AFDELING 72

Openbaring gegeven bij monde van de profeet Joseph Smith op 4 december 1831 te Kirtland (Ohio). (History of the Church, 1:239–241.) Verschillende ouderlingen en leden waren bijeengekomen om bekend te raken met hun taak en om verder te worden opgebouwd in de leringen van de kerk. In deze afdeling zijn twee openbaringen bijeengebracht die op dezelfde dag werden ontvangen. De verzen 1 tot en met 8 maken de roeping bekend van Newel K. Whitney als bisschop. Hij werd terstond geroepen en geordend, waarna de verzen 9 tot en met 26 werden ontvangen, die meer inzicht verschaffen over de taak van een bisschop.

1–8: ouderlingen moeten rekenschap afleggen van hun rentmeesterschap aan de bisschop; 9–15: de bisschop beheert het voorraadhuis en zorgt voor de armen en behoeftigen; 16–26: bisschoppen moeten een bewijs verstrekken dat ouderlingen de gedragsnormen naleven.

 LUISTERT en hoort naar de stem des Heren, o gij, die u hebt bijeenverzameld, die de ahogepriesters zijt van mijn kerk, aan wie het bkoninkrijk en de macht gegeven zijn.

 Want voorwaar, aldus zegt de Heer: Het is raadzaam in mijn bestel dat er een abisschop wordt aangewezen voor u, ofwel uit uw midden, voor de kerkgemeente in dit deel van de wijngaard des Heren.

 En voorwaar, hierin hebt gij wijs gehandeld, want de Heer verlangt van iedere arentmeester dat hij brekenschap aflegt van zijn crentmeesterschap, zowel in tijd als in eeuwigheid.

 Want wie in tijd getrouw en awijs is, wordt geacht waardig te zijn om de bwoningen te beërven die door mijn Vader voor hem zijn bereid.

 Voorwaar, Ik zeg u: De ouderlingen van de kerk in dit deel van mijn awijngaard zullen rekenschap van hun rentmeesterschap afleggen aan de bisschop, die Ik zal aanwijzen in dit deel van mijn wijngaard.

 Deze dingen zullen worden vastgelegd in een verslag, dat aan de bisschop in Zion moet worden overhandigd.

 En de taak van de abisschop zal worden bekendgemaakt door de geboden die gegeven zijn, en door de stem van de conferentie.

 En nu, voorwaar, Ik zeg u: Mijn dienstknecht aNewel K. Whitney is de man die zal worden aangewezen en geordend tot die macht. Dat is de wil van de Heer, uw God, uw Verlosser. Ja, amen.

 Het woord des Heren dat, naast de wet die gegeven is, de taak bekendmaakt van de bisschop die geordend is ten behoeve van de kerkgemeente in dit deel van de wijngaard, die waarlijk het volgende inhoudt —

 10 om het avoorraadhuis van de Heer te beheren; om het geld van de kerkgemeente in dit deel van de wijngaard te ontvangen;

 11 om een rekening van de ouderlingen bij te houden, zoals hiervoor is geboden; en om in hun behoeften te avoorzien, en hen te laten betalen voor hetgeen zij ontvangen, voor zoverre zij betaalmiddelen hebben;

 12 opdat ook die zullen worden geheiligd voor het welzijn van de kerk, voor de armen en behoeftigen.

 13 En voor wie geen middelen aheeft om mee te betalen, moet er een rekening worden uitgeschreven en overhandigd aan de bisschop van Zion, die de schuld zal betalen uit hetgeen de Heer in zijn handen zal leggen.

 14 En de arbeid van de getrouwen die in geestelijke zaken werkzaam zijn, de bedieningen van het evangelie en de dingen van het koninkrijk aan de kerk en aan de wereld, zal de schuld bij de bisschop in Zion vereffenen;

 15 aldus komt het uit de kerk, want volgens de awet moet eenieder die optrekt naar Zion, alle dingen neerleggen voor de bisschop in Zion.

 16 En nu, voorwaar, Ik zeg u: Daar iedere ouderling rekenschap van zijn rentmeesterschap moet afleggen aan de bisschop in dit deel van de wijngaard —

 17 maakt een abewijs van de rechter of bisschop in dit deel van de wijngaard, aan de bisschop in Zion, eenieder aannemelijk, waardoor aan alle dingen is voldaan ten behoeve van een erfdeel, en om te worden ontvangen als wijze brentmeester en trouwe werker;

 18 anders zal hij niet door de bisschop van Zion worden aangenomen.

 19 En nu, voorwaar, Ik zeg u: Laat iedere ouderling die rekenschap aflegt aan de bisschop van de kerkgemeente in dit deel van de wijngaard, worden aanbevolen door de kerkgemeente of kerkgemeenten waarin hij werkzaam is, opdat hij voor zichzelf en zijn afrekeningen in alle opzichten goedkeuring zal kunnen verkrijgen.

 20 En voorts, laten mijn dienstknechten die zijn aangewezen als rentmeester over de ageschreven aangelegenheden van mijn kerk, in alle dingen aanspraak hebben op de hulp van de bisschop of bisschoppen —

 21 opdat de aopenbaringen zullen worden uitgegeven en zullen uitgaan naar de einden der aarde; opdat zij ook geld zullen verkrijgen dat de kerk in alles ten goede zal komen;

 22 opdat zij ook in alles goedkeuring zullen verwerven en onder de wijze rentmeesters zullen worden gerekend.

 23 En nu, zie, dit zal een voorbeeld zijn voor alle wijdverbreide gemeenten van mijn kerk, ongeacht in welk land ze worden gevestigd. En nu beëindig Ik mijn woorden. Amen.

 24 Enkele woorden ter aanvulling van de wetten van het koninkrijk met betrekking tot de leden van de kerk — zij die door de Heilige Geest worden aaangewezen om op te trekken naar Zion, en zij die het voorrecht hebben naar Zion op te trekken —

 25 laten zij voor de bisschop een bewijs van drie ouderlingen der kerk, of een bewijs van de bisschop, meenemen;

 26 anders zal hij die optrekt naar het land Zion, niet onder de wijze rentmeesters worden gerekend. Ook dit is een voorbeeld. Amen.