Toon uw geloof


Vergroot uw geloof dag in dag uit op het pad naar uw eeuwige bestemming. Verkondig uw geloof! Toon uw geloof!

Geliefde broeders en zusters, wij spreken onze grote liefde en dank voor u uit. Wij zijn dankbaar voor de bezoeken die wij onder u afleggen.

Onlangs kondigde de piloot van een vlucht die wij namen aan dat we bij het dalen in turbulentie terecht zouden komen. Hij zei dat alle passagiers hun veiligheidsgordel goed moesten omdoen. En er kwam inderdaad turbulentie. Die was erg hevig. Aan de andere kant van het gangpad, enkele rijen achter mij, raakte een doodsbange vrouw in paniek. Met elke beangstigende val en schok schreeuwde ze het uit. Haar man probeerde haar te troosten, maar zonder succes. Haar hysterische kreten hielden aan tot we door de turbulentie heen waren en veilig konden landen. Maar toen zij het zo moeilijk had, had ik medelijden met haar. Omdat geloof het tegengif voor angst is, wenste ik stilletjes dat ik haar geloof had kunnen sterken.

Toen de passagiers later het vliegtuig verlieten, sprak de man van deze vrouw mij aan. Hij zei: ‘Het spijt me dat mijn vrouw zo bang was. De enige troost die ik haar kon geven, was te zeggen: “Ouderling Nelson zit ook op deze vlucht, dus je hoeft je geen zorgen te maken.”’

Ik ben er niet zo van overtuigd dat mijn aanwezigheid op die vlucht haar enige troost had moeten geven, maar ik wil wel zeggen dat een gegeven van het sterfelijk leven is dat ons geloof op de proef gesteld wordt. Soms krijgen we die beproevingen als we denken de dood in de ogen te kijken. Voor deze bange vrouw was een hevig stampend vliegtuig een van die momenten waarop we oog in oog komen te staan met de kracht van ons geloof.

Als we het over geloof hebben — het geloof dat bergen kan verzetten — hebben we het niet over geloof in het algemeen, maar geloof in de Heer Jezus Christus. We kunnen ons geloof in de Heer Jezus Christus sterken door over Hem te leren en onze godsdienst na te leven. De leer van Jezus Christus is door de Heer opgesteld om ons te helpen met het vergroten van ons geloof. In de huidige wereld betekent het begrip godsdienst veel verschillende dingen voor verschillende mensen.

Het woord religie betekent letterlijk ‘wederom binden’ of ‘herverbinden’ met God.1 De vraag die we onszelf zouden kunnen stellen, luidt: ‘Zijn wij veilig verbonden met God, zodat ons geloof te zien is? Of zijn we aan iets anders verbonden? Ik heb bijvoorbeeld weleens op maandagochtend gesprekken gehoord over sportwedstrijden van de voorgaande zondag. Over sommige van die fanatieke fans heb ik me afgevraagd of hun ‘religie’ hen uitsluitend ‘herverbindt’ met de een of andere stuiterende bal.

We kunnen ons afvragen: waarin stellen wij ons geloof? In een team? In een merk? In een beroemdheid? Zelfs de beste teams kunnen verliezen. Beroemdheid kan afnemen. Er is er slechts Eén bij wie uw geloof altijd veilig is, en dat is de Heer Jezus Christus. En u moet uw geloof tonen!

God heeft in het eerste van zijn tien geboden gezegd: ‘Gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben.’2 Hij heeft ook gezegd: ‘Vertrouw op Mij bij iedere gedachte; twijfel niet, vrees niet.’3 En toch zoeken zoveel mensen hun gemoedsrust uitsluitend in hun banksaldo of nemen ze hun medemens als voorbeeld.

Clinici, academici en politici krijgen vaak een geloofstoets te doorstaan. Zullen zij bij het nastreven van hun doelen blijk geven van hun religie, of zal die verborgen blijven? Zijn zij herverbonden met God of met de mens?

Ik kreeg tientallen jaren geleden zo’n toets te doorstaan toen een van mijn collega’s aan de medische faculteit mij vermaande omdat ik mijn beroepskennis niet scheidde van mijn godsdienstige overtuiging. Hij stond erop dat ik die twee niet zou combineren. Maar hoe kon ik ze scheiden? Waarheid is waarheid! Zij is onscheidbaar, we kunnen geen enkel deel ervan terzijde schuiven.

Of waarheid nu uit een wetenschappelijk laboratorium of uit openbaring van God komt, alle waarheid komt van God. Alle waarheid maakt deel uit van het evangelie van Jezus Christus.4 En toch werd mij gevraagd om mijn geloof te verbergen. Ik voldeed niet aan het verzoek van mijn collega. Ik toonde mijn geloof!

In alle beroepen wordt een grote mate van accuratesse gevergd. Wetenschappers koesteren hun vrijheid van meningsuiting. Maar volledige vrijheid bestaat alleen als de mensen niet bepalen dat een deel van onze kennis taboe is.

Geestelijke waarheid is niet te negeren — met name goddelijke geboden. Het naleven van goddelijke geboden brengt altijd zegeningen met zich mee! Het overtreden van goddelijke geboden brengt altijd verlies van zegeningen met zich mee!5

Er zijn zoveel problemen omdat de wereld bevolkt is met onvolmaakte mensen. Hun bedoelingen en verlangens worden sterk beïnvloed door hun geloof, of gebrek daaraan. Velen geven andere zaken meer prioriteit dan God. Sommigen betwisten dat godsdienst in het hedendaagse leven relevant is. Net als in elk ander tijdperk, zijn er ook nu mensen die de uitoefening van godsdienstvrijheid bespotten of afkeuren. Sommigen geven godsdienst zelfs de schuld van allerlei vormen van werelds kwaad. Toegegeven, er zijn tijden geweest dat er in de naam van godsdienst wreedheden zijn begaan. Maar naleven van de zuivere godsdienst van de Heer, ernaar streven een waar discipel van Jezus Christus te worden, is een levenswijze en een dagelijkse vorm van toewijding die goddelijke leiding oplevert. Als u uw godsdienst uitoefent, oefent u uw geloof uit. U geeft blijk van uw geloof.

De Heer wist dat zijn kinderen zouden moeten leren om Hem te vinden. ‘Want eng is de poort, en smal de weg,’ heeft Hij gezegd, ‘die [tot de verhoging] leidt, en weinigen zijn er, die hem vinden.’6

De Schriften bieden ons een van de beste manieren om de juiste koers te vinden en aan te houden. Schriftuurlijke kennis biedt ook bescherming. In de loop van de geschiedenis heeft kraamvrouwenkoorts bijvoorbeeld het leven geëist van veel onschuldige moeders en baby’s. Maar in het Oude Testament stonden de juiste beginselen voor het omgaan met patiënten die een infectie hadden, meer dan drieduizend jaar geleden geschreven!7 Veel mensen stierven omdat de mens in zijn zoektocht naar kennis verzuimd had acht te slaan op het woord van de Heer!

Mijn geliefde broeders en zusters, wat ontbreekt er aan ons leven als we ons ‘te allen tijde laten leren, zonder ooit tot erkentenis der waarheid te kunnen komen’?8 We kunnen veel kennis ontlenen aan de Schriften en inspiratie krijgen door het gelovige gebed.

Doen we dat, dan zal dat ons helpen met onze dagelijkse beslissingen. Vooral bij het uitvaardigen en ten uitvoer leggen van de wetten van de mens moeten Gods wetten altijd onze norm zijn. En in omstreden kwesties moeten we er allereerst naar streven om leiding van God te ontvangen.

We zouden ‘alle Schriften op onszelf [moeten toepassen], opdat zij ons tot nut en lering zouden strekken.’9 Het wordt gevaarlijk als we proberen delen van ons leven af te scheiden met uitdrukkingen als ‘mijn privéleven’ of zelfs ‘mijn beste beentje voorzetten’. Als men probeert zijn leven in zulke aparte vakjes in te delen, zal men nooit de volledige wasdom van zijn ware persoonlijke integriteit bereiken.

Als we in de verleiding komen om populair te zijn, kunnen we de publieke opinie meer voorrang geven dan het woord van God. Bij de vormgeving van plannen voor politieke campagnes en marketingstrategieën wordt uitgebreid gebruik gemaakt van peilingen van de publieke opinie. De uitslagen van die peilingen zijn informatief. Maar ze kunnen echt niet gebruikt worden als rechtvaardiging van ongehoorzaamheid aan Gods geboden! Zelfs als ‘iedereen het doet’, is verkeerd nooit goed. Kwaad, dwaling en duisternis worden nooit waarheid, zelfs al zijn ze populair. Dat staat in een Schriftuurlijke waarschuwing: ‘Wee hun die het kwade goed noemen en het goede kwaad; die duisternis voorstellen als licht en licht als duisternis.’10

Na de Eerste Wereldoorlog werd een schuin liedje populair. Het bevorderde onkuisheid en stelde dat vijftig miljoen mensen het niet fout konden hebben. Maar in feite kunnen vijftig miljoen mensen het wel degelijk fout hebben — helemaal fout. Onkuisheid is nog steeds immoreel in Gods ogen. Ooit zal Hij oordelen over al onze daden en verlangens.11

Zet de angst en het ongeloof die in de huidige wereld zo alomtegenwoordig zijn eens af tegen het geloof en de moed van mijn geliefde dochter Emily, die nu aan de andere kant van de sluier leeft. Toen het leven haar door kanker aangetaste lichaam ging verlaten, kon ze nauwelijks nog spreken. Maar met een glimlach op haar gezicht zei ze tegen me: ‘Papa, maak je geen zorgen over me. Ik weet dat het wel goed komt!’ Emily’s geloof was zichtbaar — hélder zichtbaar — op dat ontroerende moment, precies toen we dat het hardste nodig hadden.

Deze prachtige moeder van vijf kinderen had volledig geloof in haar hemelse Vader, zijn plan, en het eeuwige welzijn van haar gezin. Ze was veilig herverbonden met God. Ze was volledig trouw aan de verbonden die ze met de Heer en haar echtgenoot had gesloten. Ze hield van haar kinderen, maar haar gemoed was rustig, ondanks het op handen zijnde afscheid van hen. Ze had geloof in haar toekomst en hun toekomst, want ze had geloof in onze hemelse Vader en zijn Zoon.

President Thomas S. Monson heeft in 1986 gezegd: ‘Natuurlijk zullen we vrees het hoofd moeten bieden, spot doorstaan en tegenstand verduren. Maar laten we de moed hebben om de consensus te weerstaan, de moed om pal te staan voor principes. Moed, en niet de gulden middenweg, verdient de goedkeurende glimlach van God. […] Bedenk dat iedereen angsten heeft, maar dat zij die [vol geloof] met hun angst omgaan ook moed hebben.’12

Die raad van president Monson is tijdloos! En dus smeek ik u, geliefde broeders en zusters: vergroot uw geloof dag in dag uit op het pad naar uw eeuwige bestemming. Verkondig uw geloof! Toon uw geloof!13

Ik bid dat u veilig herverbonden zult zijn met God, dat zijn eeuwige waarheden voor altijd in uw hart gegrift zullen zijn. En ik bid dat u in uw leven altijd uw geloof zult tonen! In de naam van Jezus Christus. Amen.

Verwijzingen tonen

  1.  

    1. Het woord religie is van Latijnse oorsprong: re betekent ‘opnieuw’, ‘her-’ of ‘terug’, en ligie komt waarschijnlijk van ligare, wat ‘binden’ of ‘verbinden’ betekent. Daaruit begrijpen wij dat religie ‘gelovigen met God verbindt’.

  2.  

    2.  Exodus 20:3. Bovendien heeft de Heer gezegd: ‘Bekeert u, keert u af van uw afgoden en wendt u af van al uw gruwelen’ (Ezechiël 14:6).

  3.  

    3.  Leer en Verbonden 6:36.

  4.  

    4. Zie Spencer W. Kimball, The Teachings of Spencer W. Kimball, geredigeerd door Edward L. Kimball (1982), p. 391.

  5.  

    5. Zie Mosiah 2:41; Leer en Verbonden 58:30–33; 82:10. Dit beginsel geldt voor iedereen, want er is ‘bij God geen aanneming des persoons’ (Handelingen 10:34; zie ook Moroni 8:12).

  6.  

    6.  Leer en Verbonden 132:22.

  7.  

    7. Zie Leviticus 15:13.

  8.  

    8.  2 Timoteüs 3:7.

  9.  

    9.  1 Nephi 19:23.

  10.  

    10.  Jesaja 5:20.

  11.  

    11. In de Schriften staat: ‘Komt tot de Heer, de Heilige. Bedenkt dat zijn wegen rechtvaardig zijn. Zie, het pad voor de mens is smal, maar het ligt recht voor hem uit en de poortwachter is de Heilige Israëls; en Hij heeft daar geen knecht in dienst gesteld; en er is geen andere weg dan door de poort; want Hij kan niet worden misleid, aangezien Here God zijn naam is’ (2 Nephi 9:41).

  12.  

    12. Thomas S. Monson, ‘Courage Counts’, Ensign, november 1986, p. 41. Bij een andere gelegenheid heeft president Monson deze inspirerende aansporing gegeven: ‘Om een geweldig leven te leiden, moeten we het vermogen ontwikkelen om moeilijkheden moedig tegemoet te treden, teleurstellingen blijmoedig te ondergaan en beproevingen ootmoedig te overwinnen. […] Wij zijn zoons en dochters van een levende God, naar wiens beeld wij zijn geschapen. […] Wij kunnen die overtuiging niet echt hebben zonder sterk het gevoel van hernieuwde kracht te krijgen, de kracht om Gods geboden na te leven, de kracht om de verleidingen van Satan te weerstaan.’ (‘Yellow Canaries with Gray on Their Wings’, Ensign, juli 1973, p. 43.)

  13.  

    13. ‘Onthoud u van alle goddeloosheid’ (Moroni 10:32). Vrees de mens niet meer dan God (zie Leer en Verbonden 3:7; 59:5).