2014
Hoop putten uit de toekomst
April 2014


Tot we elkaar weerzien:

Hoop putten uit de toekomst

De auteur woont in Arizona (VS).

Dezelfde stormen die ons teisteren en dreigen te overmeesteren, verspreiden ook de zaadjes van verandering en groei.

Op 12 september 2001 liepen mijn vrouw en ik te ijsberen in een ziekenhuis in Tucson (Arizona, VS). We waren daar vol spanning in afwachting van de geboorte van onze zoon. Op onze televisie en alle andere televisies in het gebouw waren constant beelden uit New York City van de dag ervoor te zien — beelden van de puinhopen van de twee ingestorte torens die tot voor kort de skyline van die stad hadden bepaald. De beelden, die urenlang werden uitgezonden, wekten bij ons een gevoel van wanhoop op. Het leek erop dat je een baby niet op een slechter moment op de wereld kon zetten — een wereld die er zo donker en dreigend uitzag.

De volgende ochtend werd ons zoontje in alle vroegte geboren. Met ons kleintje in de armen dacht ik aan de verschrikkelijke gebeurtenissen van de afgelopen paar dagen. Die deden me denken aan de branden in Yellowstone National Park in 1988. De vlammen hadden ruim driehonderdduizend hectare bos verteerd. Het park leek volkomen verwoest. In de nieuwsbeelden waren alleen geschroeide aarde en dikke, zwarte rook in de lucht te zien. Met geen mogelijkheid kon de mens snel terugbrengen wat verloren was gegaan. Ook de onvermoeide, vernieuwende levenskracht van de natuur zelf leek niet tegen de vernietigende kracht van het vuur opgewassen.

Toch was er het volgende voorjaar sprake van een stil wonder — kleine planten en bloemen begonnen door de geblakerde grond heen te breken. Beetje bij beetje sproten er steeds meer bloemen en struiken en bomen uit de aarde voort. De wedergeboorte van het park verliep langzaam en vol kleine, heerlijke details. De resultaten waren na verloop van tijd opzienbarend.

Op angstige momenten die ons lijken te verteren als de felle branden van Yellowstone, wanneer we niet meer kunnen geloven en hopen, moeten we onthouden dat zich een kalme, vaste grondslag onder ons bevindt die veel sterker is dan welke kwade invloeden ook die op ons inwerken. Helaman legt uit wat dit fundament is, namelijk ‘de rots van onze Verlosser, die Christus is, de Zoon Gods’. Als wij in Hem verankerd zijn, dan geldt dat ‘wanneer de duivel zijn krachtige winden zendt, ja, zijn pijlen in de wervelwind, ja, wanneer al zijn hagel en zijn hevige storm u zullen striemen, die geen macht over u zullen hebben om u neer te sleuren in de afgrond van ellende en eindeloos wee, wegens de rots waarop gij zijt gebouwd, die een vast fundament is; en als de mensen op dat fundament bouwen, kunnen zij niet vallen’ (Helaman 5:12).

Als we met de vurige krachten van het kwaad en verleidingen in de wereld te maken krijgen, denken we misschien dat de eenvoudige invloed van het evangelie daarbij verbleekt en geen schijn van kans maakt. Twijfel en wanhoop slaan wellicht toe terwijl we vruchteloos wachten tot zaken rechtgezet, pijn verzacht en vragen beantwoord worden. Dezelfde stormen die ons teisteren, verspreiden echter zaadjes van verandering en groei. En de immense kracht van het evangelie werkt gestaag onder de bodem van ons aardse bestaan aan talloze zaadjes van hoop en leven.