De hoop op Gods licht

President Dieter F. Uchtdorf

Tweede raadgever in het Eerste Presidium


Streven wij ernaar om God en onze naaste meer lief te hebben, dan zal het licht van het evangelie ons omringen en opbeuren.

Toegang tot verlichting

Ik heb een schilderij in mijn kantoor dat ik koester, het heet Toegang tot verlichting. Een vriend van me, de Deense kunstenaar Johan Benthin, de eerste ringpresident in de Deense hoofdstad, Kopenhagen, heeft het geschilderd.

In het schilderij is een donkere kamer te zien met een open deur naar een ruimte waar licht vandaan komt. Ik vind het interessant dat het licht in de deuropening niet de hele kamer verlicht, maar alleen de ruimte vlak voor de deur.

Voor mij zijn het donker en het licht in dit schilderij een zinnebeeld van het leven. De toestand waar we ons als stervelingen in bevinden brengt met zich mee dat we soms het gevoel hebben door duister omringd te zijn. Misschien hebben we een dierbare verloren; of is er een kind afgedwaald; misschien hebben we een verontrustende medische diagnose gekregen; of hebben we werkgelegenheidsproblemen en zijn we bang of bezorgd; of misschien voelen we ons eenzaam of ervaren we een gebrek aan liefde.

Maar hoe verloren we ons ook in onze huidige omstandigheden mogen voelen, God belooft ons de hoop op zijn licht. Hij belooft om de weg die voor ons ligt te verlichten en ons de weg uit het duister te tonen.

Een donkere kamer

Ik wil u vertellen over een vrouw die opgroeide in een donkere kamer. Ik zal haar Jane noemen.

Vanaf haar derde levensjaar werd Jane herhaaldelijk geslagen, gekleineerd en mishandeld. Ze werd bedreigd en bespot. Als ze ’s ochtends wakker werd, wist ze niet of ze de volgende dag zou halen. De mensen die haar hadden moeten beschermen, waren degenen die haar martelden of die toestonden dat de mishandeling voortduurde.

Jane had uit zelfbescherming geleerd om niets meer te voelen. Ze had geen hoop op redding, dus had ze de harde houding aangenomen dat ze moest berusten in haar verschrikkelijke lot. Er was geen licht in haar wereld, dus gaf ze zich over aan het duister. Het gevoel van verdoving dat alleen maar kan komen door voortdurend, onophoudelijk contact met het kwaad, bracht haar ertoe te accepteren dat elk moment haar laatste kon zijn.

En toen ontdekte Jane op achttienjarige leeftijd De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. De vreugde en hoop van het herstelde evangelie drongen diep door in haar hart en ze nam de uitnodiging voor de doop aan. Voor het eerst kwam er licht in haar leven en zag ze een helder verlicht pad voor zich. Ze verliet het duister van haar wereld en besloot ver bij haar mishandelaar vandaan naar school te gaan. Eindelijk voelde ze zich bevrijd van een omgeving vol duister en kwaad, vrij om de heerlijke gemoedsrust en wonderbaarlijke genezing van de Heiland te ervaren.

Maar jaren later, na het overlijden van haar mishandelaar, werd Jane weer gekweld door de verschrikkelijke gebeurtenissen uit haar jeugd. Groot verdriet en boosheid dreigden het heerlijke licht te vernietigen dat ze in het evangelie had gevonden. Ze besefte dat haar kwelgeest uiteindelijk zou winnen als ze zich door het duister liet verteren.

Ze vroeg om therapie en medische hulp. En ze begon te beseffen dat het beste pad naar genezing voor haar lag in begrijpen en aanvaarden dat de duisternis bestaat, maar zonder erin te blijven. Want, wist ze nu, er bestaat ook licht. En daarin verkoos ze te verblijven.

Gezien het duister in haar verleden had Jane heel makkelijk wraakzuchtig, giftig of zelfs gewelddadig kunnen worden. Maar dat deed ze niet. Ze weerstond de verleiding om duisternis te verbreiden door uit boosheid, verdriet of cynisme om zich heen te slaan. In plaats daarvan hield ze vast aan de hoop dat ze met Gods hulp kon genezen. Ze koos ervoor om licht uit te stralen en haar leven te wijden aan het geven van hulp aan anderen. Door die beslissing kon ze haar verleden achter zich laten en een heerlijke toekomst betreden.

Ze werd onderwijzeres. En nu, tientallen jaren later, heeft haar liefde inmiddels honderden kinderen beïnvloed. Zij heeft ze laten inzien dat ze waarde hebben, dat ze belangrijk zijn. Ze is een onvermoeibaar voorvechtster van de zwakken, de slachtoffers en de ontmoedigden geworden. Ze bouwt op, sterkt en inspireert iedereen om haar heen.

Jane kwam erachter dat er genezing optreedt als we uit het duister stappen en in hoop naar een helder licht toelopen. Door geloof, hoop en naastenliefde toe te passen, transformeerde ze niet alleen haar eigen leven, maar was ze bovendien het leven van heel veel anderen oneindig tot zegen.

Licht kleeft licht aan

Er zijn misschien mensen onder u die het gevoel hebben dat het duister ze bekruipt. U bent misschien belast met zorgen, angsten en twijfels. Voor u allen, en voor ons allemaal, herhaal ik een heerlijke en zekere waarheid: Gods licht bestaat. En het is er voor ons allemaal! Het geeft alle dingen leven.1 Het heeft de macht om zelfs de pijn van de diepste wond te verlichten. Het kan een genezende balsem zijn voor de eenzaamheid en ziekte van onze ziel. In de voren van de wanhoop kan het de zaadjes van het licht van de hoop zaaien. Het kan de diepste valleien van verdriet verlichten. Het kan het pad dat voor ons ligt verlichten en ons door de donkerste nacht leiden naar de belofte van een nieuwe dageraad.

Dit is ‘de Geest van Jezus Christus’ die ‘licht geeft aan ieder die in de wereld komt.’2

Niettemin krijgt iemand die in het donker zit af te wachten tot iemand een schakelaar omzet zelden geestelijk licht. Er is een geloofsdaad nodig om onze ogen te openen voor het licht van Christus. Geestelijk licht is niet te onderscheiden met vleselijke ogen. Jezus Christus zelf heeft ons geleerd: ‘Ik ben het licht dat in de duisternis schijnt, en de duisternis begrijpt het niet.’3 Want ‘een ongeestelijk mens aanvaardt niet hetgeen van de Geest Gods is, want het is hem dwaasheid en hij kan het niet verstaan, omdat het slechts geestelijk te beoordelen is.’4

Dus hoe kunnen we de hoop op Gods licht zien?

Ten eerste: begin waar u bent.

Is het niet fantastisch om te weten dat we niet volmaakt hoeven te zijn om de zegeningen en gaven van onze hemelse Vader te ontvangen? We hoeven niet over de finish te gaan om Gods zegeningen te ontvangen. In feite gaan de hemelen al open en dalen de zegeningen van boven al als dauwdruppels op ons als we de allereerste stappen in de richting van het licht doen.

De beste plek om te beginnen, is precies waar u nu bent. Het doet er niet toe hoe ontoereikend u meent te zijn of hoe ver u vindt dat u op anderen achterloopt. Op het moment dat u dichter tot uw hemelse Vader probeert te komen, begint de hoop op zijn licht uw ziel te ontwaken, verlevendigen en veredelen.5 Het duister zal misschien niet meteen helemaal verdwijnen, maar zo zeker als de nacht altijd plaatsmaakt voor de dageraad, zal het licht komen.

Ten tweede: wend uw hart tot de Heer.

Verhef uw ziel in gebed en leg uw hemelse Vader uit hoe u zich voelt. Geef uw tekortkomingen toe. Stort uw hart uit en spreek uw dank uit. Vertel Hem met welke beproevingen u zit. Smeek Hem in de naam van Christus om kracht en steun. Vraag of uw oren mogen opengaan en u zijn stem mag horen. Vraag of uw ogen mogen opengaan en u zijn licht mag zien.

Ten derde: wandel in het licht.

Uw hemelse Vader weet dat u vergissingen zult begaan. Hij weet dat u zult struikelen, en misschien wel heel vaak. Dat doet Hem verdriet, want Hij heeft u lief. Hij wil uw geest niet aan banden leggen. Integendeel, Hij wil dat u opstaat en de persoon wordt die u moest worden.

Daarom heeft Hij zijn Zoon gezonden om de weg te verlichten en ons te laten zien hoe we veilig over de struikelblokken op ons pad heen kunnen komen. Hij heeft ons het evangelie gegeven, dat ons leert hoe wij als discipel moeten leven. Het leert ons wat wij moeten weten, doen en zijn om te wandelen in zijn licht en te treden in het voetspoor van zijn geliefde Zoon, onze Heiland.

Licht overwint duisternis

Ja, we zullen vergissingen begaan.

Ja, we zullen wankelen.

Maar streven wij ernaar om God en onze naaste meer lief te hebben, dan zal het licht van het evangelie ons omringen en opbeuren. Het duister zal wegsterven, want het kan niet bestaan in de aanwezigheid van licht. Komen wij dichter tot God, dan komt Hij dichter tot ons.6 En dag na dag wordt de hoop op Gods licht sterker in ons, ‘het wordt steeds helderder tot de volle dag toe’.7

Allen die het gevoel hebben in duisternis te verkeren, nodig ik uit om te vertrouwen op deze vaste belofte die de Heiland van de mensheid heeft gegeven: ‘Ik ben het licht der wereld; wie Mij volgt, zal nimmer in de duisternis wandelen, maar hij zal het licht des levens hebben.’8

Licht in Afrika

Enkele jaren geleden maakten mijn vrouw, Harriet, en ik iets gedenkwaardigs mee waarbij we die belofte in vervulling zagen gaan. We waren in het westen van Afrika, een prachtig deel van de wereld waar de kerk groeit en we fijne heiligen der laatste dagen hebben. Maar het westen van Afrika heeft ook veel problemen. Vooral de armoede die ik er zag, deed me veel verdriet. In de steden is de werkloosheid groot en is het vaak erg moeilijk voor een gezin om aan de dagelijkse kost te komen en zijn veiligheid te waarborgen. Het brak mijn hart toen ik vernam dat veel van onze dierbare kerkleden dergelijke ontbering moeten verduren. Maar ik vernam ook dat die fijne leden elkaar helpen om hun zware lasten te verlichten.

We kwamen uiteindelijk aan bij een van onze kerkgebouwen buiten een grote stad. In plaats van daar mensen aan te treffen die in duisternis verkeerden, vonden we er vreugdevolle mensen die licht uitstraalden! De vreugde die zij in het evangelie ondervonden, was aanstekelijk en beurde ons op. De liefde die zij ons betuigden, was verootmoedigend. Hun glimlach was oprecht en aanstekelijk.

Ik herinner me dat ik me toen afvroeg of er gelukkiger mensen konden zijn op aarde. Hoewel deze lieve heiligen omringd waren door moeilijkheden en beproevingen, waren ze vol licht!

De bijeenkomst begon en ik nam het woord. Maar al gauw ging het licht in het gebouw uit en verkeerden we in volslagen duisternis.

Een tijd lang kon ik bijna niemand van de aanwezigen zien, maar ik kon wel de brede, prachtige glimlach van onze heiligen zien. Wat vond ik het heerlijk om bij die fantastische mensen te zijn!

Het duister in de kapel duurde voort, en dus ging ik naast mijn vrouw zitten wachten tot de stroomonderbreking voorbij zou gaan. Tijdens het wachten gebeurde er iets opmerkelijks.

Enkele stemmen begonnen een van de lofzangen van de herstelling te zingen. Andere stemmen voegden zich bij hen. En toen nog meer. Al gauw vulde een heerlijk stemmenkoor de hele kapel.

Deze kerkleden hadden geen zangboek nodig, ze kenden elk woord van elke lofzang die ze zongen. En ze zongen het ene lied na het andere met een energie en geestdrift die mijn ziel raakte.

Uiteindelijk gingen de lampen weer aan en baadde de zaal in het licht. Harriet en ik keken elkaar aan, met nat betraande wangen.

In dit diepe duister hadden deze fijne, geweldige heiligen dit kerkgebouw en onze ziel vervuld met licht.

Het was een bijzonder ontroerend moment voor ons, een moment dat Harriet en ik nooit zullen vergeten.

Kom naar het licht

Ja, van tijd tot tijd kan het lijken alsof ons leven wordt geraakt of zelfs gehuld in duisternis. Soms kan de nacht die ons omhult, drukkend, ontmoedigend en beangstigend lijken.

Mijn hart rouwt om het grote verdriet dat sommigen onder u hebben, en om de pijnlijke eenzaamheid en zware angsten die u misschien te verduren hebt.

Niettemin getuig ik dat wij onze levende hoop in Christus Jezus stellen! Hij is de ware, zuivere en krachtige toegang tot goddelijke verlichting.

Ik getuig dat met Christus het duister niet kan slagen. De duisternis overwint het licht van Christus niet.

Ik getuig dat het duister niet kan verblijven bij het heldere licht van de Zoon van de levende God!

Ik nodig ieder van u uit om uw hart open te stellen voor Hem. Zoek Hem door studie en gebed. Ga naar zijn kerk, De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Leer over Hem en zijn evangelie, neem actief deel, help elkaar en dien onze God blijmoedig.

Broeders en zusters, zelfs na de donkerste nacht zal de Heiland van de wereld u voeren naar een geleidelijke, heerlijke en heldere dageraad die beslist in u zal opkomen.

Loopt u naar de hoop op Gods licht af, dan zult u het mededogen, de liefde en de goedheid van een liefhebbende hemelse Vader ontdekken, in Wie ‘in het geheel geen duisternis.’9 is. Dat getuig ik in de naam van Jezus Christus. Amen.