OFFICIËLE VERKLARING 1

 Aan wie dit leest:

 Aangezien er om politieke redenen vanuit Salt Lake City persberichten zijn verzonden, die wijd en zijd zijn gepubliceerd, waarin de Commissie Utah, in haar jongste verslag aan de secretaris van binnenlandse zaken, beweert dat er nog steeds meervoudige huwelijken worden voltrokken, en dat er veertig of meer van zulke huwelijken in Utah zijn aangegaan sinds juni jongstleden, of gedurende het afgelopen jaar, alsook dat de leiders van de kerk in openbare verhandelingen voortzetting van de praktijk der polygamie hebben verkondigd, aangemoedigd en bepleit —

 verklaar ik derhalve, als president van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, op allerplechtigste wijze, dat die beschuldigingen vals zijn. Wij verkondigen geen polygamie of meervoudig huwelijk, noch staan wij toe dat ook maar iemand daartoe overgaat, en ik ontken dat er veertig meervoudige huwelijken, of welk aantal ook, in die periode in onze tempels of ergens anders in het territorium voltrokken zijn.

 Er is één geval gemeld waarbij de partijen beweren dat het huwelijk in de lente van 1889 in het Endowment House in Salt Lake City is voltrokken, maar ik heb niet kunnen achterhalen wie de ceremonie heeft verricht; wat er ook in dat geval is gebeurd, het was buiten mijn medeweten. Als gevolg van dat vermeende voorval, is het Endowment House, op mijn aanwijzing, onverwijld afgebroken.

 Daar er door het Congres wetten zijn uitgevaardigd die het meervoudig huwelijk verbieden, welke wetten grondwettig zijn verklaard door het hof van cassatie, verklaar ik hierbij mijn voornemen om mij aan die wetten te onderwerpen en mijn invloed op de leden van de kerk die ik presideer, aan te wenden om hen ertoe te bewegen evenzo te handelen.

 In het genoemde tijdvak is er niets in mijn leringen aan de kerk, of in die van mijn ambtsbroeders, dat redelijkerwijs uitgelegd kan worden als oproep of aanmoediging tot polygamie; en wanneer enige ouderling van de kerk woorden heeft gebezigd die een dergelijke lering leken over te brengen, dan is hij daarvoor onmiddellijk berispt. En nu verklaar ik publiekelijk dat mijn raad aan de heiligen der laatste dagen luidt geen huwelijk aan te gaan dat door de wet van het land verboden is.

 

Wilford Woodruff
President van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen.

 President Lorenzo Snow bracht het volgende naar voren:

 ‘Ik stel voor, aangezien wij Wilford Woodruff erkennen als president van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, en de enige mens op aarde die op dit tijdstip de sleutels van de verordeningen ter verzegeling draagt, dat wij hem ambtshalve als volledig bevoegd beschouwen om het manifest, dat ons is voorgelezen en dat gedateerd is 24 september 1890, uit te vaardigen, en dat wij, als kerk in algemene conferentie bijeen, zijn verklaring aangaande het meervoudig huwelijk als gezaghebbend en bindend aannemen.’

 De stemming om het genoemde voorstel aan te nemen was eenparig.

 Salt Lake City (Utah), 6 oktober 1890.

 

GEDEELTEN UIT DRIE TOESPRAKEN VAN
PRESIDENT WILFORD WOODRUFF
OVER HET MANIFEST

 De Heer zal nooit toestaan dat ik, of wie dan ook die president van deze kerk is, u op een dwaalspoor brengt. Dat staat niet in het programma. Dat heeft God niet in de zin. Als ik het zou proberen, zou de Heer mij uit mijn positie verwijderen, en dat zal Hij met ieder ander doen die probeert de mensenkinderen weg te voeren van de orakelen Gods en van hun plicht. (61e halfjaarlijkse algemene conferentie van de kerk, maandag 6 oktober 1890, Salt Lake City [Utah]; aangehaald in de Deseret Evening News, 11 oktober 1890, blz. 2.)

 Het doet er niet toe wie er in leven blijft of wie sterft, of wie geroepen wordt om deze kerk te leiden, zij moeten het doen onder de inspiratie van de almachtige God. Als zij dat niet op die manier doen, dan kunnen zij het in het geheel niet doen (...).

 Ik heb onlangs enkele openbaringen ontvangen, en wel zeer belangrijke voor mij, en ik zal u vertellen wat de Heer gezegd heeft tegen mij. Laat mij uw aandacht vestigen op wat het manifest wordt genoemd (...).

 De Heer heeft mij gezegd de heiligen der laatste dagen een vraag voor te leggen, en Hij heeft mij ook gezegd dat als zij luisteren naar wat ik hun te zeggen heb en de voorgelegde vraag met de Geest en de macht van God beantwoorden, zij allen hetzelfde antwoord zullen geven, en allen in deze zaak hetzelfde zullen geloven.

 Dit is de vraag: Wat is voor de heiligen der laatste dagen de wijste koers om te volgen — doorgaan met de poging het meervoudig huwelijk te praktiseren, in strijd met de wetten van het land en ondanks de oppositie van zestig miljoen mensen, en ten koste van de confiscatie en het verlies van alle tempels en de stopzetting van alle verordeningen daarin, voor zowel de levenden als de doden, en de gevangenneming van het Eerste Presidium en de Twaalf en de gezinshoofden in de kerk, en de confiscatie van het persoonlijk bezit van de mensen (hetgeen tezamen al een eind aan die praktijk zou maken); of, na alles wat we hebben gedaan en geleden door aan dat beginsel vast te houden, een einde aan die praktijk maken en ons onderwerpen aan de wet, en daarmee de profeten, apostelen en vaders bij hun gezin laten, zodat zij de mensen kunnen onderwijzen en hun plichten in de kerk waarnemen, en daarbij de tempels in de handen van de heiligen laten, zodat zij zich kunnen inzetten voor de verordeningen van het evangelie, voor zowel de levenden als de doden?

 De Heer heeft mij in een visioen en door openbaring laten zien wat er precies zou gebeuren, als we niet met die praktijk ophielden. Als wij er niet mee waren opgehouden, zou er voor (...) geen van de mannen in deze tempel te Logan iets te doen zijn; want er zou aan alle verordeningen in het land Zion een einde komen. Er zou in geheel Israël verwarring heersen, en vele mannen zouden worden gevangengenomen. Deze ellende zou over de gehele kerk gekomen zijn, en we zouden gedwongen zijn geweest aan die praktijk een einde te maken. De vraag is nu of er op deze manier een einde aan moet komen, of op de manier die de Heer ons heeft geopenbaard, waardoor onze profeten, apostelen en vaders op vrije voeten blijven, en de tempels in de handen van dit volk, zodat de doden verlost kunnen worden. Een groot aantal is alreeds door dit volk verlost uit de gevangenis in de geestenwereld, en moet het werk nu doorgaan of ophouden? Dat is de vraag die ik de heiligen der laatste dagen voorleg. U moet zelf oordelen. Ik wil dat u die voor uzelf beantwoordt. Ik zal haar niet beantwoorden; maar ik zeg u dat dit precies de situatie is waarin wij als volk verkeerd zouden hebben, als wij niet hadden gehandeld zoals we hebben gehandeld.

 (...) Ik zag precies wat er zou gebeuren, als er niet iets ondernomen werd. Ik heb die geest al lange tijd bij me. Maar ik wil dit zeggen: Ik zou alle tempels uit onze handen hebben laten gaan; ik zou zelf naar de gevangenis zijn gegaan en toegelaten hebben dat alle andere mannen er ook beland zouden zijn, als de God des hemels mij niet geboden had te doen wat ik heb gedaan; toen dan ook het uur aanbrak dat mij geboden werd dat te doen, was het mij volkomen duidelijk. Ik begaf mij voor het aangezicht des Heren en ik schreef wat de Heer mij zei te schrijven (...).

 Ik laat dit ter overweging bij u achter. De Heer houdt Zich met ons bezig. (Conferentie van de ring Cache te Logan [Utah], zondag 1 november 1891; aangehaald in de Deseret Weekly, 14 november 1891.)

 Nu zal ik u vertellen wat mij geopenbaard is en wat de Zoon van God hiermee tot stand heeft gebracht (...). Al deze dingen zouden gebeurd zijn, zowaar de almachtige God leeft, als het manifest niet gegeven was. Welnu, de Zoon van God achtte het juist dat de kerk en de wereld die zaak voorgelegd kregen met oogmerken die Hem voor ogen stonden. De Heer had besloten tot de vestiging van Zion. Hij had besloten tot de voltooiing van deze tempel. Hij had besloten dat het heil van de levenden en de doden in de valleien van dit gebergte verschaft zou worden. En de almachtige God besloot dat de duivel dat niet zou verhinderen. Als u dat kunt begrijpen, is dat de sleutel. (Uit een toespraak gehouden tijdens de zesde inwijdingsdienst van de Salt Laketempel, april 1893. Typoscript van de inwijdingsdiensten, archief, afdeling kerkgeschiedenis, Salt Lake City [Utah].)