, op slechts een halve meter afstand, aan de andere kant. Dat stelde de ‘zeer korte afstand tussen de normen van de wereld en de normen van de kerk’ voor toen ik studeerde. Toen ik dertig jaar later weer voor de studenten stond, hield ik mijn handen weer omhoog en legde ik uit: ‘De wereld is heel ver afgeweken; [zij is in geen velden of wegen te bekennen;] zij heeft dit gebouw ver, heel ver, achter zich gelaten [en is aan de andere kant van de aarde]. […] Wat wij, onze kinderen en onze kleinkinderen nooit moeten vergeten is dat de kerk aan haar waarden vasthoudt, [zij bevindt zich nog steeds hier, maar] de wereld zal afstand blijven nemen — die kloof [wordt] groter en groter. […] Wees dus heel voorzichtig. Als je jouw oordeel van je daden en de normen van de kerk laat afhangen van waar de wereld is en waar die naartoe gaat, kan het zijn dat je je ergens bevindt waar je niet behoort te zijn.’4

In die tijd had ik niet kunnen bevroeden dat de wereld zo ver en zo snel afstand zou nemen van God; dat was ondenkbaar, gezien de leerstellingen, beginselen en geboden. De normen van Christus en zijn kerk zijn echter niet veranderd. Hij heeft gezegd: ‘De waarheid blijft voor eeuwig en altijd.’5 Als we dat begrijpen en accepteren, kunnen we de sociale druk, de spot en zelfs de discriminatie aan, die uit de wereld en van mensen komen die zich onze vrienden noemen.

De meesten van ons kennen wel iemand die zou zeggen: ‘Als je mijn vriend wil zijn, zul je mijn waarden moeten accepteren.’ Een ware vriend vraagt ons niet om tussen het evangelie en zijn of haar vriendschap te kiezen. Om met Paulus te spreken: ‘Houd ook dezen op een afstand.’6 Een ware vriend moedigt ons aan om op het rechte en smalle pad te blijven.

Als we op het evangeliepad met zijn verbonden, geboden en verordeningen blijven, beschermt ons dat en bereidt dat ons voor op Gods werk te doen in deze wereld. Als we het woord van wijsheid naleven, beschermt dat ons tegen verslavingen aan alcohol, drugs en tabak. We behouden dan onze keuzevrijheid. Doordat we onze tiende betalen, de Schriften bestuderen, ons laten dopen en bevestigen, zo leven dat we het constante gezelschap van de Heilige Geest hebben, waardig aan het avondmaal deelnemen, de wet van kuisheid gehoorzamen, ons voorbereiden op het Melchizedeks priesterschap en heilige verbonden in de tempel sluiten, zullen we des te beter kunnen dienen.

In de tempel worden we voorbereid op de wet van toewijding. We beloven die wet na te leven. Jongemannen beginnen deze wet na te leven door een zending te vervullen — waarmee zij tiende over de eerste jaren van hun leven betalen. Dat offer bereidt hen voor op dat hoogste verbond dat men in dit leven kan sluiten — voor velen is dat de verzegeling in de tempel, waarmee zij een eeuwig gezin beginnen.

Als we op dat rechte en smalle pad blijven, nemen wij constant toe in spirituele kracht — de kracht om zelfstandig te handelen. Zowel jongemannen als jongevrouwen kunnen die groei bevorderen door zich met het nieuwe online leerplan, Kom hier, volg Mij, in de leer te verdiepen en die met anderen te bespreken.

Gebruik bovendien je keuzevrijheid om je persoonlijk te ontwikkelen. Het is waar dat je voor de ontwikkeling van je gaven en talenten advies bij je ouders en mentors kunt inwinnen, maar dat je je door de Geest moet laten leiden. Kies en handel naar eigen inzicht. Vaar op je innerlijke kompas. Maak een plan voor je leven, met inbegrip van een opleiding en carrière. Verken je interesses en vaardigheden. Werk hard en wees zelfredzaam. Stel doelen, overwin fouten, doe ervaring op, en maak af waaraan je begint.

En vergeet tussendoor niet deel te nemen aan de activiteiten thuis, in je quorum of klas, en op de JMJV. Geniet samen van aangenaam plezier. Door deze ervaringen zul je respect en waardering krijgen voor elkaars geestelijke gaven en de eeuwige, unieke karaktereigenschappen van de zoons en dochters van God.

Heb bovenal geloof in de Heiland! Wees niet bang! Door het evangelie ijverig na te leven, worden we sterk in de Here. Met zijn kracht kunnen we de antichrist afwijzen, die zegt: ‘Eet, drinkt, en weest vrolijk’, want God ‘zal het bedrijven van een kleine zonde wel rechtvaardigen; […] daarin steekt geen kwaad […], want morgen sterven wij.’7 In de kracht van de Heer kunnen we weerstand bieden aan alle filosofieën of belijdenissen die de Heiland verloochenen en in strijd zijn met het grote, eeuwige plan van geluk voor alle kinderen van God.

Wij zijn niet bevoegd om te onderhandelen over de voorwaarden van dit eeuwige plan. Denk aan Nehemia, die de opdracht kreeg om de muren van Jeruzalem te herstellen. Sommigen wilden dat hij naar hen toekwam en zijn post verliet, maar Nehemia weigerde. Hij was niet onverdraagzaam tegen anderen, maar legde gewoonweg uit: ‘Ik ben bezig een groot werk te doen en kan niet komen. Waarom zou het werk stil liggen […]?’8

Soms dienen wij als bliksemafleider en moeten wij ‘de klap opvangen’, omdat we vasthouden aan Gods normen en zijn werk doen. Ik getuig dat we niet bang hoeven te zijn met zijn leer als onze grondslag. We kunnen te maken krijgen met misvattingen, kritiek en zelfs valse beschuldigingen, maar we staan er nooit alleen voor. Onze Heiland ‘was veracht en van mensen verlaten’.9 Het is onze heilige voorrecht om met Hem stand te houden!

De ironie is dat standhouden soms betekent dat we de wereld mijden of zelfs ontvluchten. De Heiland heeft gezegd: ‘Ga weg van Mij, satan.’10 Jozef van Egypte rende weg van de verleidingen van Potifars vrouw11 en Lehi vertrok uit Jeruzalem en ging met zijn gezin de wildernis in.12

Je kunt ervan op aan dat alle profeten in hun tijd hebben standgehouden:

Nephi verrichtte een curieus werk voor de Heer, ondanks de geselingen van Satan en de vervolgingen van Laman en Lemuël, zijn broers.13

Abinadi getuigde van Christus, ondanks verdenkingen, hoon en een zekere dood.14

De tweeduizend jonge soldaten verdedigden hun families tegen mensen die hun evangeliewaarden verachtten.15

Moroni hees de banier der vrijheid om zijn volk te verdedigen en godsdienstvrijheid te waarborgen.16

Samuël stond op de muur en profeteerde de komst van Christus, zelfs toen hij met stenen en pijlen werd bestookt.17

De profeet Joseph Smith herstelde het evangelie van de Heiland en bezegelde zijn getuigenis met zijn bloed.18

En de mormoonse pioniers hielden stand onder vernietigende moeilijkheden en ontberingen, en volgden een profeet naar hun nieuwe thuis in het westen.

Die geweldige dienstknechten en heiligen van God konden standhouden, omdat ze aan de kant van de Heiland stonden. Overweeg hoe de Heiland heeft standgehouden:

Als jongeman hield Jezus Zich getrouw bezig met de dingen van zijn Vader. Hij onderwees de geleerde mannen in de tempel in het evangelie.19 In zijn bediening hield Hij Zich bezig met het werk dat onder het priesterschap valt — anderen onderwijzen, genezen, dienen, zegenen en opbeuren. Zo nodig stond Hij dapper tegen het kwaad op, zelfs de tempel reinigde Hij.20 En Hij stond voor de waarheid — hetzij met woorden of met waardige stilte. Toen de overpriesters Hem voor Kajafas valselijk beschuldigden, was Jezus zo wijs en moedig om niet in te gaan op onwaarheden en zijn rust te bewaren.21

In de hof van Getsemane deinsde onze Heiland en Verlosser niet terug, maar dronk de bittere beker van de verzoening uit.22 En ook aan het kruis leed Hij om de wil van de Vader te doen, totdat Hij kon zeggen: ‘Het is volbracht!’23 Hij had tot het einde toe volhard. Ingevolge de volmaakte gehoorzaamheid van de Verlosser heeft onze hemelse Vader verklaard: ‘Ziet mijn geliefde Zoon, in wie Ik mijn welbehagen heb, in wie Ik mijn naam heb verheerlijkt.’24

Dierbare broeders van de priesterschap, jong en oud, laten we Gods naam verheerlijken door stand te houden met onze Heiland, Jezus Christus. Ik getuig tot u, als bijzondere getuige, dat Hij leeft en dat wij ‘geroepen [zijn] met een heilige roeping’25 om mee te werken aan zijn werk. ‘Daarom, staat op heilige plaatsen en wordt niet aan het wankelen gebracht.’26 We houden ons gehoorzaam en gedreven vast aan de leer van onze God en staan op heilige plaatsen, want zijn leer is heilig en zal niet veranderen in de sociale en politieke winden van onze tijd. Ik verklaar net als de apostel Paulus: ‘Wees waakzaam, sta vast in het geloof, wees manmoedig, [en] wees sterk.’27 Dat is mijn vurige gebed voor u, in de naam van Jezus Christus. Amen.

Mostrar referencias

  1.  

    1. 2 Timoteüs 3:1.

  2.  

    2. Efeziërs 6:13–17, HSV; cursivering toegevoegd.

  3.  

    3. Mozes 5:23.

  4.  

    4. Robert D. Hales, ‘This Is the Way; and There Is None Other Way’. In: Brigham Young University 1981–82 Speeches (1982), pp. 3–4; beschikbaar op speeches.byu.edu.

  5.  

    5. Leer en Verbonden 1:39; cursivering toegevoegd.

  6.  

    6. 2 Timoteüs 3:5.

  7.  

    7. 2 Nephi 28:8.

  8.  

    8. Nehemia 6:3.

  9.  

    9. Jesaja 53:3; Mosiah 14:3.

  10.  

    10. Lucas 4:8, HSV.

  11.  

    11. Zie Genesis 39:7–12.

  12.  

    12. Zie 1 Nephi 2.

  13.  

    13. Zie bijvoorbeeld 1 Nephi 18.

  14.  

    14. Zie Mosiah 11–17.

  15.  

    15. Zie Alma 53, 56–58.

  16.  

    16. Zie Alma 46:11–13.

  17.  

    17. Zie Helaman 13–16.

  18.  

    18. Zie Leer en Verbonden 135.

  19.  

    19. Zie Lucas 2:46–49.

  20.  

    20. Zie Matteüs 21:12–13.

  21.  

    21. Zie Matteüs 26:57, 59–63.

  22.  

    22. Zie Leer en Verbonden 19:16–19.

  23.  

    23. Johannes 19:30.

  24.  

    24. 3 Nephi 11:7.

  25.  

    25. Alma 13:3; zie ook 2 Timoteüs 1:9.

  26.  

    26. Leer en Verbonden 87:8.

  27.  

    27. 1 Korintiërs 16:13, HSV.