AFDELING 108

Openbaring gegeven bij monde van de profeet Joseph Smith op 26 december 1835 te Kirtland (Ohio). (History of the Church, 2:345.) Deze afdeling werd ontvangen op verzoek van Lyman Sherman, die eerder tot hogepriester en zeventiger was geordend, en die zich tot de profeet had gewend met het verzoek om een openbaring om hem zijn plicht bekend te maken.

1–3: Lyman Shermans zonden zijn hem vergeven; 4–5: hij zal gerekend worden tot de leidinggevende ouderlingen van de kerk; 6–8: hij is geroepen om het evangelie te prediken en zijn broeders te versterken.

 VOORWAAR, aldus zegt de Heer tot u, mijn dienstknecht Lyman: Uw zonden zijn u vergeven, want u hebt mijn stem gehoorzaamd door deze ochtend hierheen te komen om raad te ontvangen van hem die Ik heb aangewezen.

 Daarom, laat uw ziel agerust zijn over uw geestelijke status, en weersta mijn stem niet langer.

 En kom nu en wees voortaan stipter in het nakomen van uw geloften, die u hebt afgelegd en zult afleggen, en u zult gezegend worden met buitengewoon grote zegeningen.

 Wacht geduldig af tot mijn dienstknechten de aplechtige samenkomst bijeenroepen, dan zult u tot de eersten van mijn ouderlingen worden gerekend, en door ordening bevoegdheid ontvangen met de rest van mijn ouderlingen die Ik gekozen heb.

 Zie, dit is de abelofte van de Vader aan u, indien u getrouw blijft.

 En deze zal voor u in vervulling gaan op die dag dat u bevoegd zult zijn om mijn evangelie te aprediken overal waar Ik u vanaf dat moment zenden zal.

 Daarom, aversterk uw broeders door al uw conversatie, door al uw gebeden, door al uw aansporingen, en door al uw doen en laten.

 En zie, ja, zie, Ik ben voor eeuwig met u om u te zegenen en te abewaren. Amen.