Boodschap van het Eerste Presidium

‘Zoals Ik u liefgehad heb’

President Thomas S. Monson

Afdrukken Delen
    Father with children

    Enkele jaren geleden vertelde mijn vriend Louis me een ontroerend verhaal over zijn lieve, milde moeder. Toen ze stierf, liet ze haar zoons en dochters geen financiële rijkdom na, maar een rijk erfgoed aan voorbeelden, offers en gehoorzaamheid.

    Nadat de grafredes uitgesproken waren en de droevige tocht naar het kerkhof gemaakt was, gingen haar nu volwassen kinderen door de karige bezittingen die hun moeder nagelaten had. Tussen die bezittingen vond Louis een briefje en een sleuteltje. Op het briefje stond: ‘In mijn slaapkamer ligt er in de onderste lade van het dressoir een piepklein doosje. Daarin zit mijn kostbaarste schat. Dit sleuteltje past op dat doosje.’

    Iedereen vroeg zich af welk bezit zo kostbaar was dat hun moeder het achter slot en grendel bewaard had.

    Ze namen het doosje uit de lade en openden het met het sleuteltje. Louis en de anderen namen de inhoud van het doosje door en vonden een foto van ieder kind met zijn of haar naam en geboortedatum. Vervolgens haalde Louis een zelfgemaakt valentijnskaartje tevoorschijn. Hij herkende het primitieve, kinderlijke handschrift. Het was het zijne. Hij las de woorden die hij zestig jaar eerder geschreven had: ‘Lieve moeder, ik hou van jou.’

    Het hart van de aanwezigen werd geraakt, ze werden stil en de tranen welden in hun ogen op. Moeders schat was haar eeuwige gezin. De kracht van dat gezin steunde op het stevige fundament van ‘Ik hou van jou’.

    Dat stevige fundament van liefde is in deze tijd nergens zo hard nodig dan thuis. En het beste voorbeeld van zo’n fundament dient gegeven te worden bij heiligen der laatste dagen thuis die hun gezin rond liefde opbouwen.

    De Heiland Jezus Christus heeft aan hen die beweren zijn discipelen te zijn een verregaande instructie gegeven:

    ‘Een nieuw gebod geef Ik u, namelijk dat u elkaar liefhebt; zoals Ik u liefgehad heb, moet u ook elkaar liefhebben.

    ‘Hierdoor zullen allen inzien dat u Mijn discipelen bent: als u liefde onder elkaar hebt.’1

    Om het gebod om elkaar lief te hebben te onderhouden, moeten we elkaar met mededogen en respect behandelen, en die liefde in onze dagelijkse omgang tonen. Liefde omvat een vriendelijk woord, een geduldige reactie, een onzelfzuchtige daad, een luisterend oor, een vergevensgezind hart. Met wie we ook omgaan, deze en andere soortgelijke daden geven blijk van de liefde in ons hart.

    President Gordon B. Hinckley (1910–2008) heeft gezegd: ‘Liefde […] is de pot goud aan het eind van de regenboog. Maar liefde is veel meer dan het eind van de regenboog. Liefde bevindt zich ook aan het begin. En uit haar ontstaat de schoonheid die zich op een stormachtige dag aan de hemel uitspant. Liefde is de geborgenheid waar kinderen om huilen, het verlangen van de jeugd, het bindmiddel van het huwelijk, het smeermiddel dat wrijving in het gezin voorkomt, de vrede van de oude dag en het zonlicht van de hoop die door de dood heen straalt. Wat zijn we rijk als we de liefde in onze omgang met familieleden, vrienden, leden van de kerk en buren kennen.’2

    Liefde is de kern van het evangelie, de edelste eigenschap van de ziel. Liefde is de remedie voor zieke families, gemeenschappen en landen. Liefde is een glimlach, een gebaar, een aardige opmerking of een compliment. Liefde is offers brengen, dienen en onzelfzuchtig zijn.

    Mannen, houd van uw vrouw. Respecteer en waardeer haar. Zusters, houd van uw man. Eer hem en moedig hem aan.

    Ouders, heb uw kinderen lief. Bid voor ze, onderwijs ze en getuig tot ze. Kinderen, heb uw ouders lief. Respecteer ze, wees ze dankbaar en gehoorzaam ze.

    Zonder de reine liefde van Christus zijn we volgens Mormon niets.3 Ik bid dat we deze raad van Mormon zullen opvolgen: ‘Bidt tot de Vader met alle kracht van uw hart dat gij met die liefde — die Hij heeft geschonken aan allen die ware volgelingen zijn van zijn Zoon Jezus Christus — vervuld zult zijn, opdat gij zonen van God zult worden; opdat wij, wanneer Hij verschijnt, Hem gelijk zullen zijn.’4

    Verwijzingen tonen